Thema
Klimaatverandering
Onze toekomst op een planeet die steeds warmer wordt

Met Donald Trumps opzegging van het klimaatverdrag van Parijs wordt het tegengaan van de opwarming van de aarde nóg moeilijker. Maar niemand hoeft in foetushouding in een hoekje te gaan liggen, laten de verhalen in dit thema zien. Talloze burgers, steden en bedrijven werken aan een groene toekomst.

Het leven op aarde wordt, zoals het er nu uitziet, een stuk onbehaaglijker door de gevolgen van de opwarming. Maar juist in een periode van grote verandering kunnen onze verhalen, besluiten en acties het verschil maken.

We kunnen een wereldwijde schone en eerlijke energievoorziening uit de grond stampen. We kunnen ons leren aanpassen aan het warmere klimaat. En we kunnen onze grootste medemenselijkheid tonen aan de mensen die worden getroffen door de opwarming.

De risico’s van de opwarming en de pogingen om die te beperken: je leest er alles over in dit thema.

1

Waarom zou ik me zorgen maken over stijgende temperaturen?

Industriële veeteelt, ontbossing en het gebruik van fossiele brandstoffen hebben geleid tot de uitstoot van ongekende hoeveelheden broeikasgassen. Het is tientallen miljoenen jaren geleden dat er zoveel CO2 in de atmosfeer zat als vandaag, en de concentratie nam nooit eerder zo snel toe als in 2015.

97 procent van de klimaatwetenschappers is het erover eens dat de door mensen uitgestoten broeikasgassen dominante invloed hebben op het klimaat.

Je weet dat je je zorgen moet maken als het ene na het andere record sneuvelt. 2016 is op weg het warmste jaar ooit te worden. Het vorige record stond op naam van 2015, dat 2014 van de troon stootte. De marge waarmee de records sneuvelen, neemt toe.

De gevolgen zijn wereldwijd waarneembaar. De afgelopen dertig jaar verdween bijvoorbeeld zeker de helft van het ijs op de Alle klimaatmodellen voorspellen later deze eeuw een ijsvrije Noordpool, wat de opwarming verder zal versterken, omdat water meer warmte opneemt dan ijs.

2

Hoe groot is de kans dat de opwarming uit de hand loopt?

Alle landen van de wereld willen gevaarlijke klimaatverandering voorkomen en hebben daarom afgesproken de opwarming te beperken tot ruim onder 2 graden Celsius (met een streven van maximaal 1,5 graad). Het probleem is dat we die limiet al bijna zijn gepasseerd.

In het huidige tempo zullen we tussen 2030 en 2045 de Een redelijke kans wil zeggen: een kans van 66 procent, oftewel, ‘waarschijnlijk.’ De onzekerheid in deze schatting heeft te maken met onzekerheid over de klimaatgevoeligheid: de uiteindelijke temperatuurveranderingen bij een verdubbeling van de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer. We kunnen nog tussen de 600 en 1.200 miljard ton CO2 uitstoten als we een redelijke kans willen houden op maximaal 2 graden opwarming. Dat is ons koolstofbudget. verspeeld hebben om de opwarming onder de 2 twee graden te houden. Dan is ons ‘koolstofbudget’ op.

Volgens de meeste modellen koersen we nu af op een opwarming van ongeveer 4 graden in Een opwarming van vier graden gaat gepaard met ‘extreme hittegolven, afnemende wereldwijde voedselvoorraden, verlies van ecosystemen en biodiversiteit, en levensbedreigende zeespiegelstijging,’ aldus de Wereldbank in een rapport uit 2014. Een extreem scenario van 5, 6 of 7 graden opwarming kan leiden tot de onbewoonbaarheid van grote delen van de wereld en de noodgedwongen migratie van - in het ergste geval - miljarden mensen.

Dit is geen waarschijnlijk scenario, maar de kans dat het wel uit de hand loopt is onaangenaam groot. Hoe groot? En wat de gevolgen dan zijn? Lees onze verhalen over de worstcasescenario’s en de tragiek van het klimaat: als de uitstoot stopt, gaat de opwarming door.

3

Wat zijn de gevolgen van de opwarming?

Nu al zorgt de stijgende temperatuur voor een toename van droogtes en stormen, mislukte oogsten en mensen die van huis en haard worden verdreven. Die problemen zullen groeien en meer mensen treffen naarmate de temperatuur stijgt.

Omdat 10 procent van de wereldbevolking in laaggelegen kustgebieden woont, en omdat driekwart van alle grote steden aan de kust ligt, is toenemende zeespiegelstijging een van de grootste risico’s van klimaatverandering.

Vóór de laatste ijstijd, ongeveer 120.000 jaar geleden, was de temperatuur op aarde een graad hoger dan vandaag. De zeespiegel stond toen 5 tot 9 meter hoger. De komende zeespiegelstijging zal steden als Londen, Shanghai, Rio de Janeiro, New York en Amsterdam bedreigen.

Er zijn tal van andere effecten, zoals een gebrek aan zoet water, extreme hitte en steeds heviger bosbranden. De opwarming heeft ook ingrijpende invloed op de biodiversiteit en het leven in de zee. Lees er meer over in de verhalen die we hierover publiceerden.

4

Het epische verhaal van de wereldwijde energietransitie

Eind 2015 spraken alle landen van de wereld in Parijs af om in de tweede helft van de eeuw netto geen broeikasgassen meer uit te De formulering is dat er een balans is tussen (1) de door de mens veroorzaakte emissies van broeikasgassen en (2) de broeikasgassen die we vastleggen, bijvoorbeeld door de afvang en opslag van uitstoot bij energiecentrales. Het einde van het fossiele tijdperk is in zicht: energie uit zonnepanelen en windmolens kan in steeds meer landen concurreren met fossiele energie.

Maar: op dit moment leveren zon en wind samen nog minder dan 2 procent van alle energie die we wereldwijd gebruiken. We gebruiken bijvoorbeeld nog ongelofelijk veel olie voor transport en aardgas om onze huizen te verwarmen.

Willen we ons veilige leefklimaat behouden, dan moet de uitstoot stoppen en moet de huidige concentratie van broeikasgassen aanzienlijk Dat betekent dat kolencentrales moeten sluiten, dat de industrie klimaatneutraal moet worden, en dat de subsidies op het gebruik van fossiele brandstoffen moeten worden afgeschaft. We moeten alle facetten van onze economie – infrastructuur, vervoer, woningen, voedsel – ontkoppelen van fossiele brandstoffen. Alleen de groei van groene energie gaat klimaatverandering dus niet beperken.

Het goede nieuws: steeds goedkopere groene technologie creëert ruimte voor overheden, die bijvoorbeeld op het idee komen om de verkoop van benzineauto’s te verbieden. Daarom begint de wereldwijde energietransitie een episch verhaal te worden.

5

De stille exit van de fossiele energiebedrijven

Steeds meer grote investeerders, pensioenfondsen en (centrale) banken realiseren zich dat investeringen in fossiele Denk aan bedrijven zoals Shell, maar ook aan: investeringen in raffinaderijen, de zware industrie (die in veel landen vooral op kolenstroom produceert), de fossiele overslag in havens (Amsterdam, Rotterdam), de auto-industrie, de luchtvaart, de scheepvaart en de logistiek. later deze eeuw waardeloos kunnen worden. Ze wenden stukje bij beetje hun invloed aan om de fossiele bedrijven naar duurzaamheid te sturen, of ze keren deze industrie de rug toe.

Eigenaren van kolencentrales en mijnbouwers hebben de afgelopen jaren al een duikvlucht gemaakt op de beurs, onder andere door concurrentie van energie uit zonnepanelen en windmolens. In de olie- en gasindustrie gaat het onder meer door de lage olieprijs bijzonder slecht.

De vraag naar fossiele brandstoffen valt niet ineens weg, maar als de energietransitie versneld doorzet, zal de vraag naar olie en gas veel eerder pieken dan de sector denkt, zeggen sommige analisten, met grootschalige kapitaalvernietiging tot gevolg.

De olie- en gasbedrijven draaien zich tot op heden verder vast in fossiele energie, terwijl alle landen van de wereld hebben gezegd daarmee te willen stoppen. Hoe dat afloopt? Daar publiceerden we verschillende verhalen over.

6

Hoe advocaten en rechters bijdragen aan het beperken van klimaatverandering

Burgers en actiegroepen stappen steeds vaker naar de rechter om nalatige overheden tot klimaatactie aan te zetten. Want wie bijdraagt aan klimaatverandering - of onvoldoende actie onderneemt om de opwarming te beperken - draagt ook bij aan de schending van mensenrechten zoals het recht op voedsel en het recht op een veilige leefomgeving.

Het succesvolste voorbeeld: de Klimaatzaak die actie-organisatie Urgenda won tegen de Nederlandse staat. De overheid deed volgens de rechter te weinig om gevaarlijke klimaatverandering te voorkomen en moest de uitstoot sneller terugbrengen om de burgers te beschermen.

In de Verenigde Staten lopen vergelijkbare klimaatzaken van kinderen tegen verschillende staten, en ook in België en andere landen wordt geprocedeerd. De rode draad in alle aanklachten: het klimaat in een paar generaties ontwrichten voor alle generaties na ons is niet rechtvaardig.

7

Hoe kan ik helpen bij het beperken van klimaatverandering?

We kunnen het fossiele tijdperk niet afsluiten zonder kordaat De vijf beleidsmaatregelen die de meeste zoden aan de dijk zetten om de uitstoot van broeikasgassen gerelateerd aan de energievoorziening te verlagen zijn: energie-efficiëntie (meer doen met minder), oude kolencentrales sluiten, investeren in duurzame energie, lekkages van het sterke broeikasgas methaan tegengaan en fossiele-energiesubsidies afschaffen. Voor al deze zaken zijn overheden nodig. en de actieve hulp van het bedrijfsleven. Maar ‘gewone mensen’ zijn allerminst machteloos.

Als consument kun je bijdragen door je voetafdruk te Bekende manieren om je voetafdruk te verkleinen: minder vliegen en autorijden, relatief meer openbaar vervoer gebruiken, je huis isoleren, groene stroom of zonnepanelen nemen, of een aandeel in een windmolen. En: minder spullen kopen, de verwarming niet onnodig aan laten staan, bewust eten. In ons dieet valt veel te halen: de mondiale veeteelt is verantwoordelijk voor bijna 15 procent van alle aan menselijk gedrag gerelateerde broeikasgassen. Minder vlees, vis en eieren eten is dus een uitstekende manier om je CO2-voetafdruk te verkleinen. Als burger kun je je stem gebruiken: in het stemhokje en daarbuiten. Burgers zetten bijvoorbeeld steden, universiteiten en pensioenfondsen onder druk om zich publiekelijk ‘fossielvrij’ te verklaren en hun geld uit de fossiele industrie te halen.

Het aantal energiecoöperaties van mensen die het heft in eigen handen willen nemen groeit snel. En wereldwijde mobilisatie van burgers voor de klimaatconferentie van Parijs eind 2015 zorgde ervoor dat het ambitieuze streven van maximaal 1,5 graad Celsius opwarming in het Verdrag (al moet gezegd worden dat het beleid om die ambitie waar te maken vooralsnog ontbreekt)

We publiceerden verschillende verhalen over de groeiende groep van actieve mensen die gezamenlijk een enorme impact hebben.

8

Klimaatrechtvaardigheid: actie voor een eerlijke verdeling op een hetere aarde

De hoeveelheid CO2 die we nog kunnen uitstoten is beperkt, maar rijke consumenten nemen een veel groter deel van de taart dan armen. Bovendien zijn het vooral armen die de gevolgen te verduren krijgen. Dat is niet eerlijk en de roep om ‘klimaatrechtvaardigheid’ klinkt dan ook steeds luider.

Geestelijk leiders zoals paus Franciscus stellen zelfs dat betrokkenheid bij de armen die lijden als gevolg van onze uitstoot een heilige opdracht is. Het Westen heeft een ‘ecologische schuld’ uitstaan bij de arme landen, stelt de paus, en daarin klinkt hij niet veel anders dan prominente progressieve klimaatactivisten zoals Naomi Klein, die vinden dat het kapitalisme plaats moet maken voor een eerlijker en rechtvaardiger systeem.

Zolang de CO2-voetafdruk van de één veel groter is dan die van de ander, kan van echte duurzaamheid geen sprake zijn. Gelukkig is er geen gebrek aan krachtige pleidooien voor een eerlijke verdeling op een hetere aarde.

9

Waarom we niet bang moeten zijn voor klimaatverandering

Klimaatverandering voelt soms als het einde van de wereld: veel mensen hebben het idee dat de opwarming onze ‘ondergang’ wordt. De grote vraag is vervolgens altijd of we onze voet van het gaspedaal halen voordat we het ravijn in rijden.

Maar er ís helemaal geen ravijn. En er komt geen klimaatapocalyps (zo makkelijk komen we er niet vanaf). In plaats daarvan zijn er sluipende veranderingen en reële crises die ons ontgaan omdat we er niets van merken of omdat we wachten op de narigheid die voor de toekomst is voorspeld.

We moeten dus ook niet in angst blijven hangen. We wéten dat er een groene revolutie aan de gang is. En we wéten dat burgers, bedrijven en overheden de toekomst gezamenlijk vormgeven.

Dit is, kortom, hét moment om na te denken over de invloed die we kunnen uitoefenen. De samenleving is al vaker radicaal veranderd en verbeterd, niet door de krachten van de natuur, maar door mensen zelf.