Dit moest eigenlijk gewoon een verhaal over het wonder der eieren worden. Leuk voor Pasen. Iedereen zoekt eieren. Wat is een ei precies? Maar het nam een iets andere wending. Hoe meer ik leerde, hoe meer ik het voortplantingslot van de vogel en mezelf maar blééf vergelijken, van ei versus eicel. En nu zit ik met een geheel nieuw sentiment: 

Hoezo leg ík geen eieren?! Wat een systeem! Geweldig.

Misschien heb ik iets te lang met Tim Birkhead gepraat, de zeekoetbioloog uit Sheffield die een tweehonderd pagina’s tellende ode aan het ei schreef: The Most Perfect Thing (2016). Maar ook Susana Chuva de Sousa Lopes, stamcelonderzoeker van het Leids Universitair Medisch Centrum, zou desgevraagd morgen nog een ei leggen, als ze moest kiezen tussen dat ei of een zwangerschap. En grappig genoeg gaan ontwikkelingen in de reproductietech ook echt die kant uit – waarover later meer.

Eerst het ei.

Eisentimenten

Bij ‘ei’ zie je vast een suffig bruin ovaaltje met neonrode lettercode voor je; het ei van een productiekip. Onbevrucht, onuitgebroed, massageproduceerd en daardoor alomtegenwoordig en doodnormaal. Maar wie denkt bij eieren nog aan de schitterende objecten die het óók zijn? Met een ongelofelijke diversiteit in vorm, kleur, motieven en structuur, bij al die tienduizend vogelsoorten alleen al, en soms zelfs binnen één soort.

Neem de

‘Zeekoeten zijn uniek onder de vogels’, zegt Birkhead. Ze broeden in openlucht op kale rotsrichels zonder nest, in groten getale, als waren ze op een ‘Eén kolonie die ik bezocht telde zeventig paren per vierkante meter.’ De eieren liggen dan pal op elkaar. Birkhead ontdekte dat het zeekoetei speciaal een puntige vorm evolueerde, opdat het zich schrap kan zetten tegen een rotswand en niet zomaar door een passerende buurvogel het ravijn in   

‘Héél weinig vogels broeden in situaties waar hun eieren verward raken met eieren van anderen’, zegt Birkhead. De zeekoet wel. Ouders moeten hun eigen ei dus En dát verklaart die extreem grote variatie van zeekoeteikleuren: van fluorescerend turqoise als de zee rond een Grieks eiland, via vijftig tinten groen tot diep donkerrood-paars als Met daarbovenop een weelde aan spikkels en strepen, alsof er een Jackson Pollock schuilt in de eileider van  

Het vogelei is een indrukwekkend zelfstandig, embryo-ontwikkelings-apparaat

Eeuwenlang werden eieren dan ook verzameld als kunst in Europa. Totdat het eierrapen te veel vogelkolonies fataal werd en het vanaf de jaren vijftig in steeds meer landen niet meer mocht. Decennia later kwam dit Birkheads eiboek aanvankelijk nog op een ban te staan bij de Britse Royal Society for the Protection of Birds (RSPB). Angst dat oude tijden zouden herleven, mocht Birkheads eiliefde te aanstekelijk zijn.

‘De anti-eicollectiesentimenten zijn sterk’, zegt Birkhead. ‘Musea zijn zeer terughoudend met het tentoonstellen van eieren. Ze weten hoe boos het mensen maakt.’ Doodzonde, vindt hij. Nu leeft ‘het ei’ als object nauwelijks meer.

Maar het ei verdient die erkenning wel. Want naast mooi is het ook qua ontwerp het toppunt van vernuft. Het vogelei is een indrukwekkend zelfstandig, embryo-ontwikkelingsapparaat. 

Alles komt uit een ei

Ex ovo omnia: alles komt uit een ei, ook mensen. Op dag vijf à zes van ons embryonaal bestaan zijn we iets dat een ‘blastocyst’ heet; een hol balletje cellen met daarin een massief balletje cellen. Uit dat massieve balletje groeit ons lichaam, en uit de schil cellen daaromheen groeit de placenta; het orgaan dat de babybouw in goede banen leidt en de bouwstoffenuitwisseling met het moederschip regelt.

Dáár weer omheen zit de ‘eischil’ waar de mens dus uitkomt rond dag zes, een eiwitmantel genaamd ‘zona pellucida’ (of glashuid). Daarna is er innesteling ergens in de En dan wordt een negen maanden durend traject ingezet, waarin je er als zwangere vrijwel alleen voorstaat.

Hoe anders is dit bij de vrouwvogel. 

Het begint al bij de vogel-eierstok. Zie deze voor je als een tros druiven van verschillende grootte, alleen hangen er geen druiven aan maar klompjes eigeel. De eicel van de vogel is in vergelijking met die van mensen dus enorm groot. Dat eigeel bouwt de vogel laagje voor laagje op door specifieke dingen te eten. In sommige vogelsoorten duurt dat een paar dagen, in andere twee maanden.

Eigeel is voeding voor het embryo. Hoe meer eigeel in een ei, hoe volgroeider het kuiken dat eruit komt. Waar de karekiet maar 20 procent van het ei vult met eigeel, en de eend 40 procent, heeft de kiwi een ei met 70 procent eigeel. De karekiet komt dus een stuk hulpelozer ter wereld dan de kiwi. 

De vogel lijkt aan te kunnen sturen wat ze zoal in dat eigeel stopt. Neem een hormoon als testosteron. Vogels leggen maximaal één ei per dag. Stel een kip legt tien eieren. Dan kan de kip ervoor zorgen dat de kuikens in de laatste paar eieren meer testosteron meekrijgen in hun eigeel, dan de eerdere lichting. Waardoor ze meteen assertiever in het leven staan en zo tijdens de strijd om voedsel niet onder hoeven te doen voor hun oudere broers en zussen.

Creatief met eigeel

Als het eigeel gereed is qua volume en samenstelling ‘plopt’ het uit de eierstok. Daar, aan het begin van de eileider, staat het sperma te wachten dat een paar dagen eerder arriveerde na seks. (Veel tuinvogels kunnen sperma een kleine twee weken opslaan, maar de albatros alweer twee maanden.) 

Aan de oppervlakte van die eicel vol eigeel zit de kiemvlek, hier zit Niet te verwarren met de twee ‘hagelsnoeren’ – gedraaide stukjes eiwit – die het eigeel midden in het ei houden. 

Het sperma struint het eigeel af op zoek naar die kiemvlek en dan volgt Al snel komt daar een laag Eiwit is bijzonder spul, met allerlei functies. Het is een interne bumper die de bewegingen van het ei verzacht voor het ontwikkelend embryo, het is eten en drinken, én het vormt een soort biochemische muur vol antibacteriële en schimmelwerende stofjes die het embryo beschermen tegen belagers die door de

Na een ‘zwangerschap’ van één dag, poep je als vrouwvogel een kunstobject uit dat je daarna alleen nog een beetje warm hoeft te houden.

Die schaal is poreus, want het embryo moet ‘ademen’. Het is een laag kalk die als laatste wordt afgezet in de eileider – dit duurt zo’n achttien uur. Het moet sterk genoeg zijn om het gewicht van een broedende vogel te weerstaan én broos genoeg voor een kuiken om zich vrij te breken. Bekijk je een ei met een micro-CT-scanner, dan zie je dat de schaaloppervlaktes van verschillende vogelsoorten totaal verschillen.

Wordt het ei gelegd, dan leeft er al een klein, snel groeiend embryo ingeklemd tussen eigeel en eiwit. 

Oftewel, na een ‘zwangerschap’ van één dag (!), poep je als vrouwvogel een kunstobject uit dat je daarna alleen nog een beetje warm hoeft te houden. Een taak die je totaal fiftyfifty kan delen met de man. Verder regelt het ei zichzelf. Ook kun je in acht dagen meteen acht eieren leggen, waar het onmogelijk zou zijn om acht baby’s met je mee te dragen

Daarbij is het ei ook nog heel Het kan een paar dagen zonder de warmte van de ouders. Birkhead: ‘Soms moeten ouders een eind vliegen voor voedsel, soms is er een storm en worden ze opgehouden.’ Keert de warmte terug, dan gaat de celdeling gewoon weer verder. 

Eindeloos veel ei

Dit klonk allemaal vrij goed. Maar waar m’n mond écht van openviel was Birkheads mededeling dat vogels waarschijnlijk gedurende hun hele leven nieuwe eicellen aan kunnen maken. Alsof vogels niet aan menopauze doen. 

In de embryotech is dit absoluut de heilige graal. Want waar de mens-man gedurende zijn hele leven spermacellen maakt, wordt de mens-vrouw geboren met alle eicellen die ze ooit zal hebben. De rijping van haar eicellen begint al in de foetus – als ze zelf nog in de En vanaf de pubertijd gaan die eicellen alleen maar achteruit in kwaliteit. Nu vrouwen steeds later beginnen aan kinderen, lukt kinderen krijgen dus steeds vaker niet meer. De eicellen zijn bedorven. 

Misschien dat reproductietechneuten toch eens moeten kijken naar de vogelvrouw. Ik belde eicelexpert Susana Chuva de Sousa Lopes, die in Leiden al jaren onderzoekt hoe je uit stamcellen nieuwe eicellen klust. Zij bekeek het onderzoek waar Birkhead zijn nieuwe-eicel-claim op baseert en zag geen bewijs dat vogels inderdaad nieuwe eicellen kunnen maken, maar zag wel iets anders interessants.

‘Wat één onderzoek uit 1921 deed: ze sneden bij kippen een stuk van de eierstok weg, en zagen daarna een onverwachte toename van het aantal eiblaasjes (follikels) die tot Maar dat gebeurt bij mensen ook!’ 

Huh? ‘Ja, ik zie geen bewijs dat vogels echt nieuwe eitjes en follikels maken, alleen dat de reserve die er al was, opeens geactiveerd raakt doordat je erin snijdt’, zegt Chuva de Sousa Lopes. Ze stuurt me wat artikelen van de Japanse vruchtbaarheidsexpert Kazuhiro Kawamura, die de laatste jaren een beetje snijdt in de eierstokken van vrouwen in menopauze en die snijsels terugplaats in de vrouw, waarna ‘slapende’ eitjes plots toch rijpen en ze op een natuurlijke manier  

‘Dat snijden heeft een effect dat we nog niet helemaal begrijpen. Misschien gebeurt er iets met de bloedtoevoer? Of met de immuuncellen?’ Het doet denken aan planten. Dat je soms een tak moet afsnijden om nieuwe scheuten te krijgen. ‘Precies.’ 

Waarom doen we dit in Nederland niet? ‘Nou, vrouwen in menopauze zijn in principe niet ‘ziek’, dus geen arts hier gaat zeggen: weet je wat, ik snijd haar eierstokken stuk, kijken wat er gebeurt.’ Het is nog veel te experimenteel. Misschien in de toekomst.  

Het mensei komt

Best gek eigenlijk: de natuur bedacht maar twee manieren om een nieuw dier ter wereld te laten komen. Of je komt uit een ei, of uit een baarmoeder. Mensen komen uit een baarmoeder. En nu is onze embryotech alweer jaren druk om die baarmoeder overbodig te maken. Oftewel, via een technologische omweg gaat ook de mens straks naar model ei.

Alleen al de realisatie hoe ongelofelijk ingewikkeld dat is, moet het vogelei toch meer aanzien geven. 

Maar het gaat ons wel lukken. Want aan de ene kant, de beginkant van een zwangerschap, kunnen we embryo’s steeds langer in leven houden in glazen bakjes. Neem de Britse embryoloog Magdalena Zernicka-Goetz die menselijke embryo’s opkweekte tot aan de wettelijke grens van veertien dagen (die nu dus

Via een technologische omweg gaat ook de mens straks naar model ei

En daar komen continu nieuwe doorbraken bij. Afgelopen maand nog zette de Israëlische stamcelwetenschapper Jacob Hanna het nieuwe record voor ‘muisembryo’s buiten de baarmoeder in leven houden’ op elf à Vertaald naar het mensembryo is dat ongeveer twintig weken. Voor de halve muizenzwangerschap is dus geen moedermuis meer nodig. Hanna hoopt dat zijn vondsten de mensembryokweek verder helpen naar week vijf.

Aan de andere kant, tegen het einde van de zwangerschap kunnen we te vroeg geboren baby’s steeds beter opvangen. Denk aan de ontwikkeling van de ‘biobag’ – een plastic baarmoeder (of ei?) vol labgebrouwen vruchtwater, die aangesloten wordt Het zakje is in testfase en bracht al enkele goed functionerende lammetjes ter wereld.

Aldoor is de hamvraag: hoe krijgen we genoeg voeding, zuurstof et cetera bij het embryo of de foetus? Zaken die de placenta normaal gesproken regelt. Het wonderlijke ei heeft dit allemaal al opgelost. 

Ik weet niet wanneer we in de evolutie van dat eieren leggen zijn afgestapt, maar waren we er nou maar bij gebleven, dat had een hoop gedoe gescheeld. Chuva de Sousa Lopes knikt.

De bevalling alleen al is een heel traumatisch moment, voegt ze toe, veel dingen kunnen fout gaan, placenta’s scheuren, baby’s krijgen zuurstofgebrek en daardoor hersenschade. Maar ook de hele periode ervoorafgaand. ‘Mensen doen maar wat qua eten, maar wat je eet tijdens de zwangerschap en hoe je je voelt, heeft effect op je baby en zelfs op de geslachtscellen van je baby!’ Op je kleinkinderen dus. 

Denk aan de hongerwinter in Nederland. Vrouwen die weinig te eten hadden en toen zwanger werden kregen kinderen met een verhoogde kans op hartproblemen. Het onderzoek hoe het nu hun kleinkinderen vergaat, loopt nog.

Heeft een vogel geen last van.

‘Als ik de voedsel- en hormonentoevoer buiten de baarmoeder kon reguleren, zou ik dat meteen doen’, zegt Chuva de Sousa Lopes. Aan de andere kant is het idee dat dieren die zich in een baarmoeder ontwikkelen, groter en complexer kunnen worden. ‘Maar het is de vraag of dat zo is, veel kuikens kunnen meteen lopen na geboorte en een baby zit nog heel lang te niksen.’

Daarbij zijn er óók vogels, zoals papegaaien die qua intelligentie en andere vermogens veel dieren uit een baarmoeder ruimschoots overtreffen. Dus zou zo’n baarmoeder dan alleen echt zin hebben voor de ontwikkeling van een mens?

‘Hmm ja, hoe kan dat. Kraaien zijn heel slim en ze komen uit een ei... Geen placenta...’, mompelt Chuva de Sousa Lopes in zichzelf.

‘Een goed idee voor mij om met Pasen even over die beesten na te denken!’

Op de hoogte blijven van m’n avonturen in niet-mensland? Ik schrijf over die andere 99 procent van de wereld: van pluizige pauwspin tot mens-varken-hybride. In deze mail houd ik je geregeld op de hoogte van vragen die ik heb, stukken die ik schreef of mooie wetenschapsverhalen van anderen. Schrijf je hier in voor mijn wekelijkse mail

Eén eistuk is geen eistuk

Een eicel uit een huidcel: vruchtbaarheid voor iedereen is nabij Uit élke cel in je lichaam is straks een ei- of zaadcel te kweken. Goed nieuws voor oudere vrouwen en kankeroverlevers. Ook leuk: de massaproductie van embryo’s? Lees meer over het eicelonderzoek van Chuva de Sousa Lopes