In oktober 2016 beleefde ik een van de bizarste weken van mijn leven. Ineens waren tientallen uitgevers overal ter wereld geïnteresseerd in de vertaalrechten van mijn boek - en niet veel later werd duidelijk dat het in tientallen landen zou verschijnen.

Het zat zo: al twee jaar eerder hadden we mijn boek Gratis geld voor iedereen gepubliceerd in het Nederlands. Ik had stiekem de hoop dat het eens in het Engels zou worden vertaald - maar ja, vind maar eens een uitgever.

De socioloog Willem Schinkel kijkt me een tikje sceptisch aan op de avond van mijn boekpresentatie. Foto: Janus van den Eijnden.

De socioloog Willem Schinkel kijkt me een tikje sceptisch aan op de avond van mijn boekpresentatie. Foto: Janus van den Eijnden.

Of konden we het misschien zelf vertalen? Een jaar na publicatie vertelde de uitgever van De Correspondent, Milou Klein Lankhorst, dat dit precies haar plan was.

Zo gezegd, zo gedaan. Of nou ja, we hadden een geweldige vertaler bij De Correspondent - Erica Moore - maar zij bleek te druk met de internationale uitbreiding van ons platform. En dus vroegen we haar iemand anders te vinden. Nu moet je weten: Erica is iemand die nogal hoge eisen stelt. Een half jaar later had ze meer dan tien vertalers afgewezen en hadden we nog steeds niemand.

Milou en ik begonnen een beetje ongeduldig te worden, toen Erica ineens meldde dat ze beet had. Achteraf ben ik haar enorm dankbaar dat ze zo kritisch was, want de vertaler die ze vond, Elizabeth Manton, was geweldig – en cruciaal, zou blijken, voor het latere succes.

Dit is trouwens Milou (links), de beste uitgever die een schrijver zich kan wensen.

Dit is trouwens Milou (links), de beste uitgever die een schrijver zich kan wensen.

Begin 2016 had Elizabeth de vertaling af. De vraag was toen: hoe brengen we het aan de man? De oplossing van Milou was om het op Amazon CreateSpace te zetten. Dat is normaliter iets voor enthousiaste auteurs die geen uitgever kunnen vinden, maar het platform biedt ook een prima service: je kunt hier vanuit elke uithoek van de wereld een boek bestellen en voor je laten printen. Dat leek ons een goed idee.

In die tijd was ik mijn eigen PR-medewerker. Ik heb in het wilde weg journalisten, redacties en schrijvers zitten spammen. Het lukte om een paar aanbevelingen voor het boek binnen te slepen, van bijvoorbeeld de psycholoog Steven Pinker en de (onlangs overleden) socioloog Zygmunt Bauman, maar verder was ik een vrij waardeloze marketeer. Er kwamen nauwelijks recensies en interviews.

Slechts een paar duizend verkocht

Dus toen ik in oktober 2016 een hapje ging eten met uitgever Milou, hoofdredacteur Rob Wijnberg en mede-oprichter van De Correspondent Ernst-Jan Pfauth, dacht ik eerlijk gezegd dat het dinertje was bedoeld om me te vertellen dat er inmiddels wel genoeg tijd, geld en energie was besteed aan mijn internationale ambities. We hadden slechts een paar duizend exemplaren verkocht en waren nog niets eens uit de kosten.

Maar wat bleek: Milou had een heel ander plan. Ze stelde voor om het boek op te sturen naar internationale agentschappen en uitgevers. Via de uitgeverij Das Mag (dank, lieve mensen daar!) kon ze aan de juiste contacten komen.

Vanaf dat moment ging alles heel snel. Diezelfde week kwam Milou in contact met het agentschap Janklow & Nesbit, gevestigd in Londen en New York. Zij bleken erg enthousiast over het boek, en het pure toeval wilde dat een paar dagen later de internationale boekenbeurs in Frankfurt zou beginnen.

Milou stuurde me deze mail:

------------------------
Fwd: Some follow-up notes about Janklow & Nesbit
------------
------------

Van: Milou Klein Lankhorst <milou@decorrespondent.nl>
Aan: Rutger Bregman <rutger@decorrespondent.nl>
Om: 12 oktober 2016 om 17:29

Hoi Rudi,

Met deze dame heb ik maandag geskyped, en ik ben erg enthousiast. Ze willen van jouw boek een ‘Frankfurt’ boek maken. Dat betekent dat Rebecca (UK) samen met haar US-collega gaat proberen te zorgen dat jouw boek het boek is waar iedereen het over heeft daar, en dan zowel de US als de UK rechten te verkopen en indien gewenst dus ook daarbuiten.

Lees haar heerlijke mail hieronder. Ik ben benieuwd of jij net zo enthousiast bent als ik.

Groet!
Milou

Toen begon die bizarste week van mijn leven. Op maandag was ik nog de auteur van een vrijwel onbekend Engels boek; op zaterdag waren tien Britse uitgeverijen tegen elkaar aan het opbieden om het te mogen uitgeven.

Inmiddels zijn de rechten van Gratis geld voor iedereen aan tientallen landen verkocht. Het boek dat hier begon, op dit platform, is nu beschikbaar in het Spaans, Russisch, Italiaans, Catalaans en nog 26 talen. Zelfs in Azerbeidzjan worden duizend exemplaren gedrukt!

De edities die inmiddels in m’n boekenkast staan ;-)

De edities die inmiddels in m’n boekenkast staan ;-)

Jullie hebben misschien gemerkt dat ik in het afgelopen jaar een stuk minder heb geschreven. De reden was simpel: ik heb in totaal dertien landen bezocht om lezingen en interviews te geven over mijn boek. Dat zag er ongeveer zo uit:

Vimeo

Het is echt fascinerend om op zoveel plekken over je boek te mogen praten. In ieder land worden er andere dingen uitgepikt. In Japan ging het vooral over mijn pleidooi voor de 15-urige werkweek (omdat ze daar eerder een 15-urige werkdag hebben). In Noorwegen en Zweden ging het over de toename van het aantal zinloze banen en de werklozenindustrie - iets wat veel herkenning opriep. In Frankrijk ging het vooral over het belang van utopisch denken.

In Tokio, een boekenfestival in Edinburgh, een stadstheater in Stockholm en op het podium van de grote TED-conferentie in Vancouver.

In Tokio, een boekenfestival in Edinburgh, een stadstheater in Stockholm en op het podium van de grote TED-conferentie in Vancouver.

Verschillen in journalistieke cultuur

Ook de verschillen in de journalistieke cultuur vielen me op. Zo zijn de Fransen nogal intellectueel ingesteld - en minder geïnteresseerd in praktische vragen als ‘Wat kost dat basisinkomen?’ Liever filosoferen ze over utopische vergezichten. Op de populairste Franse radiozenders wordt schaamteloos Michel Foucault of Jean-Paul Sartre geciteerd, iets wat ik in Nederland nog nooit heb meegemaakt.

In het Verenigd Koninkrijk daarentegen is de journalistieke cultuur veel kritischer, op het aggressieve af. Zie bijvoorbeeld dit interview in BBC Newsnight, waar ik erg m’n best moest doen om te kunnen uitspreken:

YouTube

Weer een totaal andere ervaring had ik in Japan. Daar stuurde de grootste krant (oplage: 10 miljoen) drie senior-journalisten op me af die buigend en met een grote cake binnenkwamen. Die cake bleek een cadeau voor mij :-)

Een cameraploeg van de Japanse zender NHK. Helemaal rechtsachter zie je mijn superaardige Japanse redacteur, Kensuke.

Een cameraploeg van de Japanse zender NHK. Helemaal rechtsachter zie je mijn superaardige Japanse redacteur, Kensuke.

Met stip de gaafste plek om te mogen spreken vond ik het Sydney Opera House:

YouTube

In het Sydney Opera House.

En misschien wel de leukste ontmoeting had ik met Claire Williams in Vancouver, Canada. Claire vertelde me een verhaal dat begon met Marlies, een vrouw in Nederland.

Marlies had via een vriend uit Belfast van mijn boek gehoord (het leek hem een mooie manier om Nederlands te leren). Marlies tipte het boek vervolgens bij haar zoon, Frans Tjallingii, die in Vancouver woont. Frans las het boek tijdens een lange vlucht, en dacht: hier moet ik iets mee. Hij kende Claire, die op dat moment al langer twijfelde aan haar corporate baan en graag iets anders wilde met haar leven.

Frans en Claire richtten een stichting op die daklozen in Vancouver ‘gratis geld’ geeft en met wetenschappers de effecten meet

Frans en Claire waren vooral geïnspireerd door een verhaal in het derde hoofdstuk van mijn boek, over een klein experiment in Londen, waar dertien daklozen om vrij te besteden. Ze besloten samen The New Leaf Project op te richten, een stichting die ‘gratis geld’ aan daklozen in Vancouver geeft en met wetenschappers de effecten meet. Toen ik hen vorig jaar sprak in Vancouver, hadden ze net een groot fonds binnengesleept om het eerste experiment te financieren.

Geweldig toch? Dit soort verhalen laten volgens mij zien hoe besmettelijk ideeën kunnen zijn. Wat begon met een klein experiment in Londen gaat nu, via een lange omweg, verder met een veel ambitieuzer experiment 7.500 kilometer verderop. Meestal horen we niet wat er terechtkomt van de ideeën die we de wereld in zenden (ik kwam er in dit geval toevallig achter), en dus is het goed om te onthouden: een paar woorden hier kunnen een tornado daar veroorzaken.

Claire en ik in Vancouver (Frans maakte de foto). Claire laat me hier de bevestiging zien van de eerste geldsom – een paar honderdduizend dollar – die zij en Frans hadden geworven voor het project.

Claire en ik in Vancouver (Frans maakte de foto). Claire laat me hier de bevestiging zien van de eerste geldsom – een paar honderdduizend dollar – die zij en Frans hadden geworven voor het project.

Inmiddels ben ik weer terug in Nederland. In een paar landen zal m’n boek nog verschijnen, maar voorlopig heb ik weer tijd om te schrijven. En gelukkig kunnen buitenlandse journalisten ook gewoon naar Nederland komen. (Al blijft het wat deprimerend te merken hoe weinig ze van Nederland weten - ik word om de haverklap geïntroduceerd als ‘Deense historicus’.)

Deze televisieploeg had trouwens wel pech: toen ze alle apparatuur in mijn woonkamer hadden klaargezet, kwam er een cementwagen voorrijden die de hele dag herrie ging maken. De journalisten kwamen de volgende dag maar terug, en maakten toen dit item:

YouTube

Wat staat er nog op het programma? Het boek zal nog verschijnen in Brazilië, dus wellicht dat er een trip naar Rio op het programma staat. In ieder geval ga ik in augustus naar Helsinki, Finland. Vorige week was er een boel onzin in het nieuws over het Finse experiment met het basisinkomen dat zou zijn ‘gestopt’. Het experiment wordt gewoon volgens planning afgemaakt en ik ben heel benieuwd wat de uiteindelijke resultaten zullen zijn (al zullen we dat pas eind 2019 weten).

Vrijheid om te schrijven

Al met al ben ik enorm dankbaar voor de kansen die ik bij De Correspondent heb gekregen. Toen ik hier in 2013 aan de slag ging, kreeg ik in feite een basisinkomen en de vrijheid om te schrijven over wat ik maar wilde. Maar zonder de steun van mijn uitgever Milou, vertaler Elizabeth, vele andere collega’s én jullie - de leden van De Correspondent - was het allemaal nooit gelukt.

Tot slot: deze week verschijnt de herdruk van de Nederlandse editie van Gratis geld voor iedereen. Mocht je ’m willen bestellen, dan kan dat via onze eigen webshop. Dan pakken we hem hier op de redactie voor je in, en sturen we hem zo snel mogelijk naar je op!

De nieuwe editie van ‘Gratis geld voor iedereen’. Van een basisinkomen voor iedereen tot een werkweek van vijftien uur, van een wereld zonder grenzen tot een wereld zonder armoede: het is tijd voor de terugkeer van de utopie. Bestel het boek hier! Zo was het om te spreken op de TED-conferentie in Vancouver Vorig jaar was het zover, ik mocht mijn TED Talk over het basisinkomen geven in Vancouver! Lees mijn verhaal hier terug. Ik ging naar Japan en zag de toekomst van werk (en ze leek op de Sovjet-Unie) Maar liefst 40 procent van de Nederlandse werknemers vindt zijn eigen baan zinloos, zo blijkt uit een recente peiling. Het is dan ook tijd voor een fundamentele discussie: leven we om te werken, of werken we om te leven? Lees het verhaal van Rutger hier terug