Een vraag van een lezer naar aanleiding van over de wetenschap achter strafschoppen:

‘Wat klopt er van de stelling dat het ‘slachtoffer’ niet zelf de penalty moet nemen, zoals Robben hem gisteren door Huntelaar liet nemen?’ schrijft Arno van der Kruijs.

Het is inderdaad een klassieke voetbalwijsheid dat iemand anders dan het slachtoffer de strafschop moet nemen. Waar de wijsheid precies vandaan komt, daar kom ik niet zo snel achter. Maar uit digitale krantenarchieven blijkt dat er al vroeg, vaak en op veel niveaus melding van wordt

Ook in Duitsland kennen ze het gezegde, net als in Frankrijk. De Franse spits Thierry Henry nam bij zijn Engelse club Arsenal nooit een penalty als hij neergehaald was. De Engelse verslaggevers kenden de wet overigens niet, en navraag bij Ignacio Palacios-Huerta, de Baskische strafschopspecialist van de London School of Economics, leert dat ook in Spanje de wet onbekend is. Een Noordwest-Europese voetbalwet, kortom.

Of Arjen Robben – die tegen Mexico ten val kwam en de strafschop aan Klaas-Jan Huntelaar gunde – zich door die wet liet leiden?

Na de wedstrijd dat hij Huntelaar de strafschop liet nemen omdat hij zelf ‘werd neergelegd.’ Ook was Huntelaar ‘vast in zijn penalty’s’ en ‘nog fris’ omdat hij pas een kwartier in het veld stond.

En even later: ‘Normaal gesproken wil ik ook wel schieten, weet je, ik had ‘m zelf veroorzaakt, en, nou ja, ik geloof er zelf niet heel erg in hoor, dat ‘als je wordt neergelegd moet je hem niet nemen,’ maar eh...’

Waar komt Robbens idee dan vandaan?

Misschien speelde mee dat Robben als speler van Bayern München harde kritiek kreeg nadat hij in april 2012 tegen Borussia Dortmund een belangrijke strafschop miste – nadat hij zelf was neergehaald. Bayern-voorzitter en voetballegende Franz Beckenbauer bekritiseerde Robben live op televisie. ‘Bij mij geldt de wet dat degene die de strafschop ‘veroorzaakt’ hem niet neemt. Misschien is die regel afgeschaft of snappen ze die nog niet in Nederland,’ zei

(Theorietje: Robben kende de voetbalwijsheid, vermoedde dat het onzin is, nam vervolgens toch een strafschop, miste die strafschop, kreeg een bak kritiek over zich heen en dacht: ‘Laat een ander het maar doen, dan doe ik in elk geval niks fout.’)

Dat Beckenbauer zo uitgesproken was over de wet, is te begrijpen. Hij denkt vermoedelijk dat het hem als bondscoach van Duitsland in 1990 de wereldtitel opleverde. Duitsland kreeg in de finale tegen Argentinië in de 85ste minuut een strafschop nadat Rudi Völler onderuitging in het strafschopgebied.

Wie ging hem nemen?

‘We hadden drie schutters afgesproken,’ vertelde de Duitse linksback Andy Brehme toevallig deze week in Sport Bild. ‘Rudi Völler, Lothar Matthäus en ik. Op Rudi werd de overtreding gemaakt, en het slachtoffer schiet niet [cursivering MdH]. Lothar wilde niet, hij smeerde ‘m. Hij voelde zich niet lekker.’ Derde keus Brehme raak en maakte Duitsland wereldkampioen.

Een van de belangrijkste strafschoppen uit de Duitse voetbalgeschiedenis is dus genomen op basis van deze voetbalwet. Maar slaat het ergens op? Zijn slachtoffers inderdaad mindere strafschoppennemers dan andere spelers?

Oké, maar zijn slachtoffers slechter in strafschoppen?

Dat vroeg de Duitse hoogleraar epidemiologie – en amateurkeeper – Oliver Kuß zich een paar jaar geleden ook af.

Simpelweg kijken naar succespercentages van slachtoffers en niet-slachtoffers - of zoals Kuß ze noemt, self-takers (slachtoffers) en takers - is niet genoeg. Of een strafschop erin gaat of niet, hangt namelijk van meer af dan alleen de vraag of de schutter een self-taker is of niet. Ook kan meespelen of het een is, of de speler al eerder strafschoppen had genomen, of hij daarbij succes had, zijn leeftijd, en de stand en het tijdstip in de wedstrijd – een strafschop nemen bij een 1-0 achterstand in de laatste minuut is stressvoller dan eentje bij een 4-0 voorsprong.

Misschien namen self-takers een andere strafschop dan takers; daarvoor moest hij corrigeren. Bovendien hield Kuß er rekening mee dat self-takers en takers mogelijk verschillende type voetballers waren. Misschien besloten alleen erkende specialisten om zelf te schieten, of misschien namen alleen ervaren slachtoffers zelf de strafschop. Dat zou de data ook vervuilen.

Slachtoffers en niet-slachtoffers nemen strafschoppen even goed. Niet-slachtoffers scoorden in 74,6 procent van de gevallen, slachtoffers in 72,6 procent

Al die benodigde gegevens waren beschikbaar voor 835 strafschoppen, genomen in de Duitse competitie tussen augustus 1993 en maart 2005. Gebruikmakend van statistische tests, isoleerden Kuß en zijn mede-auteurs alleen dat ene aspect: doet het ertoe of de schutter een self-taker is of niet?

Na twee jaar onderzoek in de avonduren had hij een antwoord: nee.

Slachtoffers en niet-slachtoffers nemen strafschoppen even goed. Niet-slachtoffers scoorden in 74,6 procent van de gevallen, slachtoffers in 72,6 procent - een verschil dat niet significant is, noteerde hij in ‘The fouled player shouldn’t take the penalty himself! An empirical investigation of an old German football myth,’ gepubliceerd in in 2006.

De andere factoren die het benutten van strafschoppen positief of negatief zouden kunnen beïnvloeden – stand in de wedstrijd, leeftijd, ervaring, tijdstip, uit of thuis – bleken zo te zijn verdeeld over slachtoffers en niet-slachtoffers, dat ze niet ter zake Wat Kuß en collega’s wel opviel, was dat juist jongere spelers zich niets aantrekken van de voetbalwijsheid dat het slachtoffer niet moet schieten. Jonge spelers op wie een overtreding wordt begaan, nemen de strafschop vaker dan oudere spelers.

Dus?

Zou het kunnen dat oudere spelers de voetbalwet zo vaak hebben gehoord, dat ze erin zijn gaan geloven, en daarom de strafschop niet zelf nemen? Of dat ze - zoals Robben - weten dat er gezeik van komt als ze hem zelf nemen en missen?

Kuß, in een e-mail: ‘Ja, oudere spelers zouden 1. de mythe [dat het slachtoffer niet moet schieten] eerder ‘geïnternaliseerd’ kunnen hebben of 2. met het verstrijken van de jaren voorzichtiger kunnen zijn geworden. Maar of dat verband causaal is, is niet aan te tonen. We kunnen niet in het hoofd van de speler kijken.’

Conclusie, hoe dan ook: Robben kan de strafschoppen gewoon blijven nemen. Heel erg is zijn beslissing niet, want Huntelaar neemt voor zijn club Schalke ook altijd de strafschoppen, en scoorde bovendien. Daarnaast is vermoeidheid een valide reden om een strafschop aan iemand anders over te laten. Maar toch: het feit dat iemand ‘slachtoffer’ is, mag geen rol spelen.

Is het voetbal dan resistent tegen kennis?

Kuß heeft zijn twijfels. In 2005 promoveerde sportwetenschapper Roland Loy op zijn dissertatie ‘Zur Diagnostik taktischer Leistungen im Sportspiel,’ waarin hij ettelijke voetbalwijsheden Kuß: ‘Maar ik hoor in de voetbalwereld maar heel weinig van zijn bevindingen terug.’

(Daar komt nog iets bovenop wat Kuß niet noemt: Loy was nota bene wetenschappelijk adviseur van Beckenbauer in diens tijd als bondscoach van Duitsland, tijdens het WK 1990 dus ook.)

Loys onderzoek wees uit dat hoog genomen strafschoppen ‘praktisch niet te stoppen zijn. Toch schiet de meerderheid van de schutters ook op dit WK laag in een van de hoeken’

Opmerkelijker nog dan het standhouden van de ‘slachtoffer-moet-niet-schieten-wet,’ vindt Kuß dat ploegen niet leren om strafschoppen beter te nemen. Loys onderzoek wees uit dat hoog genomen strafschoppen ‘praktisch niet te stoppen zijn,’ zegt Kuß. ‘En toch schiet de grote meerderheid van de schutters ook op dit WK weer laag in een van de hoeken, waar een keeper een slechte bal relatief makkelijk kan stoppen. [Ook Klaas-Jan Huntelaar schoot laag, MdH] Als ik trainer was, zou ik urenlang hoge strafschoppen oefenen en lage strafschoppen

Het werpt de vraag op: is de voetbalwereld resistent tegen kennis?

Kuß: ‘Het probleem is volgens mij dat voetbaltrainers erg vaak oud-spelers zijn, die geen gevoel voor wetenschap hebben en bij twijfel teruggrijpen op hun eigen glorierijke verleden: ‘Ik heb 65 interlands gespeeld en 350 Bundesligawedstrijden, dus ik hoef me niet door een wiskundige te laten vertellen hoe ik moet trainen’.’

Wil je op de hoogte blijven van mijn verhalen? Sport is een hypercompetitieve wereld die bol staat van innovatieve en archaïsche ideeën. Je kunt vechten of vluchten voor competitie. In mijn nieuwsbrief houd ik je op de hoogte van de artikelen die ik publiceer voor De Correspondent, deel ik de mooiste sportverhalen uit andere media en geef ik nutteloze feitjes die je kunt doorvertellen in de sportkantine of de kroeg. Schrijf je hier in voor mijn nieuwsbrief

Waarom de winnaar van de toss ook vaker de strafschoppen wint Strafschoppen na verlenging: 'Je kunt erop trainen,' zegt de een. 'Het is een loterij,' zegt de ander. In werkelijkheid is het allebei waar: topspelers zijn zo getraind in het nemen van penalty's dat het daardoor weer een loterij wordt. Een loterij die statistisch gezien meestal wordt gewonnen bij de toss. Lees hier over strafschoppen

Zes redenen waarom de veel te bescheiden Louis van Gaal Spanje versloeg Eerder schreven we dat de invloed van voetbalcoaches verwaarloosbaar is. Maar dat geldt niet voor Louis van Gaal. Dat het Nederlands elftal heeft gewonnen tegen Spanje, komt voor een groot deel door zijn unieke kwaliteiten. Je zou het niet zeggen, maar de bondscoach is zelfs opvallend bescheiden over zijn rol. Een analyse van de methode-Van Gaal in zes stappen. Lees hier onze analyse van de methode-Van Gaal terug
De beste keeper houdt de meeste ballen tegen, da’s logisch. Of niet? Keepers die veel ballen tegenhouden, het liefst op spectaculaire wijze, worden vaak het hoogst ingeschat. Zo ziet bondscoach Louis van Gaal het ook: op grond van dit criterium besloot hij Kenneth Vermeer niet te selecteren. Maar voor topkeepers is ballen tegenhouden juist niet het onderscheidende kenmerk, blijkt uit de statistieken. Lees hier onze analyse van topkeepers terug