‘Ik kan niet tegen homo’s.’

Aan het woord is een vlotte vijftienjarige jongen – glimmend Adidaspak, mooi kroeskapsel – van een Amsterdams vmbo in Amsterdam tijdens de les ‘Liefde is…’ van sekscentrum Qpido.
‘Als ze zich gedragen zoals hetero’s,’ zegt zijn klasgenoot lachend, ‘dan valt het nog wel mee.’

Vijf minuten later zegt de eerste: ‘Ik heb respect voor iedereen.’
Voorlichter: ‘Wat is dat dan?’
‘Dat je mensen accepteert zoals ze zijn.’
‘Ook homo’s?’
‘Ja, toch.’

Recent schreef ik over de staat van de seksuele voorlichting in Nederland. Ik sprak met deskundigen, pedagogen en makers van programma’s van seksuele voorlichting en kwam erachter dat heel onduidelijk is wat Nederland hieraan doet en het toezicht erop ontbreekt.

Nu zit ik dan daadwerkelijk bij een les over liefde, seks, relaties en grenzen. En zie ik hoe veelomvattend en belangrijk een goed gesprek over seksualiteit kan zijn. Maar hoe moeilijk het is dat te voeren.

Hoe ziet zo’n les eruit?

De les die ik op het Stelle College mag bijwonen, is onderdeel van een vierdelig lespakket van expertisecentrum voor relaties, liefde en seks bij jongeren Het expertisecentrum geeft – als een van de weinige in Nederland – gescheiden les: de vijftien jongens van diverse etnische achtergronden zitten vandaag apart van hun vrouwelijke klasgenoten. Meisjes leren grenzen voelen en aangeven. Jongens worden zich bewust van het beeld dat ze over meisjes en vrouwen hebben en hoe ze hen benaderen.

De voorlichters van Qpido zijn begin dertig en goed op elkaar ingespeeld. Mike Eudoxie is speels, open en praatgraag. Tommy Akondo is een grote vriendelijke beer die kalm waarschuwingen geeft en zo nodig jongens naar de gang stuurt. Ze dragen beiden, net als de jongens in de klas, sneakers die eruitzien alsof ze net uit de winkel komen.

Ze snappen de taal die de jongens spreken (‘Ik heb drie flows [scharrels, DB]’) en maken er geen probleem van als deze wat vulgair wordt (‘Ik ben een man omdat ik een kut heb gezien’). Ook houden ze de voor hen onbekende, drukke groep redelijk onder controle, waardoor ze veel stof kunnen behandelen.

Aan het einde is seksualiteit veel openlijker bespreekbaar en merkt hij dat ze bepaalde dingen hebben opgepikt

Al blijven sommige onderwerpen wat aan de oppervlakte. Bijvoorbeeld als het verschil tussen mannen en vrouwen wordt besproken. De vrouw krijgt van de klas vol jongens enkel uiterlijke kenmerken toebedeeld (borsten, billen, heupen, baarmoeder), terwijl ze aan de man wél innerlijke eigenschappen toeschrijven: zorgzaam, sterk en verantwoordelijk.

Mike Eudoxie en Tommy Akondo vragen door, voeren een gesprek en geven bewust niet altijd het ‘goede antwoord’ waardoor de sfeer veilig en oprecht is. Maar het wordt toch geen moment zo vertrouwd dat er een diepgaand gesprek ontstaat over wat mannelijk- en vrouwelijkheid nog meer kan betekenen.

Na de les legt Eudoxie uit dat het per niveau verschilt hoe diepgaand het gesprek wordt. ‘Bij een havo- of vwo-les gaat het alweer heel anders.’ Het kost bovendien tijd om het vertrouwen van de pubers te winnen op dit onderwerp. Aan het einde van de vier lessen, zo leert de ervaring, is seksualiteit veel openlijker bespreekbaar en merkt hij dat ze bepaalde dingen hebben opgepikt.

En werkt dat?

Willemijn Krebbekx, die aan de Universiteit van Amsterdam onderzoek doet naar seksualiteit en diversiteit, kan me uitleggen wat er precies tijdens zo’n les gebeurt.

Terwijl programma’s in Nederland gericht zijn op het individu (‘Wat vind jij van homoseksualiteit?’ ‘Hoe ervaar jij verliefdheid?’), doet een klas tijdens deze seksuele voorlichting aan ‘collectieve seksualiteit,’ aldus Krebbekx.

Belangrijk volgens haar, want waar in theorie seksualiteit wordt voorgesteld als iets wat opgeslagen ligt in het individuele lichaam, klaar om geuit te worden onder invloed van lichamelijke en hormonale ontwikkelingen, lijkt het in de praktijk een sociaal en collectief proces.

Leerlingen evalueren continu, maken grapjes, laten foto’s zien, dagen elkaar uit.
Dat gebeurt natuurlijk niet alleen tijdens seksuele voorlichting, maar het wordt wel versterkt mede omdat de lessen zo persoonlijk zijn ingestoken. ‘Bij wiskunde vraagt niemand wat de stelling van Pythagoras voor je betekent.’

Zelf liep Krebbekx voor haar onderzoek ook meerdere maanden mee met seksuele voorlichting op drie verschillende scholen. Ze maakte een les mee waarin de docent besloot het bekertjesspel te spelen met een mbo-klas. Iedere leerling krijgt hierbij een bekertje gevuld met water, in één van de bekers zit suiker. Vervolgens lopen de leerlingen door de klas en schenken ze water bij elkaar in. De suiker symboliseert het hiv-virus; de uitwisseling het seksueel contact. Doel van het spel is dat leerlingen zien hoe snel aids zich verspreidt.

Krebbekx: ‘Aan het einde van het spel zat alleen bij de vier minst populaire meisjes geen suiker in het water. Impliciet werd daardoor duidelijk dat zij niet seksueel actief waren. Een van die meisjes meldde zich de volgende dag ziek. Het onderwerp roept heftige emoties op en benadrukt de sociale hiërarchieën en structuren die al in zo’n klas aanwezig waren veel meer dan bij andere lessen.’

De bedoeling van seksuele voorlichting in Nederland is dat leerlingen in de toekomst individuele en gezonde seksuele keuzes kunnen maken, denkt Krebbekx. ‘Maar wat wordt vergeten, is dat in de praktijk seksuele voorlichting veel meer doet dan toekomstige individuele gezondheid beïnvloeden.’

Collectieve seksualiteit in de praktijk

Dat zoeken naar sociale structuren zie ik ook terug bij de jongens van het Stelle College. Ze roepen veel in het wilde weg (‘Het verschil tussen porno en echte seks is strakke en losse kutten’) en lijken dit vooral te doen om hun plek in de groep te vinden. Alleen af en toe klinken vragen oprecht geïnteresseerd, zoals: ‘Meester, als een vrouw geil is, wordt haar vagina toch vanzelf groter?’

Het verwarrendst is hun dubbele moraal, zoals blijkt uit hun houding tegenover homoseksualiteit. Volgens Krebbekx is het fout om jongens door dit soort uitspraken direct als homofoob en seksistisch te bestempelen. Want ook deze antihomoseksuele houding kan deel uitmaken van collectieve seksualiteit: het is een moment om een vorm van mannelijkheid te presenteren waarvan ‘homo’ het tegenovergestelde is.

Ook de eeuwenoude oefening met het condoom wordt uitgevoerd

Het is verder belangrijk om te kijken welke rol etniciteit krijgt in de les, zegt Krebbekx. Omdat bijvoorbeeld leerlingen met een moslimachtergrond (uit goede bedoelingen) telkens over het onderwerp homoseksualiteit worden voorgelicht en stelling moeten innemen ‘voor’ of ‘tegen’ homo’s.

Op het Stelle College raken de jongens pas echt geïnteresseerd als de Rode Box opengaat. Begeleider Akondo staat in het midden van de klas en alle jongens komen nieuwsgierig om hem heen staan. Niemand maakt meer stoere opmerkingen. Eén voor één haalt Akondo diverse anticonceptiemiddelen uit de doos: een spiraaltje, vrouwencondoom, glijmiddel (‘Mag ik dat even op mijn hand voelen?’) en ook de eeuwenoude oefening met het condoom wordt uitgevoerd.

De jongen die dit mag voordoen: ‘Ik voel me wel een gay nu.’
Eudoxie: ‘Stel je niet aan man, het is een neppik.’

Meer verhalen over seks:

Het is volstrekt normaal als kinderen van anderhalf masturberen. Maar waarom weet niemand dat dan? Vier op de tien meisjes hebben last van grensoverschrijdend seksueel gedrag. De helft van de jongens reageert negatief op homoseksualiteit. Goede voorlichting kan seksualiteit en het gesprek erover verbeteren. Maar een overzicht van wat eraan gedaan wordt, ontbreekt. Lees het verhaal hier terug Seks gaat niet alleen over genot of voortplanting. Het gaat ook over jezelf Veel seksgesprekken gaan over genot of voortplanting. Het taoïsme en de tantra proberen daar een diepere laag aan toe te voegen: die van het zelfbewustzijn. Hoe werkt dat? Lees het verhaal hier terug Praten over seks. Zo moet het niet Evenementen over seks zijn een hype. Stop het woord ‘seks’ in de titel en de kaartjes vliegen de deur uit. Maar het gaat echt niet beter in bed nadat je naar zo’n lezing bent geweest. Hoe kunnen we wel over seks praten? Lees hier mijn verslag van die debatavonden terug