Bij De Correspondent hebben we jullie bijdragen hoog in het vaandel staan. Want uit die bijdragen - onder stukken, per e-mail of tijdens bijeenkomsten - doen correspondenten de beste ideeën voor nieuwe verhalen op.

Niet voor niets beginnen we veel series tegenwoordig met een oproep: welke vragen leven er bij jullie over dit onderwerp? Zo:

Gwen, de ‘dame met de bevallige vlecht’, beantwoordt honderden vragen van leden per dag
Gwen, de ‘dame met de bevallige vlecht’, beantwoordt honderden vragen van leden per dag

Vaak krijgen we ook vragen die niet over een specifiek thema of artikel gaan. Vragen over ons platform of over onze redactionele keuzes. De meeste van die vragen beantwoordt onze redactie-assistent (door één mailer ooit omschreven als ‘de dame met de bevallige vlecht’) - of zijn terug te vinden op onze pagina met

Maar omdat sommige vragen vaker de revue passeren en de antwoorden erop interessant kúnnen zijn voor andere leden, wil ik vanaf nu met enige regelmaat een selectie van die vragen hier beantwoorden. Mijn keuze is volstrekt subjectief: als ik denk dat de vraag relevant kan zijn voor meer mensen dan alleen de vragensteller zelf, zet ik hem ertussen. Maar als je vragen mist, stel ze dan vooral hieronder. Dan kom ik er in de bijdragen of in een volgend artikel op terug.

Welnu, hieronder de vijf vragen die jullie ons de afgelopen maand meermaals stelden - in willekeurige volgorde.

1. Waarom hebben jullie (bijna) niks over Keulen geschreven?

Het eerste en enige stuk tot nu toe op De Correspondent over de intimidatie en aanranding van een grote groep vrouwen op Oudejaarsavond in Keulen was over de speculatie die erop volgde. Dat het daarna stil bleef over het onderwerp leidde bij een aantal leden tot de vraag: beschouwen jullie dit als ‘waan van de dag’?

Het antwoord: nee, we beseften al vrij snel dat dit geen ‘waan’ was. De gebeurtenis had vrij direct politieke en maatschappelijke consequenties - variërend van grote demonstraties tot nieuwe wetten op het gebied van vluchtelingenbeleid. Een stuk daarover zou zeker passen bij een platform dat nieuwswaarde probeert af te meten aan maatschappelijke impact.

Ons grote stuk over Keulen is in de maak

Daarom hebben we daags na het voorval een opdracht uitgezet bij twee Duitse onderzoeksjournalisten met de vraag: kunnen jullie zo precies mogelijk reconstrueren wat er gebeurd is? Dat wilden ze graag. Maar gemakkelijk is dat niet: het zou, schatten zij, zeker twee tot drie maanden kosten om het tot op de bodem uit te zoeken.

Nu kun je zeggen: dat is wel heel lang. Maar juist vanwege de impact van de gebeurtenis en de talloze tegenstrijdige berichten die er - nog steeds - de ronde over doen, lijkt het ons de moeite lonen zo’n reconstructie te publiceren, ook al is het maanden na dato. Het bewijst maar weer eens hoe moeilijk zuivere verslaggeving over dit soort zaken is: de tijd die ervoor nodig is, lijkt haast onacceptabel lang in een tijd waarin nieuws al na een paar dagen ‘oud’ voelt.

Kortom: ons grote stuk over Keulen is in de maak.

2. Waarom zitten jullie niet in Blendle?

Deze vraag krijgen we geregeld en het antwoord bestaat uit drie delen: een praktisch, een technisch en een ideologisch.

De praktische reden is dat - een online kiosk waar je losse artikelen uit kranten en tijdschriften kunt kopen - een oplossing is voor een probleem dat wij niet hebben: het digitaal toegankelijk en deelbaar maken van papieren artikelen. Dat zijn onze artikelen al.

De technische reden is dat veel functies van ons platform niet werken in Blendle, zoals de bronnen aan de zijkant (sidenotes), die uitleg geven bij namen of begrippen (infocards) en het beeld boven en in de artikelen. Nu zou dat natuurlijk verholpen kunnen worden, maar liever hebben we dat lezers (en potentiële leden) ons leren kennen via ons eigen platform. Ook kunnen updates aan het huidige platform minder snel doorgevoerd worden als het ook op Blendle aangepast moet worden.

De ideologische reden is de voornaamste: onze journalistieke werkwijze is gebaseerd op wat Joris Luyendijk ‘je leercurve delen’ noemt. Dat wil zeggen: correspondenten hopen diepgang in hun journalistiek te bereiken door niet in losse artikelen maar in series te werken - variërend van oproepen tot kleine updates tot grote verhalen. Wij hopen dat leden correspondenten gaan volgen in hun ‘journalistieke reis’ door een bepaald thema of onderwerp - om zo de leercurve te doorlopen die de correspondent met hen deelt.

Artikelen los verkopen, zoals in Blendle gebruikelijk is, past niet zo goed bij deze volgfilosofie. Bovendien: in Blendle is nauwelijks interactie mogelijk. We hopen juist dat jullie met ons in gesprek raken over de stukken - en deze met kennis, ervaring en expertise verrijken. Daarbij komt: leden kunnen onze stukken vrijelijk delen met wie ze maar willen. Daar zit ook de gedachte achter dat journalistiek niet alleen een product maar ook een ‘maatschappelijk goed’ is. Nóg eens betalen voor ieder los artikel, past niet bij dat uitgangspunt.

3. Waarom hebben jullie geen interactieve artikelen?

In zekere zin zijn ál onze artikelen interactief, want eronder vindt vaak een interessant en verrijkend gesprek tussen correspondenten en leden plaats.

Mijn vermoeden is dat deze vraag doelt op wat de wordt genoemd: artikelen met heel veel interactieve, multimediale elementen als bewegende infographics, filmpjes en audio erin.

Interactieve artikelen zijn geen doel op zich. Wel willen we op den duur experimenteren met andersoortige interactiviteit

Nu is het niet zo dat wij nooit van dat soort verrijking gebruikmaken. Maar ons devies is wel: alleen als het écht functioneel is. Snowfall, het multimedia-artikel van dat een paar jaar geleden furore maakte als de toekomst van de online journalistiek, is niet de standaard waar wij bij De Correspondent naar streven.

Want, hoe mooi dat soort artikelen er ook uitziet, het is niet de effectiefste manier om informatie tot je te nemen. Heel veel multimedia in een artikel leidt ook af, waardoor je de informatie al helemaal niet tot je neemt. En dat is iets waar onze ontwerpers enorm voor waken: niet voor niets schreef onze creative director Harald Dunnink onlangs dat ‘rust’ van zijn ontwerpfilosofie is.

Dat zie je in het hele ontwerp van dit platform terug. Zo hebben we op desktop, laptop en tablet de links uit de stukken gehaald en aan de zijkant gezet om de tekst rustiger leesbaar te maken. Bovendien is onze homepage in vergelijking met de meeste nieuwssites extreem rustig: het aantal kopjes, knopjes en grafische elementen is minimaal gehouden.

Kortom: interactieve artikelen zijn geen doel op zich. Wel willen we op den duur experimenteren met andersoortige interactiviteit. Bijvoorbeeld: dat je in een artikel over belastingen je eigen inkomen kunt invullen en dat de tekst zich daarop aanpast. Maar Snowfallachtige tierlantijnen zul je hier niet zo snel aantreffen.

4. Komen er nog correspondenten met een andere politieke kleur?

Op deze vraag zou ik een vierduizend woorden tellend essay als antwoord kunnen geven. Over wat je precies onder ‘politieke kleur’ moet verstaan. Over de grote - maar misschien niet altijd even zichtbare - verschillen in politieke opvattingen die er nu al tussen onze correspondenten bestaan. En over de moeilijkheid van begrippen als ‘links’ en ‘rechts’: begrippen die vaker als verwijt dan als correcte weergave van iemands politieke voorkeur worden gebruikt.

Maar, laat ik me beperken tot een veel simpeler antwoord: ja. Want, zoals jullie wellicht weten, willen we De Correspondent In culturele achtergrond van de correspondenten, maar evengoed in wereldbeelden, expertises en politieke kleur. Hoe diverser, hoe beter. Een streven dat zijn ‘eindpunt’ nooit bereikt.

5. Hebben correspondenten een quotum voor artikelen?

Nee, dat hebben ze niet. Soms is een correspondent weken, misschien zelfs wel maanden bezig met een artikel. Een andere keer publiceert een correspondent juist meerdere artikelen per week, bijvoorbeeld als hij of zij net op reis is geweest en daar bij thuiskomst verslag van doet.

Wel is het zo dat van correspondenten verwacht wordt dat ze hun journalistiek volgbaar maken voor leden. Dat betekent: er moet een zekere regelmaat in zitten. Als je weken niks van een correspondent hoort, verlies je hem of haar misschien uit het oog. Dat is niet de bedoeling.

Daarom schrijven de vaste correspondenten gemiddeld wekelijks een update en maandelijks een groter verhaal. Bij gastcorrespondenten varieert het meer: sommigen schrijven een tijdlang wekelijks een nieuwe aflevering in een serie, anderen hebben een lagere frequentie (zoals die zeer arbeidsintensieve minidocumentaires voor ons maakt).