Het hoofdkwartier van de gloednieuwe ligt midden in het financiële district van Beijing. Verstopt tussen alle andere financiële instellingen die het nieuwe China vormgeven. De lobby van het bankgebouw is groot, blinkend en vooral erg leeg. Het minimalisme verraadt niets over de 100 miljard dollar ontwikkelingsgeld die hier beheerd wordt.

Eind juni werden de eerste te financieren projecten Pakistan krijgt 100 miljoen dollar voor de bouw van een stuk snelweg, Tadzjikistan mag een verbindingsweg tussen de hoofdstad en de Oezbeekse grens aanleggen en Indonesië ontvangt een lening van 216,5 miljoen dollar om infrastructuur in sloppenwijken te verbeteren.

Dat is ongekend. Want sinds de conferentie van in 1944 is het verstrekken van kredieten aan ontwikkelingslanden eigenlijk exclusief in handen geweest van door het Westen bestierde instituties als de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds (IMF).

Daagt de opkomende supermacht China het Westen uit? Of is de Asian Infrastructure Investment Bank (AIIB) nou juist een reactie op Amerikaanse pogingen om via handelsverdragen vat te krijgen op de wereldeconomie?

Op het Dushanbe-vrachtwagenstation in Tadzjikistan aan de M41, de belangrijkste hub voor kooplui uit Tadzjikistan. Foto: Myrto Papadopoulos / Redux
Op het Dushanbe-vrachtwagenstation in Tadzjikistan aan de M41, de belangrijkste hub voor kooplui uit Tadzjikistan. Foto: Myrto Papadopoulos / Redux

De macht van de AIIB

In Azië bestaat een enorme behoefte aan infrastructuur en de AIIB is puur en alleen opgericht om die te kunnen financieren, benadrukt AIIB-vicepresident Hij loopt op en neer door zijn ruim bemeten kantoor op de zeventiende verdieping van het lege bankgebouw. ‘Wij willen via investeringen in infrastructuur zorgen voor duurzame groei van de Aziatische economie. Er bestaat namelijk een enorme behoefte aan betere transportmogelijkheden, groene energie, fatsoenlijke watervoorziening en goede stadsinfrastructuur.’

Sinds Beijing, dat 4.000 miljard dollar aan internationale deviezen bezit, in 2013 aankondigde zelf een ontwikkelingsbank te starten, hebben 57 landen zich bij de AIIB aangesloten. Met name Europa reageert onverwacht gretig op het Chinese initiatief. Onder aanvoering van het Verenigd Koninkrijk besluiten Duitsland, Frankrijk, Italië en bijna alle andere Europese grootmachten een financiële bijdrage te leveren aan het startkapitaal van de ontwikkelingsbank.

In de VS valt het besluit van de Europese bondgenoten om lid van de bank te worden slecht

Door die inleg krijgen de Europeanen zeggenschap over de oprichtingsstatuten en leenvoorwaarden en kunnen ze mede bepalen aan welke projecten er geld besteed wordt. Nederland is binnen de EU het derde bestemmingsland voor Chinese investeringen en legt een kleine miljard euro in. ‘Een goede economische ontwikkeling van de Aziatische regio levert voordelen op voor de Europese en Nederlandse economie,’ schrijft minister Jeroen Dijsselbloem (Economische Zaken, PvdA) in maart 2015 aan de Tweede Kamer.

In de VS valt het besluit van de Europese bondgenoten om lid van de bank te worden slecht. Amerika zegt te vrezen voor slechte duurzaamheidsstandaarden van een door China geleide bank, waarschuwt voor leningen aan repressieve regimes en zet een stille Amerikaanse diplomatie in gang. Dat schrijft The New York Times in oktober 2014 op basis van bronnen binnen de

Amerikaanse diplomaten proberen tijdens topontmoetingen en in privégesprekken bondgenoten te overtuigen om af te zien van toetreding tot de AIIB. Een anonieme Amerikaanse regeringsfunctionaris beklaagt zich in over het Verenigd Koninkrijk dat ‘zonder overleg met de VS’ AIIB-lid werd.

Alexander wil in zijn kantoor hoog boven Beijing niets kwijt over eventuele lobbypraktijken tegen zijn bank. Amerikaanse zorgen moeten volgens hem ondertussen weggenomen zijn door de minutieus vastgelegde oprichtingsstatuten, richtlijnen en leningsvoorwaarden van de AIIB. ‘Ik denk dat Washington blij verrast is door de hoge standaarden die wij hanteren. We zijn gedetailleerde milieueisen en aanbestedingsprocedures overeengekomen zodat we alleen projecten financieren die duurzaam zijn. De Europese leden hebben daarop een duidelijk stempel kunnen drukken.’

De vraag is welk spel hier precies gespeeld wordt. Maken de Amerikanen zich opeens oprecht zorgen over arbeidsrechten en milieustandaarden of zijn er andere redenen voor de furieuze Amerikaanse reactie op de AIIB?

Hoe Amerika grip probeert te krijgen op de wereldeconomie...

Sinds leider Deng Xiaoping in de jaren zeventig China’s economie gecontroleerd opengooide voor buitenlandse investeerders, is het land een economische grootmacht geworden. Maar niet alle grootmachten hebben dezelfde belangen. Zo wordt de Chinese economie gedomineerd door staatsbedrijven en beschermt China binnenlandse markten door bijvoorbeeld invoertarieven op buitenlandse producten te hanteren. Tot groot ongenoegen van het Westen.

Want de almacht en handelsbelangen van Europese en Amerikaanse multinationals worden daardoor flink aangetast. Voormalige ontwikkelingslanden als China, India of Brazilië zijn ondertussen sterk en mondig genoeg om niet zomaar meer de spelregels van het Westen kritiekloos te accepteren. De onderhandelingen binnen het belangrijkste mondiale handelsforum bij uitstek - de in 1995 opgerichte Wereldhandelsorganisatie (WTO) - zijn door dat groeiende tegenwicht dan ook vastgelopen.

De VS zijn daarom op zoek naar andere manieren om weer grip op de wereldeconomie te krijgen. Via een aantal regionale handelsverdragen die samen bijna de hele planeet omvatten welteverstaan. De gesprekken over het Trans-Pacific Partnership (TPP) tussen twaalf Aziatische en Amerikaanse landen zijn inmiddels afgerond. Tegelijkertijd wordt er sinds 2012 onderhandeld over het Trade in Services Agreement (TiSA) – een wereldwijd verdrag voor nieuwe regels in de dienstensector. Bij beide onderhandelingen niet aan tafel: China.

Auto’s wachten tot de weg wordt heropend door constructiewerkers. Foto: Myrto Papadopoulos / Redux
Auto’s wachten tot de weg wordt heropend door constructiewerkers. Foto: Myrto Papadopoulos / Redux

Tijdens de jaarlijkse eind 2011 proberen Chinese leiders nog het uit de jaren zestig stammende plan om alle landen rond de Grote Oceaan (dus inclusief China én de VS) te verenigen in een reusachtige Free Trade Area of the Asia-Pacific (FTAAP) nieuw leven in te blazen. Enkele jaren later, in 2015, ondertekenen de APEC-leiders ook een verklaring waarin ze zich zeggen te committeren aan het realiseren van die Pacifische vrijhandelszone.

Maar de vraag is hoe precies. Want de VS is er veel aan gelegen om de internationale handelsregels te bepalen voordat China dat kan doen. TPP is een belangrijk deel van die strategie en moet volgens Washington ‘de structuur van acceptabel gedrag in internationale economische relaties’ en de ‘sociale, politieke en economische toon’ van ‘transnationale economische activiteit in de eenentwintigste eeuw’ gaan bepalen, benadrukt Amerikaans president Barack Obama in 2015 tegen de leiders van APEC.

Ook Amerikaans handelsvertegenwoordiger (USTR) onderstreept in juli 2016 nog maar eens dat TPP voor de VS absolute noodzaak is om ‘leiderschap in de Aziatische regio en het mondiale handelssysteem’ te realiseren. Het alternatief is om de economische regie te verliezen aan China, waarschuwt Froman.

...wat dat met de oprichting van AIIB te maken heeft…

‘De wereld is veranderd. De regels veranderen mee. De Verenigde Staten, niet landen als China, behoren deze vast te stellen,’ schrijft Barack Obama in mei 2016 in

Vrees voor machtsverlies op het economische wereldtoneel is dan ook de reden dat de Amerikanen zo’n moeite hebben met de massale toetreding van Europese bondgenoten tot de AIIB, zegt Peter van Ham in zijn werkkamer in het Haagse onderzoeksinstituut Clingendael. In 2013 schreef hij een beleidsnotitie over het geopolitieke belang van het Transatlantic Trade and Investment Partnership (TTIP).

‘De Europese Commissie heeft vooral goed geluisterd naar wat lobbyisten van grote bedrijven willen. Dat is een gevaarlijke gemiste kans’

Ook die overeenkomst heeft als nauwelijks verhuld doel het inperken van de macht van China. Volgens toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton moet TTIP een ‘economische NAVO’ opleveren en staat het Westen gezamenlijk veel sterker tegen opkomende machten als China. Ook TTIP-enthousiastelingen in het Europese Parlement benoemen steevast hoe belangrijk het is dat de EU en de VS de regels blijven bepalen in een sterk veranderende wereldeconomie.

Verenigd in een handelsblok zouden de VS en de EU de Chinezen kunnen dwingen zich aan westerse standaarden (inclusief mensenrechten, arbeidswetten en milieustandaarden) te conformeren, legt Van Ham uit. Zulke rechten en standaarden worden in China immers minder belangrijk gevonden dan in het democratische Westen, beweert Van Ham. ‘Natuurlijk heeft het Westen wat dat betreft ook geen schone lei,’ geeft hij toe. ‘Maar als we de Chinezen kunnen dwingen zich aan onze huidige standaarden aan te passen, is dat een stap vooruit. Samen zijn de VS en de EU een enorme markt die eensgezind China veel makkelijker zou kunnen dwingen aan bepaalde eisen te voldoen.’

Helaas lijkt TTIP echter vooral een verdrag te worden dat exportbelangen van westerse multinationals dient, zegt hij niet zonder boosheid. ‘De Europese Commissie heeft vooral goed geluisterd naar wat lobbyisten van grote bedrijven willen. Dat is een gevaarlijke gemiste kans.’

Een vrachtwagen op weg naar Murgab over de M41 in Tadzjikistan. Foto: Myrto Papadopoulos / Redux
Een vrachtwagen op weg naar Murgab over de M41 in Tadzjikistan. Foto: Myrto Papadopoulos / Redux

...hoe China verder op Amerika’s optreden reageert...

Het was hoe dan ook wachten op een Chinees antwoord op al die Amerikaanse verdragzucht, zegt Tom McGregor, een fervent Donald Trumpaanhanger die als politiek commentator werkzaam is voor de Chinese staatszender CCTV. In 2012 startte China inderdaad gesprekken over een eigen vrijhandelsverdrag: het tien landen tellende Regional Comprehensive Economic Partnership (RCEP). Landen als Australië, Japan en Vietnam onderhandelen zelfs tegelijkertijd met China over RCEP en met de VS over TPP.

Volgens McGregor maakt de RCEP met de AIIB deel uit van een bredere Chinese strategie om de eigen invloedssfeer te bestendigen: ‘China hoopt via het bouwen van infrastructuur aan invloed te winnen in allerlei landen door zo handels- en investeringsrelaties aan te knopen.’

Het masterplan van Beijing komt erop neer het oosten van Azië te verenigen in een eigen vrijhandelsverdrag en westwaarts tegelijkertijd heel veel wegen en spoorlijnen te bouwen om zo een gigantische markt te creëren van Shanghai tot aan Rotterdam, zegt McGregor. ‘Natuurlijk gaat al die infrastructuur gebouwd worden door Chinese bedrijven tegen door China gestelde voorwaarden. Armere landen in de regio accepteren die voorwaarden echter graag omdat een AIIB-lening de enige kans biedt op de wegen, bruggen en spoorlijnen die ze zo hard nodig hebben.’

Inderdaad kondigt de Chinese president Xi Jinping eind 2013 aan via het ambitieuze ‘One Belt, One Road’-initiatief (OBOR) de klassieke zijderoute nieuw leven in te willen blazen. Waar vroeger Chinese zijde, slaven en specerijen naar Europa kwamen, moeten nu spoorwegen, havens en asfalt Een model dat door China in Afrika al langer wordt toegepast. Landen als Angola of Zambia liggen vol met in ruil voor grondstoffen door Chinese staatsbedrijven gebouwde wegen, spoorlijnen of complete woonwijken.

De bouw van een nieuwe zijderoute gaat volgens schattingen van Beijing een slordige 890 miljard dollar kosten. Financiering waarvoor de AIIB cruciaal is, vermoedt McGregor. ‘Een belangrijk doel van de AIIB is om OBOR te financieren en zo Chinese invloed uit te breiden. Ik vind dat niet zo gek. De Wereldbank en het IMF zijn politiek ook niet neutraal maar verdedigen westerse belangen en TPP is hier met veel wantrouwen ontvangen. Vanuit Chinees perspectief zijn het juist de VS die de geopolitieke verhoudingen proberen te verstoren.’

De M41, informeel Pamir Highway, was onderdeel van de zijderoute en loopt door Afghanistan, Oezbekistan, Tadzjikistan en Kirgizië. Foto: Myrto Papadopoulos / Redux
De M41, informeel Pamir Highway, was onderdeel van de zijderoute en loopt door Afghanistan, Oezbekistan, Tadzjikistan en Kirgizië. Foto: Myrto Papadopoulos / Redux

...én wat dit voor EU-landen betekent

Voor Europese AIIB-leden is het dan ook oppassen geblazen welke belangen die AIIB precies gaat dienen, zegt Shada Islam. Beijing heeft namelijk afgedwongen dat voor alle belangrijke AIIB-beslissingen een stemmingsmeerderheid van 75 procent nodig is. Met een eigen stemgewicht van iets meer dan 26 procent heeft China zo een de facto vetorecht voor zichzelf gecreëerd. De Belgische met Pakistaanse wortels is beleidsdirectrice bij de Brusselse denktank Friends of Europe en heeft de AIIB vanaf het begin gevolgd. ‘Ontwikkelingsfinanciering is geen altruïsme. Als die nieuwe zijderoute er komt, kunnen Europese ondernemingen ook veel gemakkelijker handeldrijven in Azië en komt er een gigantische groeimarkt in West-China open te liggen.’

Samenwerken met China dient het Europese belang dan ook veel beter dan het buitensluiten van een potentieel belangrijke handelspartner, vindt ze. Een verdrag als TTIP kan voor Europa economisch dan wel een rol spelen, maar de geopolitieke bril waardoor Amerika die verdragen beziet, geldt helemaal niet voor Europa. De EU zou dan ook niet moeten kiezen tussen de VS en China, zegt ze: ‘Europa wordt verscheurd door historische loyaliteit aan de VS en onzekerheid over hoe om te gaan met een machtiger China. Dat Europese lidstaten ondanks de Amerikaanse bezwaren toch lid zijn geworden van de AIIB was een belangrijke doorbraak. Europa moet leren goede relaties te onderhouden met beide grootmachten.’

De Europese Commissie heeft dat ook door. Met het nieuw opgerichte EU-China-connectiviteitsplatform wil Brussel ‘synergie creëren tussen EU-beleid en het Chinese ‘One Belt, One Road,’' zo schrijft Europees Hoge Vertegenwoordiger voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid Federica Mogherini op 22 juni 2016 aan het Europese Parlement. Islam: ‘Natuurlijk moet de EU zich niet voor een Chinees karretje laten spannen. We moeten vasthouden aan onze normen en waarden wat betreft arbeidswetgeving, transparantievoorwaarden of milieu. Dan kunnen we best zakendoen.’

‘We moeten vasthouden aan onze normen en waarden. Dan kunnen we best zakendoen’

Maar zakendoen op een mondiale markt in een multipolaire wereld is geen sinecure. Economische grootmachten hebben politieke belangen en Azië is het nieuwe economische zwaartepunt waar iedereen invloed probeert zeker te stellen. Gaat opkomende grootmacht China de regels daar bepalen of gevestigde wereldmacht Amerika? En welke allianties spelen daarin precies een rol?

Vanuit het luxe AIIB-kantoor is Danny Alexander ervan overtuigd dat het zo’n vaart niet zal lopen. De AIIB is immers uitdrukkelijk gericht op samenwerking en niet op confrontatie met het Westen, zegt hij. Zijn bank werkt zelfs samen met de Wereldbank en de VS zijn meer dan welkom om zich bij de Chinese bank aan te sluiten: ‘Wij houden ons niet bezig met politiek maar met het bekostigen van infrastructuurprojecten die financieel gezond zijn. Ons doel is de regio op een duurzame wijze economisch te ontwikkelen.’

Sporadisch zoekt hij oogcontact met de Chinese woordvoerder die aanzit bij ons gesprek. ‘Alle projecten moeten voldoen aan onze leenvoorwaarden. Ze moeten economisch wat opleveren, op een duurzame manier uitgevoerd worden en sociaal gezien geen onacceptabele gevolgen hebben. Het is belangrijk dat wij Europeanen daarover kunnen meepraten. Uiteindelijk profiteert iedereen van duurzame economische ontwikkeling in Azië.’

Correctie 23-8-2016: Een eerdere versie vermeldde 4 triljoen waar dat 4 biljoen moest zijn. Dit is dus aangepast.

Meer weten?

Bij deze denktanks bestellen grote bedrijven hun argumenten voor TTIP Denktanks presenteren zichzelf als onafhankelijke leveranciers van argumenten, feiten en cijfers in het ideologisch zo beladen debat over TTIP, het vrijhandelsverdrag tussen de EU en de VS. Klopt dat? Met het Platform Authentieke Journalistiek en collega Dimitri Tokmetzis onderzocht ik waar ze hun geld vandaan halen en of dat hun werk beïnvloedt. Lees het verhaal van Tomas Vanheste hier terug Waarom de trein die Oost-Afrika ontwikkeling moest brengen nooit aankwam Een van Afrika’s belangrijkste spoorlijnen is verwaarloosd en bemoeilijkt zo de ontwikkeling van de regio. Met geld van ontwikkelingsbanken, waaronder 20 miljoen van het Nederlandse FMO, zou investeringsfonds Qalaa daar wat aan doen. Met Patrick Mayoyo en George Turner zocht ik uit hoe het kan dat de lijn nog steeds zo slecht is. Lees het verhaal van Berber Verpoest hier terug