De Correspondent
Lex Bohlmeijer - in gesprek met Jaap Winter
SoundCloud

Interview

Jaap Winter (Groningen, 1963) bezocht Bhutan, en las in het vliegtuig terug The Sane Society (1956) van Erich Fromm. Zowel het een als het ander heeft zijn denken ingrijpend veranderd, vertelt hij in mijn podcast Goede Gesprekken. In Bhutan kwam hij in aanraking met het Bruto Nationaal Geluk. En Fromm leerde hem kijken naar de samenleving zoals je naar een mens kijkt.

Zo besefte hij: het is niet gezond een organisatie zo vol te stoppen met regels dat niemand zich nog persoonlijk verantwoordelijk voelt. Dan gaat iedereen zich verschuilen achter anonieme wetmatigheden, die niemand meer ter discussie stelt. ‘De markt vraagt het.’ ‘Het mag niet ten koste gaan van het redement.’

Langzaam rijpte het inzicht bij Winter dat het de verkeerde kant op gaat met onze niet te temmen reguleringsdrift. En hetzelfde geldt voor de variabele beloning, dat heeft geleid tot een explosieve groei van de beloningen. Terwijl ook daarbij sprake is van zogeheten ‘afnemend grensnut’: hoe meer je eraan toevoegt, des te minder effect het heeft.

Winter – van huis uit advocaat, hij was partner bij Zuidaskantoor De Brauw Blackstone Westbroek – draagt zijn ideeën tegenwoordig uit als hoogleraar corporate governance, nadat hij vier jaar bestuursvoorzitter van de Vrije Universiteit is geweest. Daarnaast heeft hij een praktijk als consultant, hij adviseert bestuurders en commissarissen.

Hoe het wel kan

En nu is hij iets nieuws begonnen: hij is bestuurder van de kersverse Goldschmeding Foundation, die een transitie in het bedrijfsleven probeert te stimuleren via ontmoetingen en onderzoek. Het kantoor is nog leeg, op twee fauteuils en een kopieerapparaat na. Maar aan ideeën en bevlogenheid geen gebrek.

Hij richt zijn pijlen niet alleen op het oude bedrijfsleven, maar ook op de nieuwe platform-economie. In januari publiceerde Het Financieele Dagblad een met Winter waarin hij op grond van zijn ervaringen met Uber sprak over ‘moderne slavernij’: mensen hebben geen enkele bescherming, maar dragen wel alle risico’s. Hij aarzelt niet om het ‘feodaal’ te noemen: willekeur en rechteloosheid aan de basis, alle macht aan een uiterst smalle top, waar ook alle geldstromen naartoe leiden.

Maar het kan ook anders. Hij geeft het voorbeeld van een wijk waarin 500 gezinnen besluiten om samen 150 auto’s te gaan gebruiken; zonder tussenkomst van een platform dat winst wil maken, als in de oude coöperaties. Winter is ervan overtuigd dat we met zijn allen die kant op moeten gaan.

Interesssant is dat hij ook ervaring heeft in de academische wereld. Toen hij bestuursvoorzitter werd van de VU, eind 2013, stuitte hij op gigantische frustratie. Het besef dat alleen nog gestuurd werd op aantallen diploma’s, dissertaties en studenten had alle inspiratie volledig weggezogen.

Mede op grond van zijn verblijf in Bhutan kwam Winter met het begrip ‘bruto academische waarde’. Het is veel meer dan een student met een diploma. Namelijk: vorming die uitgaat boven kennis; dienstbaarheid aan de samenleving; diversiteit en inclusiviteit.

Het is de bedoeling om straks alle bachelorstudenten (tussen de veertien- en vijftienduizend) een aanvullend programma te laten volgen dat is gericht op persoonlijke groei en zingevingsvraagstukken. Wat ga jij in de wereld doen en waarom? Via MOOC’s (Massive Open Online Course) gaat het over de grenzen van de vakken en specialismen heen. Ze zijn ontwikkeld door studenten zelf, samen met geïnspireerde docenten.

Want het is de hoogste tijd dat de echte vragen op tafel komen.