51
Facebook
Twitter
LinkedIn
Whatsapp
E-mail

Er is een nieuwe versie van dit artikel gepubliceerd.

Bekijk de nieuwste versie hier
Als je verrassende perspectieven wilt op het einde van het fossiele tijdperk, moet je bij transitieonderzoekers Rick Bosman en Derk Loorbach zijn. Zij gebruikten hun kennis over sociale omwentelingen om de ontwikkeling van de olieprijs te analyseren.
Jelmer Mommers Correspondent Klimaat & Energie
Dit najaar halveerde de olieprijs plotseling van rond de honderd naar vijftig dollar per vat. Is dat goed of slecht nieuws voor de broodnodige overstap naar groene energie? Wij betogen dat we ons niet moeten blindstaren op een hoge of lage olieprijs, maar de voordelen moeten zien van een schommelende olieprijs. Dán wankelt de industrie en is een omslag mogelijk.

Hoe een heftig schommelende olieprijs fossiele energie langzaam overbodig maakt

Zes jaar geleden draaide de wereldeconomie op volle toeren. De euro was een sterke munt, de Amerikaanse hypotheekmarkt maakte een ongekende groei door en de olieprijs steeg vrolijk mee. Olie piekte op meer dan 140 dollar per vat. Niemand had nog gehoord van een schaliegas of schalieolie.

Niet gek ook, dat industrieën en overheden zich grote zorgen maakten over de beschikbare voorraden fossiele brandstoffen.

Die hoge prijs en gevreesde schaarste leek aanvankelijk goed voor een overstap naar windmolens, zonnepanelen en groene brandstoffen. Zaken die toen, en nu, relatief duur zijn. Maar hoe hoger de prijs voor olie en andere fossiele brandstoffen, hoe kleiner het verschil tussen groen en fossiel zou zijn. Voorstanders van groen dachten dan ook dat consumenten snel hun benzine slurpende bakken in zouden ruilen voor elektrische auto’s. En bedrijven zouden maar wat graag willen inspelen op die nieuwe vraag naar duurzaam.

De gevolgen van een hoge olieprijs

Hoe hoger de prijs voor olie en andere fossiele brandstoffen, hoe kleiner het verschil tussen groen en fossiel zou zijn

Was een hoge olieprijs echt zo goed voor groen? Tot op zekere hoogte. Mensen bleken niet geneigd op stel en sprong hun auto in te ruilen voor een schone variant. Vanwege de hoge prijzen van olie daalde het gebruik van de auto wel licht. Daarmee daalde ook de schadelijke uitstoot van het broeikasgas CO2 een beetje, zij het enkel in de westerse wereld.

Tegelijkertijd betekende een hoge olieprijs ook hoge winstmarges voor oliebedrijven. De top tien grootste beursgenoteerde bedrijven ter wereld telde in 2008 zeven olie- en gasbedrijven. Shell voerde deze lijst aan met een omzet van 458 miljard dollar (ongeveer twee keer de totale Nederlandse overheidsbegroting). Het bedrijf maakte dat jaar een recordwinst van 26,5 miljard dollar.

Minder goed nieuws voor de overstap naar groen, ook. Met hun winsten investeerden veel oliebedrijven in nieuwe, vaak risicovolle olieprojecten. Vervuilende teerzanden in Canada werden geëxploiteerd, op de Noordpool werd naar olie geboord.

En dat was niet het enige waar ze hun hogere winsten voor gebruikten. Oliebedrijven wendden het extra geld aan om significante politieke invloed uitoefenen. Zo steunde de fossiele industrie, met name ExxonMobil, Chevron en Koch Industries, het Amerikaanse Congres in 2007 en 2008 met 26 miljoen dollar in campagnebijdragen, blijkt uit analyses van Hier vind je het rapport van Oil Change International. Oil Change International.

Ook in Europa groeit de politieke invloed van oliebedrijven. The Guardian rapporteerde afgelopen week dat medewerkers van, met name, aardgasbedrijven de afgelopen jaren stap voor stap de wind- en zonne-energielobby infiltreerden. Intussen hebben vertegenwoordigers van traditionele energiebedrijven als het Spaanse Iberdrola, het Duitse E.On en het Italiaanse Enel een meerderheid in het bestuur in de Europese Wind Lees hier het artikel uit The Guardian. Energie Vereniging (EWEA) en de Vereniging voor Europese Zonne-energie Industrie (EPIA). Sinds kort zijn zowel de president als vice-president van de EPIA afkomstig van het Franse olie- en gasconcern Total.

Het gevolg? De verenigingen schroeven in hun lobby de ambities voor hernieuwbare energie terug – van 45 procent in 2030, naar 30 procent.

Toch liever een lage olieprijs dan?

Het mocht niet lang duren. Met de economische crisis van 2008 Bekijk hier het verloop van de olieprijzen. doken ook de olieprijzen naar Sommige analisten zagen een verband tussen hoge olieprijzen en het tot stilstand komen van de wereldeconomie. De meeste mensen geloofden echter dat wanneer de economie weer op gang zou komen, ook olieprijzen weer zouden stijgen en alles weer bij het oude zou zijn. De afgelopen paar jaar krabbelde de prijs gestaag weer op, samen met de wereldeconomie. Tot afgelopen herfst. Opeens implodeerde de olieprijs naar rond de 50 dollar per vat.

Lage olieprijzen stimuleren ook de vraag naar olie. Consumenten kunnen goedkoper tanken en de vraag naar suv’s neemt weer toe

De hele oliemarkt is in rep en roer. Dure fossiele projecten, waarvan bedrijven de investeringskosten alleen maar kunnen terugwinnen bij een hoge olieprijs, staan op de tocht. Lees hier meer over de plannen van Shell. In reactie op de lage olie- en gasprijzen kondigde Shell aan investeringen in nieuwe fossiele-energie-infrastructuur met 15 miljard dollar terug te schroeven. Het bedrijf Hier meer over Shell in Qatar. bevroor plannen voor ontwikkeling van een petrochemische fabriek in Qatar, kosten: 6,5 miljard dollar. BP kondigde aan meer dan vijfhonderd banen te schrappen bij hun activiteiten in de Lees hier meer over plannen van BP. Noordzee.

Het gaat nog verder. Eind vorig jaar publiceerde investeringsbank Lees hier meer over het rapport van Goldman Sachs. Goldman Sachs een verbluffend rapport. Door de lage olieprijzen, zal bijna 1 biljoen (1 met 12 nullen) aan investeringen in toekomstige olieprojecten ongedaan worden gemaakt. Volgens de bankiers van Goldman zal van de vierhonderd grootste nieuwe olie- en gasvelden ter wereld nog maar één derde financieel rendabel zijn bij een olieprijs van 70 dollar per vat. Bij de huidige prijs van 50 dollar valt nog een groter deel af.

Goed nieuws voor de transitie, zou je denken.

Toch niet. Lage olieprijzen stimuleren ook de vraag naar olie. Consumenten kunnen goedkoper tanken en de vraag naar suv’s begint in de Volgens dit bericht gaat het voorlopig nog goed met duurzame investeringen. VS weer toe te nemen. En: alternatieve brandstoffen en energiebronnen worden relatief gezien weer Voorlopig heeft de lage olieprijs echter nog geen negatieve effecten op investeringen in hernieuwbare energiebronnen. Die zijn het afgelopen jaar weer met 16 procent gegroeid naar 310 miljard dollar wereldwijd, aldus cijfers van Bloomberg New Energy Finance.

Maar waarom daalt die olieprijs eigenlijk?

Er zit iets geks aan de huidige daling van de olieprijs. In tegenstelling tot de crash van 2008, is er ditmaal geen duidelijke economische oorzaak aan te wijzen.

Er doen wel allerlei verklaringen de ronde. Experts wijzen erop dat de Verenigde Staten in de afgelopen jaren hun (schalie)olieproductie enorm hebben weten uit te breiden, waardoor er een overaanbod is op de wereldmarkt. Van oliekartel OPEC en kernlid Saoedi-Arabië werd verwacht dat zij hun productie navenant zouden verlagen om mondiale olieprijzen te stabiliseren. Het lijkt er echter op dat Saoedi-Arabië daar geen zin in heeft.

Waarom? De een ziet het als strategie om Rusland verder economisch onder druk te zetten, gezien de Russische economie erg afhankelijk is van een hoge fossiele-brandstofprijs. De ander als strategie om producenten van onconventionele (en vaak duurdere) brandstoffen zoals teerzandolie en Amerikaanse schalieolie uit de markt te drukken.

De meest vergaande theorie is dat Saoedi-Arabië de productie hoog houdt omdat het land het Lees hier meer over de Saoedische angst voor duurzaam. einde van het fossiele-energietijdperk ziet naderen. De Saoedi’s willen nog zoveel mogelijk fossiele brandstoffen produceren voordat de industrie het slachtoffer wordt van de strijd tegen klimaatverandering.

Waarom dit hét moment is

Terwijl de hele wereld de motieven van de Saoedi’s probeert te doorgronden, moeten we misschien een stap achteruit doen. Want eigenlijk is de duik van de olieprijs op zichzelf niet zo interessant – het gaat erom dat prijs fluctueert. Het gaat erom dat de dip zo snel gaat, zo onverwacht is en zo dicht op de vorige zit. En dat is niet het enige.

Al die zaken voeren de druk op voor de fossiele-energie-industrie. Tel daarbij de snelle technologische ontwikkeling van hernieuwbare energiebronnen op en het lijkt erop dat alle ingrediënten voorhanden zijn om de markten voor olie en gas op lange termijn instabiel te maken.

Hernieuwbare energie is een stabiel alternatief

In deze tijden van grote onzekerheid over de prijzen van fossiele brandstoffen heeft groene energie één bijzonder aantrekkelijke eigenschap: de kosten zijn vooraf bekend. Wanneer je een windturbine of een zonnepaneel installeert, weet je vrij exact wat dat gaat kosten en opleveren. Dit in tegenstelling tot fossiele De groene energieproductie door het jaar heen is variabel, maar de opbrengst over de totale levensduur is vrij goed in te schatten. Hierdoor zijn de kosten van deze energiebronnen, hoewel vaak nog duurder dan fossiele alternatieven, wel veel beter beheersbaar.

Door over te stappen op hernieuwbare energiebronnen kunnen (grote) elektriciteitsgebruikers vrij nauwkeurig berekenen wat hun energieprijzen zullen zijn, tot wel twintig jaar vooruit. Voor investeerders was dat lange tijd niet zo interessant – duurzaam was gewoon te duur.

Maar dat was vroeger: windmolens op land kunnen nu al concurreren met fossiel en ook zonne-energie wordt steeds goedkoper. Consumenten weten dit al langer. Slimme financieringsmechanismen schieten als paddenstoelen uit de grond. Zo zijn er momenteel leasecontracten voor zonnepanelen en hypotheken voor energieneutraal renoveren.

Sinds kort zijn de ietsjes duurdere, maar stabiele energieprijzen ook aantrekkelijk voor grootgebruikers. Bedrijven waarvoor de energieprijzen een belangrijke kostenpost zijn, ontwikkelen strategieën om op hernieuwbare energie over te stappen. Zo wil Akzo Nobel – dat net zoveel energie verbruikt als heel Litouwen - in 2020 45 procent van de energie uit hernieuwbare bronnen halen. Het is nu wachten op investeringsmaatschappijen die hun projecten in de onzekere fossiele sector gaan afdekken met grote investeringen in hernieuwbare energie.

De discussie over de oorzaken en gevolgen van een hoge of lage olieprijs raakt zo langzaam achterhaald. De beste olieprijs voor de overstap naar groen is niet hoog, niet laag, maar heftig fluctuerend.

Dit artikel is gebaseerd op het Engelstalige artikel ‘ Vind hier de Energy Post What is the ideal oil price for the energy transition?’ dat op 7 januari 2015 op de Energy Post.

Waarom blijft de olieprijs maar dalen? De olieprijs is in een halfjaar tijd met bijna vijftig procent gedaald. En de olieproducerende landen hebben onlangs besloten de olieprijs niet te verhogen. Ondertussen stroomt schaliegas in grote hoeveelheden de wereldmarkt op. Wat is er precies aan de hand? Lees hier de explainer terug

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Dan kun je gewoon verder lezen. Wij geloven niet in betaalmuren, omdat we het belangrijk vinden dat onze journalistiek zoveel mogelijk mensen bereikt. Wil jij toegang tot alle verhalen? Word dan lid!