Aan de rand van het dorp Dobromir, waar een landweggetje uitkomt op grote vlakten met landbouwgewassen die zich, ononderbroken door bomen, uitstrekken tot de Zwarte Zee, praten vijftien vrouwen tegelijkertijd op me in. Sommigen houden gerafelde documenten vast, anderen laten hun identiteitsbewijs zien om geloofwaardig over te komen.

‘Ze zijn als bandieten in het midden van de nacht gekomen en hebben ons gedwongen ons huis uit te komen,’ zegt Andrea Coman, een vrouw van ongeveer vijfenvijftig met een verweerd gezicht, gekleed in een ooit geel trainingspak dat nu goed past bij de roestige kleur van de weg waarop ze staat.

‘Een bende lokale boeven heeft ons met een groep andere oudere dorpelingen in een busje geloodst en naar een flatgebouw in Constanta [de dichtstbijgelegen grote stad, LDH] gereden. Het was donker in het gebouw en ze duwden ons als dieren in een ruimte waar een notaris wachtte. Ze lieten ons iets tekenen, maar we konden niet zien wat het was. Ze stopten ons geld in de hand, maar we wisten niet hoeveel. Toen duwden ze ons naar buiten, terug het busje in. We konden het geld pas tellen toen we thuiskwamen.’

Dit is hoe Coman in 2006 haar land kwijtraakte. Toen ze thuiskwam, telde ze het geld; het was 400 lei (ongeveer 90 euro) per hectare. Zes jaar later heeft een dochteronderneming van Rabobank het land van Coman voor ruim 2.000 euro gekocht.

Hoe dit in zijn werk gaat

Sinds 2012 heeft Rabobank minstens 939 hectare grond in Dobromir verworven. Het grootste deel daarvan wordt geleased aan de burgemeester van het dorp, Eugen Iliescu. Op de vlakten in Oost-Roemenië waar Dobromir ligt, heeft de bank nog eens 17.000 hectare gekocht. Via het beleggingsfonds Rabo Farm heeft Rabobank 315 miljoen euro in boerenland belegd, met de bedoeling het na tien tot vijftien jaar te verkopen tegen een winst die op kan lopen tot wel 900 miljoen euro.

In mijn beschreef ik hoe de landroof in dit deel van Europa in zijn werk gaat. Het voorbeeld van Dobromir toont gedetailleerder aan waarom Oost-Roemenië, waar de rivier de Donau zijn voedingsstoffen in de omringende aarde afzet, het deel van Europa is waar Rabo Farm het vaakst naar is teruggekeerd.

In de eerste plaats is daar de aarde. Vol humus en met een diepe zwarte kleur die bekendstaat als chernozem, zwarte aarde. Die is vanwege haar vruchtbaarheid zo gewild dat er in Oekraïne, waar het wettelijk verboden is grond aan buitenlanders te verkopen, ieder jaar voor 900 miljoen dollar in vrachtwagens wordt geladen om illegaal de grens over te worden gereden.

In de tweede plaats is daar de prijs. Momenteel gewaardeerd op een bedrag tussen de 2.000 en 3.500 dollar per hectare voor buitenlandse beleggers, kost landbouwgrond hier een fractie van wat je er in West-Europa voor moet betalen. Naar verwachting zal de waarde de komende tien jaar verdrievoudigen.

Waarom je land verkopen?

Maar dat zegt de dorpelingen in Dobromir niet zoveel. Burgemeester Iliescu vertelt me dat het dorp het armste is van de provincie Constanta – waardoor het weleens het armste van heel Roemenië zou kunnen zijn. Zo’n 70 procent van de inwoners is afhankelijk van een bijstandsuitkering van slechts 50 euro per maand, aangevuld met voedsel dat ze op kleine lapjes grond verbouwen en met geld dat door familieleden uit het buitenland wordt gestuurd.

Dorpelingen vertelden me waarom ze hun land verkochten: om een huwelijk te kunnen betalen of een ziek familielid te kunnen ondersteunen

Dus toen de vraag naar land begon toe te nemen, in de jaren vóór de toetreding van Roemenië tot de Europese Unie in 2007, wilden veel dorpelingen graag verkopen. Dikwijls hadden ze het geld voor iets dringends nodig. De dorpelingen waarmee ik heb gesproken, vertelden me waarom ze hun land verkochten: om een huwelijk te kunnen betalen, naar het buitenland te kunnen reizen voor werk of een ziek familielid te kunnen ondersteunen.

Maar slechts weinigen wilden hun land verkopen op de manier die hun werd opgedrongen, zoals aan de vrouwen op de landweg. Na tientallen interviews en de analyse van honderden documenten in het kadaster wordt duidelijk dat bijna al het land dat Rabobank in Dobromir en de omringende dorpen heeft gekocht, verkregen werd met behulp van drie tussenpersonen. Die tussenpersonen hebben op hun beurt een groep plaatselijke zwaargewichten ingezet om de grond te pakken te krijgen, onder aanvoering van ene Gheorghe Papuc.

Het verhaal dat iedereen vertelt

De naam van Papuc gaat in Dobromir van mond tot mond. Zij kennen hem als een naaste medewerker van de vroegere burgemeester van het dorp, Iusein Visel, die in 2012 werd weggestemd.

Vorig jaar werd een onderzoek tegen deze twee gestart door het Nationale Anticorruptie Directoraat, op verdenking dat zij hadden samengewerkt om voor ruim 200.000 euro aan landbouwsubsidies van de staat te stelen. En ze kenden hem als een scout die land vergaarde voor wat de dorpelingen telkens de ‘maffia’ noemen.

Ramona Constantin is een gepensioneerde die vijf hectare land aan Papuc heeft verkocht, nadat haar oom was overleden en haar de grond had nagelaten. Documenten die De Correspondent heeft ingezien, lijken erop te duiden dat een deel van dit land vervolgens is doorverkocht aan Rabo Farm.

‘[Papuc] en zijn mannen kregen van Visel de namen van alle ouderen die land in bezit hadden. Vervolgens namen ze ons op de korrel,’ zegt Constantin. ‘Ze stonden ’s nachts op straat en riepen onze namen, urenlang als dat moest, totdat we naar buiten kwamen.’

De rest van haar verhaal zal ik nog vaak horen: ze werden allemaal per bus naar Constanta afgevoerd om de notaris te ontmoeten, waar ze in het donker documenten ondertekenden en in ruil daarvoor een bundeltje bankbiljetten kregen – nooit meer dan honderd euro per hectare. Niemand die ik heb gesproken weet aan wie zijn of haar grond is verkocht.

Wie is deze Gheorghe Papuc?

Papucs naam komt nergens voor in de kadastergegevens die betrekking hebben op Rabobank. Uit de documenten blijkt dat de dochteronderneming Kamparo Investment van de bank in Dobromir en omringende dorpen land heeft gekocht via drie tussenpersonen: Stefan Babos Parcalab, Gabriel Ovidiu Stefanescu en Marius Octav Moronescu.

Ons bewijsmateriaal duidt erop dat Kamparo een exclusief contract had met deze bemiddelaars, om ervoor te zorgen dat Kamparo in deze omgeving alleen van hen zou kopen, of van de bedrijven waarmee zij samenwerkten.

Toen we Dick van den Oever, managing director van Rabo Farm, vroegen of dit het geval was, zei hij: ‘Ik weet niet uit mijn hoofd wat voor overeenkomst we hebben met specifieke tussenpersonen, maar in beginsel zou ik zeggen dat als ik een overeenkomst heb met iemand die in een bepaald gebied werkzaam is, ik er de voorkeur aan zou geven op exclusieve basis met hem te werken.’

Als we de documenten van het kadaster mogen geloven, kochten Babos, Stefanescu en Moronescu het land dat ze aan Kamparo verkochten rechtstreeks van de dorpelingen, beginnend in 2005 en doorlopend tot in 2014. Maar deze documenten vertellen niet het hele verhaal.

Op bezoek bij Papuc

Gesitueerd achter een krakkemikkig hek van kippengaas, naast een drukke weg, lijkt het kantoor van Papuc niet op de werkplek van een maffiabaas. Op een kartonnen bord aan het hek wordt brandhout te koop aangeboden. Binnen maakt de sjofele bungalow de indruk alsof hij haastig is gebouwd. Als ik dichterbij kom, haast een zwaargebouwde man zich de deur uit naar het hek en stelt zichzelf voor als ‘de bewaker.’ Korte tijd later arriveert Papuc met zijn vrouw.

‘Ze hebben me afgezet. Vervolgens kon ik mijn mannen niet betalen, dus die hebben zich tegen mij gekeerd’

Gebouwd als een bokser, praat Papuc graag over zijn bedrijf. Hij legt uit hoe hij in de loop der jaren veelvuldig voor Stefanescu, Babos en Moronescu heeft gewerkt, door een team van scouts bijeen te brengen om voor hen in totaal 1.700 hectare aan land in Dobromir en de omringende dorpen te vergaren.

Hiervoor werd hem een betaling van 400 lei (ongeveer 90 euro) per hectare in het vooruitzicht gesteld – hetzelfde bedrag dat de dorpelingen in Dobromir naar eigen zeggen voor hun grond hebben gekregen. Maar Papuc zegt dat hij nooit het volledige bedrag heeft ontvangen. ‘Ze hebben me afgezet,’ zegt hij. ‘Vervolgens kon ik mijn mannen niet betalen, dus die hebben zich tegen mij gekeerd.’

Hoe het verder ging

Uit de kadastergegevens blijkt dat Kamparo Investment ook honderden hectares in Dobromir en omringende dorpen heeft gekocht van een bedrijf, genaamd Retail Development Services, dat Stefanescu, Babos en Moronescu eveneens als exclusieve tussenpersonen heeft gebruikt. Retail Development Services heeft het land drie tot vijf jaar vastgehouden alvorens het aan Kamparo Investments door te verkopen.

Uit gegevens van de Kamer van Koophandel blijkt dat Retail Development Services zijn uiterste best heeft gedaan om verborgen te houden wie de eigenaren zijn. De enige aandeelhouder van het bedrijf staat geregistreerd als Spalato Company Ltd, dat een postadres heeft op Cyprus. Spalato is op zijn beurt in bezit van Vane Investment Corp en Tegor Holdings, die in Liberia geregistreerd staan – een van de zeven landen ter wereld die door de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) op de zwarte lijst zijn gezet als ‘niet-coöperatieve belastingparadijzen.’

Wat gebeurt er als je het geld volgt?

In samenwerking met de Thomson Reuters Foundation hebben we de Liberiaanse onderzoeksjournalist Rodney Sieh gevraagd om uit te zoeken wie er achter Vane Investment Corp en Tegor Holdings schuilgaat of -gaan. De bedrijven waren volgens hem door een advocaat opgericht en fungeerden als holdings, waarna alle fondsen opnieuw waren weggesluisd naar een onbekende belastingjurisdictie. Met betrekking tot deze bedrijven stond geen enkele naam – niet eens die van de advocaat – geregistreerd.

Maar uit documenten van het Roemeense kadaster komt één belangrijke naam naar voren als vertegenwoordiger van Retail Development Services – die van Menachem Metzger. Metzger is een Israëlische zakenman die een paar jaar geleden in eigen land in de problemen is gekomen, toen hij met ruim vier miljoen dollar aan onafgeloste schulden zijn faillissement aanvroeg.

Volgens rechtbankverslagen werd Metzgers bankrekening bevroren en zijn paspoort ingetrokken en mocht hij het land niet verlaten. Toch wist hij te ontsnappen. Nu kan zijn naam worden aangetroffen als beheerder van een aantal Roemeense bedrijven, met een totaalwaarde van net geen half miljard euro. Op één na zijn al deze bedrijven op Cyprus geregistreerd, en naar verluidt is er naar één ervan een onderzoek ingesteld door de Roemeense Nationale Anticorruptiedienst op verdenking van witwaspraktijken.

De burgemeester die vrij van corruptie wilde blijven

Sinds hij drie jaar geleden burgemeester van Dobromir werd, heeft Eugen Ilieuscu vrienden en vijanden gemaakt. Veel mensen hier zeggen dat hij het dorp heeft bevrijd van de maffia die zich om de vroegere burgemeester Visel had gevormd. Een oude man genaamd Petrica Oriviceanu vertelt me hoe Iliescu hem heeft geholpen zijn land terug te krijgen nadat dat illegaal van hem was afgenomen en in 2012 was verkocht aan Kamparo Investment. Iliescu was erachter gekomen wat er was gebeurd, had Oriviceanu geïnformeerd en vervolgens een advocaat betaald om Kamparo en de andere betrokkenen voor de rechter te slepen. Na een paar weken had Oriviceanu zijn land terug.

Anderen zijn minder tevreden. Iliescu controleert nu bijna alles in Dobromir – inclusief 882 hectare land, in bezit van Rabo Farm. Daarbovenop heeft hij nog eens een boerderij met land ter grootte van 2.300 hectare. Hij vertelt me hoe hij alles wat hij produceert, verkoopt aan de Amerikaanse landbouwgigant Cargill, die het weer doorverkoopt: ‘Tarwe aan Egypte, raapzaad aan Nederland en gerst aan de Verenigde Arabische Emiraten.’

We ontmoeten elkaar op zijn verzoek in een naburig dorp, in een klein, slecht verlicht café. Afgezien van een jonge vrouw die achter de bar met haar telefoon speelt, is er niemand aanwezig, en dat blijft zo, de hele twee uur dat ik er ben.

‘Zelfs Stefanescu en Babos zorgden ervoor dat ze vuile handen kregen – die zetten Papuc in om het land voor hen te verwerven en keken de andere kant op wanneer hij dat deed’

Ik vraag hem waarom Kamparo Investment tussenpersonen heeft gebruikt in plaats van hun eigen mensen naar Dobromir te sturen. ‘Zij hadden geen tijd om achter documenten aan te zitten, verkopers te zoeken en alle rompslomp af te handelen,’ zegt hij. ‘We hadden jongens die dat allemaal voor hen deden en dat kwam Kamparo goed uit, omdat het makkelijker was. En het betekende dat ze altijd schone handen hielden. Zelfs Stefanescu en Babos zorgden ervoor dat ze vuile handen kregen – die zetten Papuc in om het land voor hen te verwerven en keken de andere kant op wanneer hij dat deed.’

We hebben de klachten van de dorpelingen uit Dobromir aan Rabobank voorgelegd. Het antwoord luidde: ‘Het proces van ‘due diligence’ voor de aankoop van land voorziet in een controle van de verkopende partijen en de tussenpersonen. Dit heeft in een aantal gevallen geleid tot stopzetting van de samenwerking met bepaalde tussenpersonen. We nemen de aantijgingen serieus. We zullen alle nieuwe informatie gebruiken om onze zakelijke relaties te herzien en eventueel te beëindigen, mochten uw aantijgingen juist blijken te zijn.’

Maar op dit moment zijn de tussenpersonen van Rabobank nog steeds hard aan het werk in Dobromir. Toen ik het dorp deze zomer bezocht, vertelde burgemeester Ilieuscu me dat Stefanescu en zijn advocaat er die week waren geweest, ‘met een koffer vol geld,’ terwijl ze nieuwe eigendomsbewijzen tekenden voor het land dat door Papuc en zijn mannen was verkregen.

Wat dit over Roemenië zegt

Illustraties: Gijs Kast
Illustraties: Gijs Kast

Voordat ik het dorp verlaat, loopt een jonge vrouw die haar hele volwassen leven in Dobromir heeft gewoond en gewerkt – en die graag anoniem wil blijven – met me mee naar de boerderij van Iliescu. Gebouwd op de plek van de vroegere collectieve boerderij maakt hij een glimmende en efficiënte indruk. Gloednieuwe John Deere-tractoren staan buiten grote opslagloodsen van stalen golfplaat, terwijl iemand hooibalen verplaatst met een vorkheftruck. Het zou net zo goed Frankrijk of Nederland kunnen zijn.

‘Iliescu heeft hiermee een fatsoenlijk imago gecreëerd, maar dit is over onze ruggen gebouwd,’ zegt ze. Sinds de tijd dat Roemenië deel ging uitmaken van de Europese Unie hebben bijna alle dorpelingen hier hun land verkocht, of is het van hen afgenomen. Nu hebben ze daar vreselijk veel spijt van. Er staat niets op hun naam. Het betekent dat ze voor bijna niets kunnen worden gekocht door iedereen die burgemeester wil zijn. Het is jammer, maar dit is hoe onze lokale politici de democratie zien.’

Dit artikel was niet mogelijk geweest zonder de hulp van Milvus Wildlife Protection Group, Annet Rost, Attila Szocs, Stefan Candea, Andreea Pavel, Manuela Boghian, en Elena uit Dobromir. Het onderzoeksproject werd verder gefinancierd door de Robert Bosch Stiftung en JournalismFund.eu.

Lees hier de andere verhalen terug:

De Roemeense investeringen van de Rabobank zijn met verhalen over corruptie omgeven. Wat zijn onze bevindingen? Met een team Roemeense journalisten onderzocht ik de beleggingen van Rabobank in Roemeense landbouwgrond. Roemeense partners van de bank zouden op dubieuze wijze land hebben verkregen in een paar van de armste en meest corrupte regio's van het land. In dit artikel zet ik onze belangrijkste bevindingen van ruim een jaar onderzoek op een rijtje. Lees hier de belangrijkste bevindingen op een rij

Hoe gestolen landbouwgrond in handen van Rabobank terechtkwam Ruim een jaar geleden stuitte ik op een mysterie: Roemeense boeren ontdekten dat hun land, zonder medeweten, was verkocht. Met collega Sorin Semeniuc volgde ik een jaar lang het financiële spoor en kwam ik uit bij Rabobank. De Nederlandse bank heeft middels een fonds vele miljoenen in Roemeense landbouwgrond geïnvesteerd. Hoe zijn ze aan die grond gekomen? Lees hier het eerste verhaal terug

Hoe ons artikel over Rabo Farm in Roemenië tot stand kwam Waarom zou je eigenlijk voor journalistiek betalen als die je ook gratis wel bereikt? Omdat het soms honderden uren werk kost om een verhaal te maken. Meestal zie je daar alleen het eindresultaat van. Daarom: een kijkje in de keuken. Lees hier over het ontstaan van deze serie