Mijn iPhone staat vol notities. Kwam ik afgelopen jaar een interessant artikel of een opvallende grafiek tegen, dan maakte ik een aantekening. Zei een leerling iets interessants, deed ik alsof ik iets in het laatje van m’n bureau zocht en zette ik de zin snel in m’n mobieltje. Pas in de zomervakantie was er tijd om al die losse gedachten te ordenen. Ze vormen de basis voor de thema’s die ik komend schooljaar in ieder geval wil behandelen, en u kunt me daar bij helpen.

1. Onderwijs als markt en strijd

De avond voor de jaarlijkse Open Dag in januari worden alle vloeren geboend. Het snoep in de automaat wordt vervangen door fruit en reken er maar niet op dat ouders te zien krijgen dat in de kantine doordeweeks Turkse pizza’s, kipcorns en broodjes Unox worden verkocht. Er wordt, uiteraard, alles aan gedaan om een zo’n positief mogelijk beeld van de school te schetsen voor ouders en toekomstige leerlingen. Scholen passen zich aan de wensen van ouders en leerlingen aan.

Die invloed van ouders lijkt verder te reiken dan de inhoud van de snoepautomaat op de Open Dag. Veel scholen bieden vwo-plusklassen aan omdat concurrerende scholen in de omgeving dat ook doen, want ‘de ouders willen dat.’ Op mijn eigen school start om diezelfde reden een bètaplusklas, een eerste klas die het extra vak Science krijgt.

Komend schooljaar wil ik de school graag benaderen als wereld van markt en strijd. Zijn scholen concurrerende bedrijven? Levert het onderwijs een product en is de ouder de consument? Is het kind de consument, of een halffabrikaat dat onder druk van de ouders in de onderwijsfabriek tot een zo goed mogelijk eindproduct moet worden gemaakt?

Ik krijg graag input.

2. Wat is het verhaal achter deze grafiek?

Onderstaande grafiek kwam ik tegen toen ik onderzoek deed voor een stuk over de kwaliteit van leraren.

Bron: Powerpointpresentatie hoogleraar onderwijskunde aan de RUG W. van de Grift.
Bron: Powerpointpresentatie hoogleraar onderwijskunde aan de RUG W. van de Grift.

In de grafiek is te zien dat het percentage leerlingen dat naar havo of vwo gaat, tussen 1990 en 2010 met bijna twaalf procent is gestegen.

De vraag die ik wil beantwoorden: zijn leerlingen nou zoveel slimmer geworden, of is het onderwijs zoveel dommer geworden? Met uw hulp hoop ik het verhaal achter deze grafiek te kunnen schrijven.

3. De laatste C&M’er

Op mijn school zit dit jaar één leerling in 4 vwo die heeft gekozen voor het De afnemende interesse voor het C&M-profiel is een landelijke trend. In schooljaar 2013/2014 koos op het vwo 12 procent van de meisjes een CM-profiel en 3 procent van de jongens. Op de havo lagen deze percentages op respectievelijk 22 en 6 procent.

Ik heb een vermoeden waar die trend vandaan komt. Het profiel wordt gezien als pretpakket, want wie slim is kiest voor een N-profiel en wie later geld wil verdienen kiest E&M. Het profiel sluit bovendien alle bètastudies uit, terwijl je met een N-profiel alle studies nog kan kiezen (wie Frans wil studeren, hoeft zelfs geen Frans in zijn pakket gehad te hebben). Een leerling die aan het eind van de derde klas nog niet weet wat hij later wil worden, kan dus maar beter een N-profiel kiezen.

Maar dat lijkt slechts de uitwerking van iets wat dieper ligt. Komend schooljaar wil ik die trend verder onderzoeken. Ik vraag me af of het CM-profiel nog wel ‘van deze tijd’ is, en zo niet, hoe het dat weer kan worden.

4. Gij zult een individu zijn

Maatwerk, differentiëren en personaliseren zijn de buzzwords in het onderwijs. De leerlingen met de hoogste cijfers moeten een apart traject volgen, en de iPad kan ervoor zorgen dat iedere leerling op zijn eigen niveau en tempo werkt. Leerlingen zijn individuen, en daar moet het onderwijs zoveel mogelijk recht aan doen, is de gedachte. Ook ik ging daar ik mijn stukken voor De Correspondent vanuit. Maar is dat wel terecht?

In het boek schetst historicus Bram Mellink de opkomst van de geïndividualiseerde samenleving vanaf 1945. Hij laat overtuigend zien dat het ideaal ‘worden wie je bent’ is ontaard in groepsdwang om jezelf te zijn. Je mag worden wie je bent, als je uiteindelijk maar bent geworden zoals wij, vrije individuen. Wie van die norm afwijkt – de moslim, de orthodoxe christen, het kind met het rugzakje – moet bekeerd worden.

Ook in mijn klas heb ik afgelopen schooljaar ervaren dat al dat geïndividualiseerde onderwijs zijn grenzen kent. De leukste lessen waren de lessen waarin we met de hele klas de ideeën van Hermans (W.F., niet Toon) bespraken, kreeg ik van leerlingen te horen. Ook ik vond dat m’n leukste en beste lessen, terwijl ik aan verschillen tussen leerlingen geen enkele aandacht besteedde. Mellink schrijft daarover: ‘Het besef dat ieder mens zowel individu als groepsdier is, waardoor een vrije samenleving groepsgewijze inspanningen vergt, biedt echter een vruchtbaarder basis voor debat dan ongefundeerde individualiseringsdrang.’

Dat debat wil ik komend schooljaar graag voeren.

5. Maar waar gaat al dat geld heen?

Onderstaande grafiek kwam ik afgelopen schooljaar meermaals tegen op Twitter.

Bron: Onderwijskundige aan de UvA Michel Couzijn. Grafiek gegenereerd via Statline op basis van CBS-gegevens.
Bron: Onderwijskundige aan de UvA Michel Couzijn. Grafiek gegenereerd via Statline op basis van CBS-gegevens.

De grafiek loopt vanaf 1995, omdat dat het jaar is dat de lumpsumregeling werd ingevoerd in het voortgezet onderwijs. Sindsdien zijn de onderwijsuitgaven door het ministerie flink gestegen, terwijl het totaal aantal leerlingen in het onderwijs nagenoeg gelijk bleef en de lerarensalarissen ook niet gigantisch stegen. Oftewel: ergens lijkt een zak geld te liggen en niemand weet waar dat geld naartoe gaat.

Ik wil te weten komen of de grafiek klopt, en zo ja, waar al dat geld gebleven is.

Een lege telefoon

Zo. De notities op m’n iPhone zijn gewist. Er is ruimte voor een nieuw schooljaar, voor ideeën die u aandraagt, voor nieuwe citaten van leerlingen. Vorig jaar schreef ik dat ik een school wilde ontwerpen waar leerlingen les willen hebben, en waar docenten les willen geven, dit jaar hoop ik met u een stap verder te zetten richting dat ontwerp.

En dat het kopieerapparaat het blijft doen.

Het geheim van die ene leraar die iedereen onthoudt Goed onderwijs valt of staat bij de kwaliteit van de leraar, zo stelt het ministerie van Onderwijs in een eind vorig jaar gepubliceerde visie. Maar uit talloze onderzoeken blijkt dat de docent maar zo'n 20 procent verschil kan maken in de prestaties van zijn leerlingen. Hoe krijgen we meer leraren voor de klas die leerlingen de rest van hun leven bijblijven? Een verkenning in theorie en praktijk. Lees hier de verkenning Tijdens het schooljaar allemaal uniek, tijdens het examen allemaal hetzelfde Vandaag beginnen op alle middelbare scholen de eindexamens. Terwijl het middelbaar onderwijs steeds meer inzet op differentiatie, talent en onderwijs op maat, krijgt iedere leerling aan het eind toch dezelfde toets. Dat kan anders. Daarom, een voorstel voor een nieuw model. Lees hier het voorstel