Vorige week kondigde ik aan dat ik De Correspondent ga helpen met het lanceren van The Correspondent, haar Engelstalige uitbreiding. Dat doe ik met een speciaal onderzoeksproject genaamd Niet alleen nuttig voor de Atlantische oversteek van De Correspondent: het moet uiteindelijk ook Amerikaanse nieuwsorganisaties helpen met een lidmaatschapstrategie.

Om te beginnen vroeg ik mij af: wat drijft lezers van De Correspondent ertoe leden te worden en te betalen voor journalistiek? Vier leden vertellen.

Het trotse lid

Marlies van Eck werkt voor de Nederlandse overheid en doet promotieonderzoek aan Tilburg University naar de rechtsbescherming voor burgers bij geautomatiseerde besluiten van de overheid.

1. Waarom ben je lid van De Correspondent? Waarom steun je het?
‘Ik ben een trots lid van De Correspondent omdat ik het zinvol vind onderdeel te zijn van een groep mensen die onafhankelijke journalistiek financiert. Zelfs als er geen ‘fake news’ zou zijn geweest, dan zijn er alsnog bedrijven en adverteerders die bepalen wat nieuws is. Dit maakt het moeilijk om te bepalen hoe onafhankelijk journalisten zijn.’

2. Wat voor soort hulp bied je aan als je kennis deelt of correspondenten helpt?
‘Ik probeer om kennis toe te voegen aan onderwerpen die me goed liggen, of ik haal gebeurtenissen uit het verleden aan. Ik zoek eerst via Google naar goede bronnen en die voeg ik dan toe. Ik ben me daarbij wel bewust van mijn positie als ambtenaar maar omdat je als lid bij De Correspondent onder je eigen naam reageert is die transparantie juist ook een belangrijk voordeel. Deze openheid maakt het mogelijk om mijn werkgever te laten zien dat ik transparant ben en binnen de grenzen reageer, al vinden veel collega’s dat ik de regels overtreed. Mijn tweede baan is dan handig: als buitenonderzoeker heb ik meer vrijheid om deel te nemen aan een debat. Ik heb zelfs twee stukken geschreven voor De Correspondent naar aanleiding van een discussie die ik met hun correspondenten had. Ik vond de bijdragensectie niet uitgebreid genoeg om dingen uit te leggen, dus bood ik aan en daar reageerden ze positief op. Dat was geweldig.’

3. Waarom deel je je kennis? Wat motiveert je om te delen wat je weet?
‘Ik probeer alleen iets toe te voegen als het onbekend is. Ik ben gemotiveerd om kennis te delen omdat ik simpelweg reacties van correspondenten krijg. Als ze niet zouden reageren, zou ik geen motivatie hebben om dat ook te doen. Ja, misschien is dat kinderachtig, maar als informatie gewoon in een zwart gat zou belanden, dan is het plezier of het gevoel van participatie weg. De Correspondent omarmt het idee ‘niemand weet alles, we hebben elkaar nodig.’ Dit maakt het makkelijk om te reageren. Ze pretenderen nooit alles te weten, zoals sommige journalisten doen.’

4. Waarom vertrouw je De Correspondent? Waarom vertrouw je het meer dan andere Nederlandse media, als dat zo is?
‘Het is normaal gesproken heel moeilijk om journalisten te vertrouwen denk ik, maar tegelijkertijd voel ik dat de samenleving meer dan ooit onafhankelijke onderzoeksjournalistiek nodig heeft. Ook omdat zij dingen kunnen veranderen in Nederland: niet academici en hun papers, niet advocaten, niet het parlement, maar de verhalen van journalisten doen dat.’

‘Ik bestudeer geautomatiseerde beslissingen van de overheid. Kun jij als burger echt opkomen tegen deze beslissingen, of is het een ritueel en bepaalt de computer de regels? De enige mensen die de overheid hebben gedwongen iets te veranderen op dit gebied waren journalisten. Zij brachten de verhalen via nieuws en documentaires. Je kunt dan aftellen tot een parlementslid vragen gaat stellen en de minister zegt dat hij de zaak gaat onderzoeken, et cetera. Ik bewonder dit heel erg, dat journalisten complexe zaken urgent kunnen maken. Dat ze er niet alleen over schrijven, maar het mensen ook kunnen laten voelen.’

‘Dus ja, ik vertrouw sommige journalisten, maar vooral als ik weet dat zíj weten waar ze het over hebben. Dat is een belangrijke, maar geen exclusieve eigenschap van de journalisten van De Correspondent.’

De fact-checker

Ingrid van der Wiel is een scheikundige die De Correspondent heeft geholpen

1. Waarom ben je lid van De Correspondent? Waarom steun je het?
‘Ik ben lid vanwege de kwaliteit van hun artikelen. Ze zijn anders dan die van reguliere kranten. Meer achtergronden, meer langetermijnproblemen, minder waan van de dag. Ik voel me niet iemand die ze steunt, maar gewoon een abonnee.’

2. Wat voor soort hulp bied je aan als je kennis deelt of correspondenten helpt?
‘Ik deel mijn kennis over scheikunde en onderwijs. Ik heb Thalia Verkade [correspondent Verandering, JR] geholpen door haar artikel over batterijen te lezen en ervoor te zorgen dat het scheikundige deel correct was.’

‘Ik houd er niet van als mijn onderwerp, scheikunde, verkeerd wordt begrepen door journalisten’

3. Waarom deel je je kennis? Wat motiveert je om te delen wat je weet met Thalia Verkade?
‘Ik houd er niet van het als mijn onderwerp, scheikunde, verkeerd wordt begrepen door journalisten en als dingen fout worden uitgelegd in een krantenartikel. Zo blijven mensen denken dat scheikunde moeilijk is. En mensen die niet bekend zijn met scheikunde blijven dan geloven in misvattingen over problemen als energie, batterijen, klimaatverandering, voedsel, toxicologie, medicijnen enzovoorts. Deel je kennis!’

4. Waarom vertrouw je De Correspondent? Waarom vertrouw je het meer dan andere Nederlandse media, als dat zo is?
‘De Correspondent toont haar bronnen, wat ik fijn vind. Je kunt reageren en er zijn goede discussies op de website. De journalisten nemen deel aan deze discussies, dat waardeer ik zeer. Je kunt je kennis delen en ze luisteren er echt naar.’

‘Maar ik vertrouw ook de meeste andere Nederlandse media. Ik geloof dat journalisten zoveel mogelijk het echte en complete verhaal willen vertellen. Om een compleet overzicht te krijgen van één onderwerp is het goed om artikelen van meerdere bronnen te lezen.’

De expert

Gert van Santen is een gepensioneerde werknemer van de Wereldbank en woonde 35 jaar in Washington D.C.. Hij is fan van De Correspondent.

1. Waarom ben je lid van De Correspondent? Waarom steun je het?
‘Ik ben een van de eerste leden van De Correspondent. Ik was erg ontevreden met de kwaliteit van de meeste Nederlandse kranten, met name vanwege het gebrek aan diepgaande en langetermijnanalyses die ik regelmatig in The Washington Post en The New York Times las. Ik houd ook niet van de grote invloed van commerciële belangen in de meeste journalistiek, en ik was bezorgd dat met het prijskaartje dat aan journalistiek hangt, de kwaliteit ook achteruit holt. Mijn steun voor De Correspondent en ook The Guardian is uiteindelijk gebaseerd op mijn idee dat, zonder een levendige pers, de democratie niet normaal kan functioneren en uiteindelijk verandert in een populistische of zelfs fascistische vorm van bestuur.’

2. Wat voor soort hulp bied je aan als je kennis deelt of correspondenten helpt?
‘Voorheen was ik visserijenspecialist bij de Wereldbank en werkte ik in meer dan veertig landen, een zeldzame ervaring. De Correspondent heeft een aantal artikelen over visserijen gepubliceerd, waarop ik ook reageerde. Tamar Stelling [correspondent Niet-mens, JR] vond mijn bijdragen goed en lichtte ze uit. Ze - en dit is een van de leuke kanten van De Correspondent - vroeg actief om input voor nieuwe artikelen. Ik heb haar bij een conferentie ontmoet, waardoor ik haar ook beter leerde kennen.’

3. Waarom deel je je kennis? Wat motiveert je om te delen wat je weet met Tamar Stelling?
‘Mijn ervaring is vooral nuttig voor mensen die actief betrokken zijn in de ontwikkeling en het management van visserijen, of die erover schrijven. Meer algemeen gesproken, steun ik mensen die gangbare globale economische theorieën over de sector in twijfel trekken. De Correspondent is een platform waarop dit soort langetermijnvraagstukken en strategische vragen kritisch worden beschouwd, en Tamar doet dat heel erg goed.’

4. Waarom vertrouw je De Correspondent? Waarom vertrouw je het meer dan andere Nederlandse media, als dat zo is?
‘Mijn vertrouwen is gebaseerd op mijn vroege betrokkenheid en een paar persoonlijke connecties. Ik heb andere correspondenten ook geïnformeerd over de Wereldbank en ik heb hun kantoor bezocht.’

De fan

Ayla Kangur is datawetenschapper die correspondenten regelmatig helpt.

1. Waarom ben je lid van De Correspondent? Waarom steun je het?
‘Ik werd oorspronkelijk lid om twee redenen. Ten eerste was ik erg geïnteresseerd in een onafhankelijk nieuwsplatform dat vrij van advertenties is, maar journalistieke standaarden respecteert. Ik betaal liever zelf voor goede journalistiek, dan dat ik toesta dat bedrijven via advertenties voor een mate van indirecte invloed betalen.’

‘Ten tweede hoorde ik Rob Wijnberg spreken op de universiteit en was ik onder de indruk van de manier waarop hij zijn idealisme verdedigde in tijden waarin pessimisme de norm is. Ik voelde me gesterkt om De Correspondent te steunen door zijn oorspronkelijke ideeën.’

‘Ik vermoed vaak dat reguliere media zich niet bewust zijn van hun eigen partijdigheid’

2. Wat voor soort hulp bied je aan als je kennis deelt of correspondenten helpt?
‘Bronnen, persoonlijke anekdotes, antwoorden op lezersvragen die meer informatie bieden bij punten die niet (goed) zijn uitgelegd, meer diepgaande informatie of inzichten die interessant kunnen zijn voor een vervolgartikel, een mening of alternatieve blik. Ik doe aan discussies over verschillende onderwerpen mee, maar alleen als ik genoeg over het onderwerp afweet.’

3. Waarom deel je je kennis? Wat motiveert je om te delen wat je weet?
‘Meer dan andere platforms, denk ik dat het voornaamste doel van De Correspondent is om de waarheid naar boven te brengen, hoe onbereikbaar, warrig of genuanceerd die ook is. Als ik het idee heb dat iets mist, kan ik mezelf er niet van weerhouden om te reageren. Het is bijna wetenschap en het hebben van een onverklaarbare drang om een soort absolute waarheid over ons universum te ontdekken.’

4. Waarom vertrouw je De Correspondent? Waarom vertrouw je het meer dan andere Nederlandse media, als dat zo is?
‘Ik heb meer vertrouwen in De Correspondent dan in andere media, omdat de schrijvers erg benaderbaar zijn. Ze doen vaak mee aan discussies van lezers over andere invalshoeken. Als een schrijver een onlogische conclusie trekt, maar vervolgens niet reageert op kritische feedback van lezers, dan voel ik mij enigszins beledigd dat het stuk online blijft staan.’

‘Ik vermoed vaak dat reguliere media zich niet bewust zijn van hun eigen partijdigheid en dat ze zich teveel concentreren op triviale zaken in plaats van op structurele gebeurtenissen. Natuurlijk is dit niet altijd het geval, en zelfs als het zo is, is dit niet noodzakelijk een probleem. Ik lees nog dagelijks traditionele media, voor kortetermijntrends, terwijl De Correspondent een groter plaatje schetst en nieuwe vragen oproept.’

Meer lezen?

Groot nieuws: Over een jaar kun je (hopelijk) ook The Correspondent lezen De beste Engelstalige journalistiek op een onafhankelijk, advertentievrij podium met wereldwijd bereik: die droom willen we vanaf vandaag werkelijkheid proberen te maken. In dit artikel praten we je bij over wat dat allemaal betekent. Lees het verhaal van Ernst-Jan en Rob hier terug Waarom ik De Correspondent ga helpen de wereld te veroveren Wat als nieuwsorganisaties elk onderdeel van hun werk in dienst zouden stellen van vertrouwen? Hoe zou dat eruitzien? Mijn antwoord: zoals dit platform. Daarom ga ik De Correspondent helpen met het lanceren van The Correspondent, haar Engelstalige uitbreiding. Lees het verhaal van Jay hier terug