Ik heb mezelf deze week verloren in EU-richtlijnen over stofzuigers.

Daarover later meer.

Eerst het grote Europese nieuws van deze week: (die overigens verdacht veel op ene Frans Timmermans lijkt – toeval!?). Kranten schreven erover, talkshows spraken er schande van, Twitter overstroomde.

Subtiel is het filmpje dan ook niet. Een corpulente Brusselmans zit broekloos achter een piano, terwijl hij het Europese volkslied speelt, en naar een portret van Jean-Claude Juncker tuurt. In de slotbeelden zien we hoe de vadsige eurocraat een lekkend stuk slagroomtaart naar binnen hengelt alsof het een haring is. De voice over legt uit: ‘Hans wil Nederland opslokken.’

Het filmpje is een dieptepunt in deze campagneperiode die toch al niet uitblinkt in inhoud. Het gaat vooral over of we meer of minder Europa willen. Zelden gaat het over wat dat Europa dan doet, en waarvan we dan meer of minder willen.

Wat mij op die stofzuigers brengt. Want geloof het of niet: weinig laat zo goed zien hoe effectief, invloedrijk en belangrijk de EU kan zijn als de Europese richtlijn voor stofzuigers.

Nu snap ik ook wel: stofzuigerregelgeving is niet bepaald voer voor voorpagina’s, talkshows of kekke campagnefilmpjes. Sterker nog, een paar jaar geleden verklaarde zelfs eurocommissaris Frans Timmermans – toch niet bepaald een euroscepticus – dat de EU

‘Zitten we daar op te wachten?’ zei hij. ‘Ik denk het niet.’

Toch zijn het precies dit soort ogenschijnlijk onbeduidende wetten die het verschil maken. Sterker: die de grootste innovatiegolf in de stofzuigsector van de afgelopen vijftig jaar hebben ontketend.

De Stofzuigerrevolutie begon in Brussel

Waar gaat het over?

Sinds 2009 bestaat Hiermee verplicht de Europese Unie fabrikanten hun producten stiller, zuiniger en duurzamer te maken. Zo moet je grasmaaier een standby-stand hebben, moeten wasmachines beter te repareren zijn, moeten autobanden slijtvaster worden en zijn gloeilampen zelfs helemaal in de ban gedaan.

Standby-knoppen op grasmaaiers, dat klinkt natuurlijk nogal, nu ja, kneuzig. Maar vergis je niet: tel alle Ecodesign-maatregelen bij elkaar op en je komt uit op gi-gan-tische energiebesparingen.

De Ecodesign-richtlijn gaat in 2020 vergeleken met niks doen – en dat loopt naar schatting nog eens op tot 496 megaton CO2-equivalent in 2030. Ter vergelijking: dat is tien keer het volledige Nederlandse klimaatakkoord aan CO2-besparing.

En één miniem onderdeeltje van dat pakket maatregelen betreft: stofzuigers.

Nu moet je weten dat stofzuigers in de loop der jaren In de jaren zestig had de gemiddelde stofzuiger nog een vermogen van 400 watt, tegen 2010 was dat opgelopen naar gemiddeld 1.800 watt.

Hoe meer watt, hoe harder je kunt zuigen? Niets is minder waar. Tussen stopcontact en zuigmond gaan bakken energie verloren

Mooi, want dan kun je dus harder zuigen, denk je dan. Maar niets is minder waar. Tussen stopcontact en zuigmond gaan bakken energie verloren. In constateerden onderzoekers dat in de meeste stofzuigers slechts 10 tot 33 procent van de energie werd omgezet in zuigkracht. Veel huishoudelijke stofzuigers waren in feite prijzige luchtverwarmers op wieltjes.

Hoe kan dat? Waarom zouden fabrikanten hun industrieel vernuft niet gebruiken om zuinige zuigers te bouwen? Omdat consumenten een eenvoudige en onjuiste vuistregel bij de aankoop van een stofzuiger hanteren, namelijk: meer watt is meer zuigkracht. Bovendien kijken ze niet naar de totale kosten van het gebruik (wat kost mij dit aan elektriciteit? Hoe lang leeft deze stofzuiger?), maar slechts naar de aanschafprijs.

Zo raakte de stofzuigerindustrie verwikkeld in een heilloze concurrentiestrijd om de consument, met als resultaat: steeds meer overbodige watts in onze stofzuigers.

In moordend tempo daalde het energieverbruik

Maar gelukkig was daar de Europese Unie, met haar ‘gekke’ regels. Vanaf 2014 mochten stofzuigers van de EU nog maar 1.400 watt verbruiken en in 2017 zelfs nog maar 900 watt.

De Britse tabloidpers sloeg volkomen op hol toen de regels werden aangekondigd. ‘Hoovergate’ noemden ze de richtlijnen. Want vrijheid, dat is immers zuigen met 2.000 watt en 100 decibel takkeherrie.

Dankzij de regels werd het energieverbruik in een moordend tempo omlaag gebracht.

En? Hadden ze gelijk? Moet je nu je tapijt kapot drukken en eindeloos heen en weer gaan om die hardnekkige pluk kattenhaar weg te krijgen? Geenszins. Stofzuigers hebben drie keer minder vermogen, maar scoren nauwelijks minder op tests van de Consumentenbond.

Alleen al dankzij deze ene stofzuigermaatregel wordt tot 2030 maar liefst 11 megaton CO2 per jaar bespaard. Dat is een kwart van het streven van het hele Nederlandse klimaatakkoord.

En daar houdt het niet op. De Europese Unie verplichtte fabrikanten ook stillere stofzuigers te produceren, motoren die langer meedraaien, slangen die niet stuk gaan. Zo werd in een paar jaar tijd een golf van innovatie ontketend.

Iedereen is daar uiteindelijk beter van geworden. Ja, de aanschafprijs van een stofzuiger is met een tientje toegenomen, maar de kosten over de hele levensduur daalden met 150 euro.

Wat leert dit verhaal over stofzuigers ons nu?

In ieder geval dit: kleine, ogenschijnlijk onbeduidende regeltjes kunnen gigantische effecten hebben als je ze niet alleen nationaal, maar grensoverschrijdend invoert.

En ook: regeltjes die vaak als symbool van krankzinnige ‘bemoeizucht’ en ‘bureaucratie’ worden opgevoerd, kunnen juist meer innovatie en vooruitgang veroorzaken dan de meest hippe startups van de wereld.

En last but not least: deze stofzuigercasus is een voorbeeld uit duizenden. Want Europa maakt niet alleen regels voor stofzuigers. Het bedenkt ook een gemeenschappelijke belastinggrondslag voor de winstbelasting. CO2-normen voor vrachtverkeer. Minimumveilingprijzen voor het emissiehandelsysteem. En ga zo maar door.

Dat klinkt allemaal zo saai als de Ecodesign-richtlijn. Dus dan is het makkelijker om het over ‘meer’ of ‘minder’ Europa te hebben. Daarom maakt het CDA zich ook zo druk over de zinsnede ‘strevend naar een steeds hechtere verbintenis’ in Europese verdragen. Wil D66 het EU-lidmaatschap in de grondwet opnemen. En zendt de SP zo’n Hans Brusselmans-spotje uit.

Maar de vraag is: wat vinden ze eigenlijk van de Europese stofzuigerrichtlijn?

Meer lezen?

De nuchtere cijfers wijzen uit: een stille meerderheid van Nederlanders is pro-Europees (en het vertrouwen in de EU groeit) Over twee weken is het zover: de Europese Parlementsverkiezingen. Een goed moment om eens de cijfers in te duiken: hoe pro-Europees zijn Nederlanders eigenlijk? En waarom leven die verkiezingen nog zo weinig? Lees het verhaal van Rutger hier terug Vergeet de vegaburger: de echte strijd in Brussel ging deze week over de landbouwmiljarden Volop in de aandacht was afgelopen week het verbod op ‘vegaburger’ dat het Europees Parlement wil uitvaardigen. Maar er stond veel meer op het spel: de besteding van 365 miljard euro en de vraag wat boeren moeten doen om uit de ruif van Europese landbouwsubsidies te eten. Lees het verhaal van Tomas hier terug