22
Facebook
Twitter
LinkedIn
Whatsapp
E-mail
Met een wreed verhaal verpakt in wonderschone zinnen won Alfred Birney deze week de Libris Literatuur Prijs voor zijn roman De tolk van Java. Die overwinning staat niet op zichzelf. Langzaam lijkt de aandacht voor ons diep weggestopte koloniale verleden in Indonesië toe te nemen.

Hoe Libris-winnaar Alfred Birney ons de ogen opent voor een weggestopte koloniale oorlog

‘Het vervelende van zo’n moment is dat je niet onder de tafel mag duiken,’ begon Birney zijn dankwoord.

Jezelf verstoppen is geen optie als je net de belangrijkste literaire prijs van Nederland hebt gewonnen en aan Birney’s brede glimlach was te zien dat hij dat ook niet wilde.

Na veertien boeken en dertig jaar schrijverschap eindelijk erkenning. Niet alleen voor zichzelf, ook voor een koloniale oorlog die, Alfred Birney sprak over erkenning in deze uitzending van Nooit meer slapen. zoals hij later die avond zou zeggen, altijd onder het tapijt is geveegd.

Want wat is het verhaal?

In Hier vind je informatie van de uitgeverij over De tolk van Java. De tolk van Java beschrijft Birney het huiveringwekkende verhaal van zijn gewelddadige Indische vader. Die vader, in het boek Arto genoemd, groeit op in het Oost-Javaanse Soerabaja. Tijdens de Japanse bezetting in het begin van de jaren veertig wordt Arto meermaals gemarteld en ziet hij hoe de Japanners mensen onthoofden.

Als de Japanners in 1945 worden verslagen, roept Soekarno (1901 – 1970) was de eerste president van de Republiek Indonesië. de onafhankelijkheid van Indonesië uit. Maar Nederland is niet van plan de kolonie zomaar op te geven. Arto zweert trouw aan de Nederlanders – boven zijn bed hangt een portret van koningin Wilhelmina – en meldt zich bij het Nederlandse leger om de Indonesische vrijheidsstrijders te bevechten.

Arto kan zijn trauma niet wegstoppen en reageert dat een leven lang af op zijn vrouw en kinderen

Hij krijgt een functie als tolk, om te helpen bij het verhoren van gevangenen, maar wordt vooral ingezet om te vechten. En dat doet hij. Arto doodt zoveel Indonesische strijders, dat hij bij honderd stopt met tellen. Zonder twijfel doorzeeft hij een vrouw en haar pasgeboren baby om de vrijheidsstrijder achter hen te doden.

Eenmaal in Nederland probeert Arto een normaal leven op te bouwen. Dat wordt een catastrofe. Hij kan zijn trauma niet wegstoppen en reageert dat een leven lang af op zijn vrouw en kinderen. Waaronder de auteur zelf.

En dat voel je op elke bladzijde van De tolk van Java. Een tientallen pagina’s tellend relaas over de gruwelen van zijn vader lijkt in één vlaag van woede opgeschreven. De stijl was dan ook een belangrijke reden voor de Librisprijs: een ‘literair voortreffelijke roman,’ Lees hier het juryrapport over De tolk van Java. schreef de jury.

Erkenning voor de koloniale geschiedenis

Die stijl is één ding. Dat een thematisch boek als De tolk van Java zo’n prijs kan winnen, is niet los te zien van de toenemende aandacht voor dit weggemoffelde hoofdstuk Nederlandse geschiedenis.

De afgelopen jaren had de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog ook mijn interesse. Mijn grootvader vocht als soldaat eveneens aan Nederlandse zijde. In 1945 vertrok hij als oorlogsvrijwilliger vol idealisme vanuit Nederland om Lees hier meer over het verhaal van mijn grootvader. er drie jaar later gedesillusioneerd terug te keren.

Na zijn dood in 2008 vond ik zijn dagboeken en brieven uit die tijd en begon ik me meer te verdiepen in de koloniale oorlog. Zoals bij velen van mijn generatie (ik kom uit 1987) was mijn basiskennis over dit deel van de Nederlandse geschiedenis nihil. Op school had ik er amper iets over gehoord en ook in de media kwam ik het bijna nooit tegen.

De laatste jaren lijkt een verandering gaande. Er verschijnen meer boeken over de koloniale oorlog en het onderwerp staat meer op de radar van nieuwsredacties. Is dan eindelijk het moment aangebroken waarop we met een open blik naar ons koloniale verleden kunnen kijken?

Eindelijk onderzoek naar ons koloniale verleden

In 2012 vroegen Namelijk het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land-, en Volkenkunde (KITLV), het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) en het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust en Genocidestudies de regering om financiering voor een grootschalig onderzoek naar het geweld tijdens Lees hier waarom de onderzoekers naar de koloniale oorlog wilden kijken. de koloniale oorlog. De regering achtte het onderzoek op dat moment niet relevant.

Dat weerhield historici niet zelf de dekolonisatie onder de loep te nemen.

Zo onderzocht Gert Oostindie honderden memoires, dagboeken en brieven van Nederlandse militairen. Zijn boek Hier vind je informatie van de uitgeverij over Soldaat in Indonesië. Soldaat in Indonesië geeft een indringend beeld van hoe al die jonge jongens dachten dat ze hun ‘rijksgenoten in Indië’ zouden bevrijden van de Japanners, maar terechtkwamen in een guerrillaoorlog.

Hoewel de meeste militairen zich daar et schuldig aan hebben gemaakt, moet het aantal oorlogsmisdaden in de tienduizenden worden geschat

Oostindie vond in die egodocumenten vele verwijzingen naar door de Nederlanders gepleegde oorlogsmisdaden. Hoewel hij benadrukt dat de meeste militairen zich daar niet schuldig aan hebben gemaakt, moet het aantal oorlogsmisdaden Bekijk hier een interview met Gert Oostindie bij Brandpunt. volgens hem in de tienduizenden worden geschat.

Geweld was ook het uitgangspunt van Rémy Limpachs promotieonderzoek, vorig jaar uitgegeven onder de titel Hier vind je informatie van de uitgeverij over De brandende kampongs van Generaal Spoor. De brandende kampongs van Generaal Spoor. Volgens Limpach gebruikten de Nederlanders Rémy Limpach sprak zich daarover uit in deze uitzending van Nieuwsuur. structureel extreem geweld tijdens de koloniale oorlog. 

Decennia werden Nederlandse oorlogsmisdaden Zoals in de Excessennota van 1969 gebeurde. Deze was opgesteld naar aanleiding van onthullingen van Indiëveteraan Joop Hueting over oorlogsmisdaden. De regering gaf historicus Cees Fasseur de onmogelijke opdracht om in drie maanden een beeld te schetsen van het Nederlandse geweld. Het rapport bevatte uiteindelijk 110 gevallen van ‘excessen’ en premier Piet de Jong concludeerde ‘dat de krijgsmacht als geheel zich in Indonesië correct heeft gedragen.’ Dat werd met Limpachs conclusies definitief onmogelijk. Zijn boek was aanleiding voor de Nederlandse regering om alsnog een vierjarig Hier kun je meer lezen over het onderzoek dat in september start. onderzoek te financieren, dat in september van start gaat.

Protestleus voor onafhankelijkheid in Indonesië (1947). Foto: Cas Oorthuys / Hollandse Hoogte

Protestleus voor onafhankelijkheid in Indonesië (1947). Foto: Cas Oorthuys / Hollandse Hoogte

En het perspectief van de Indonesiërs zelf?

Andere schrijvers zoeken het, net als Alfred Birney, vooral in persoonlijke verhalen. Zoals Maarten Hidskes, die de rol van zijn vader in de Zuid-Celebes-affaire onderzocht.

In 1946 sloegen de Nederlanders onder commando van de beruchte kapitein Westerling op bloedige wijze en met behulp van standrechtelijke executies het verzet in Zuid-Celebes neer. Duizenden Indonesiërs vonden de dood. In zijn boek Hier vind je informatie van de uitgeverij over Thuis gelooft niemand mij. Thuis gelooft niemand mij komt Hidskes erachter welke kwalijke rol zijn vader in de oorlog heeft gespeeld.

Het is niet alleen geweld waarover wordt geschreven. In Hier vind je informatie van de uitgeverij over Op klompen door de dessa. Op klompen door de dessa tekent Hylke Speerstra op integere wijze de verhalen op van oud-Indiëgangers. Vol mededogen beschrijft hij de gevoelens van heimwee, de twijfels over hun missie en de nooit verwerkte trauma’s van de inmiddels hoogbejaarde mannen.

David Van Reybrouck Lees hier het verhaal van David Van Reybrouck terug. stipte in een eerder artikel op De Correspondent al eens aan dat dit soort verhalen nog wel vaak een Nederlands uitgangspunt heeft. Toch ontstaat er de laatste jaren meer ruimte voor de Indonesische kant van het verhaal.

In 2011 wonnen Indonesische weduwen een rechtszaak van de Nederlandse staat. Ze hadden deze zaak aangespannen wegens het zonder proces ‘standrechtelijk’ executeren van hun echtgenoten tijdens een door Nederlandse soldaten gepleegde massamoord in 1947 in het Javaanse plaatsje Rawagede.

Ondertussen besteedde journalist en historicus Lees hier meer over het werk van Anne-Lot Hoek. Anne-Lot Hoek al vaker aandacht aan de vrijheidsstrijders op Bali en Madoera en laat schrijver Kester Freriks in Hier meer informatie over Echo’s in Indië. Echo’s in Indië vele Indonesische stemmen aan het woord.

Maar voor een echt Indonesisch perspectief moeten we natuurlijk in het land zelf zijn. Daarom zou in samenhang met de toenemende aandacht voor ons koloniale verleden een herontdekking van de grote schrijver Pramoedya Ananta Toer (1925 - 2006) was een Indonesisch schrijver. Tot zijn bekendste boeken behoren Aarde der mensen en Kind van alle volken. Meer over het werk van Pramoedya Ananta Toer op zijn plaats zijn. In zijn romans liet hij zeer invoelend en daarmee pijnlijk de ondergeschikte positie van de Indonesiërs in het vooroorlogse Nederlands-Indië zien.

De inspirerende nieuwsgierigheid van Alfred Birney

Heel voorzichtig tillen we zo zeventig jaar na dato een hoekje van het tapijt op. Van harte gaat dat nog zeker niet. De financiering van het grootschalige onderzoek kwam moeizaam tot stand en de Nederlandse regering maakte pas excuses aan de weduwen van Rawagede nadat deze juridisch werden afgedwongen.

Anders dan de Nederlandse regering durfde Alfred Birney de confrontatie met het verleden wel aan. Niet dat hij blij was met wat hij aantrof. ‘Ik wilde de verhalen van mijn vader niet geloven. Wie wil er een vader die meer dan honderd mensen heeft gedood?’ zei hij afgelopen weekend nog in een Lees hier het Volkskrantinterview met Alfred Birney terug. interview met de Volkskrant.

Maar door die geschiedenis van zijn vader recht aan te kijken, kon hij diens ‘woede en gevoel van miskenning beter begrijpen.’

Volgens mij is de oprechte nieuwsgierigheid naar ons koloniale verleden, zoals Alfred Birney ons in De tolk van Java liet zien, de enige weg naar een beter begrip ervan. Zodat we die geschiedenis niet langer onder het tapijt vegen.

Mijn boek Hier lees je meer over het boek Tabé Java, tabé Indië. Tabé Java, tabé Indië - de koloniale oorlog van mijn opa verschijnt in augustus.

Lees ook:

Waarom wij zo weinig van de oorlog in Indonesië afweten Mijn grootvader diende tussen 1946 en 1948 in Nederlands-Indië en tekende zijn belevenissen op in een dagboek. Bijna zeventig jaar na de onafhankelijkheid van Indonesië bezoek ik dezelfde plekken als mijn opa. Waarom weten we zo weinig van die tijd? Lees het verhaal hier terug Tijd om eens over dat Indië in Nederlands-Indië te schrijven Er zijn honderden en honderden Nederlanders, die honderden en honderden boeken over de Nederlandse kolonie hebben geschreven. Vaak van uitmuntende kwaliteit. Maar, ze gaan vaak meer over Nederland, dan over Indië. Tijd om daar verandering in aan te brengen. Lees het betoog hier terug In het Nationaal Archief verbergt de overheid namenlijsten van vermoorde Indonesiërs De Nederlandse regering zegt niet te weten welke Indonesiërs door Nederlandse militairen zijn geëxecuteerd halverwege de vorige eeuw. Wat blijkt? Een deel van die namen ligt gewoon in het Nationaal Archief. Het officiële verhaal luidt dat deze namenlijsten per ongeluk in Indonesië zijn achtergebleven. Wat zegt dit over de Nederlandse omgang met de zwarte bladzijden uit de geschiedenis? Lees het onderzoek hier terug

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Dan kun je gewoon verder lezen. Wij geloven niet in betaalmuren, omdat we het belangrijk vinden dat onze journalistiek zoveel mogelijk mensen bereikt. Wil jij toegang tot alle verhalen? Word dan lid!

In gesprek:
Ronald Nijboer
Schrijver In hoeverre ervaren jullie een toenemende aandacht voor de koloniale oorlog? En welke boeken dragen volgens jullie bij aan een beter begrip ervan?
In hoeverre ervaren jullie een toenemende aandacht voor de koloniale oorlog? En welke boeken dragen volgens jullie bij aan een beter begrip ervan?