Elke keer als er een crisis komt daalt de aandacht voor het milieu. Foto: Hollandse Hoogte

De kans is groot dat 2013 het warmste jaar sinds moderne temperatuurmetingen begonnen gaat worden, zo maakte de World Metereological Organization (WMO) vorige week woensdag  Lees hier het persbericht bekend. Gelijktijdig gaf de WMO aan dat de wereldwijde CO2-uitstoot een nieuw hoogtepunt heeft bereikt.‘This means that we are committed to a warmer future,’ aldus Michel Jarraud, secretaris generaal van de WMO.

Vox populi

Zorgelijk nieuws. Toch is de publieke belangstelling voor het milieuprobleem in Nederland al jaren aan het afnemen. Vandaag de dag rekent slechts 4 procent van het Nederlandse electoraat het milieu tot één van de twee grootste nationale problemen. Zelfs onder GroenLinks-stemmers noemde slechts 19 procent het milieu. Dat was wel anders, vanaf de jaren zeventig tot eind jaren negentig vond gemiddeld 25 procent milieu een nationaal probleem (op de piek in 1989 kom ik nog terug). 

 

Ook op Google is er steeds minder Nederlandse aandacht voor het milieu. Google publiceert gegevens van het aantal zoekopdrachten in verschillende categorieën. In de categorie Zoekwoorden als climate change, greenhouse gases, global warming of hun Nederlandse equivalent, zitten in deze categorie. googelen Nederlanders al sinds 2008 steeds minder. 

 

Een economisch probleem

Hoe kan het dat de nationale urgentie van het milieuprobleem zo is afgenomen?

Onderzoek uit de Verenigde Staten suggereert dat de economische recessie een grote impact heeft op de aandacht voor het milieu. Economen  Lees hier het onderzoek ‘Environmental Concern and the Business Cycle: The Chilling Effect of the Recession ' Matthew Kahn en Matthew Kotchen vonden dat een toename in werkloosheid in een Amerikaanse staat zorgde voor een afname in het aantal Google-zoekopdrachten op de zoekterm ‘klimaatverandering’. De onderzoekers kwamen tot eenzelfde conclusie uit maandelijkse peilingen uitgevoerd in Californië: in districten waar de werkloosheid opliep daalde de belangstelling voor het milieu.

Andere onderzoeken onderschrijven dit. Lees hier hun onderzoek terug. Lyle Scruggs en Salil Benegal keken ook naar peilingen in Europa. ‘In Europese landen is er een zeer sterk verband tussen toenemende werkloosheid en scepsis over klimaatverandering,’ schrijft het duo. Een procentpunt meer werkloosheid zorgt gemiddeld voor een afname van 2,5 procent in het aantal mensen dat klimaatverandering een serieus probleem vindt. ‘Het is waarschijnlijk dat de publieke belangstelling voor klimaatverandering terug zal keren zo gauw de economie, en specifiek de arbeidsmarkt, herstelt,’ concluderen de onderzoekers.  

In Nederland is een zelfde trend waar te nemen. Elke keer als er een crisis komt daalt de aandacht voor het milieu. Dat was zo in de jaren zeventig, in de jaren tachtig en in het begin van dit decennium. Het verschil met voorgaande crises is echter dat deze crisis wel Lees hier Lynn Berger over het vreemde gebruik van het begrip ‘crisis’ verdacht lang duurt, waardoor ook de belangstelling voor langere tijd in een dip zit.

 

Paradoxaal genoeg hebben we dus een goed draaiende economie nodig, om rustig na te kunnen denken over hoe we de bijkomstige milieuproblemen van die goed draaiende economie kunnen verhelpen. 

Een politiek probleem

Een simpele materialistische interpretatie - economie verklaart alles - zou echter de plank misslaan. Volgens Lees hier het onderzoek ‘Shifting public opinion on climate change: an empirical assessment of factors influencing concern over climate change in the U.S., 2002–2010’ onderzoek van drie Amerikaanse politieke wetenschappers  is ‘de belangrijkste factor in het beïnvloeden van de publieke opinie over klimaatverandering’ het partijpolitieke conflict over het onderwerp. Als er tussen Republikeinen en Democraten getwist werd over klimaatverandering, nam de belangstelling toe en vice versa. Zonder politieke aandacht verdwijnt het onderwerp van de agenda.  

In Nederland is dit ook te zien. In 1989 was er een belangstellingspiek, mede omdat het kabinet Lubbers-II  was gevallen over de financiering van het Een Nationaal Milieubeleidsplan is een strategisch milieubeleidsplan dat iedere vier jaar door de overheid (de ministers van Infrastructuur en Milieu en Economische Zaken, Landbouw en Innovatie) wordt vastgesteld. Milieu was toen een onderwerp dat de politieke agenda domineerde en waarover partijen driftig met elkaar debateerden. 

Er zijn dus ruwweg twee verklaringen voor de afgenomen belangstelling voor het milieu: de economische recessie en de dalende politieke aandacht.

Facebook
Twitter
LinkedIn
Whatsapp
E-mail