Al vroeg in Captain America: The Winter Soldier wordt de titelheld door een bad guy uitgedaagd zijn masker af te doen. Jij stelt niets voor zonder masker en schild, schreeuwt de kale Karpatenkop, die op de grond ligt te wachten op de genadeklap. Captain ‘Cap’ America (gespeeld door aarzelt geen seconde om zijn schild op te bergen en de kerel zijn ongelijk in te timmeren.

Waar andere superhelden als Batman, Spiderman en Superman hun geheime identiteit angstvallig beschermen, is Cap, ook als hij zijn pak aanheeft, ‘gewoon’ Steve Rogers. De helft van de film rent hij in spijkerbroek rond. Het past bij zijn goudeerlijke inborst, zijn absolute goedheid, datgene waaraan hij zijn status als saaie superheld dankt. Maar in werkt dat ‘braafste jongetje van de klas’-imago ook wel verfrissend.

Eerst nog even dat pak. Waarom het masker, de maillot, de Gelaarsde-Kat-laarzen als iedereen best mag weten wie je bent? In The Winter Soldier wordt duidelijk dat het pak van Captain America niet zozeer een vermomming is, als wel een uniform. ‘Een oorlog vechten doe je in uniform,’ vindt hij.

Een soldaat in een maillot

Captain America is in de eerste plaats soldaat. Hoe hij dat geworden is, kwam aan de orde in de eerste film uit deze reeks. The First Avenger (2011) vertelt hoe de superheld in 1941 in het leven wordt geroepen als symbool voor de verdediging van Amerikaanse idealen. Steve Rogers wil niets liever dan vechten voor zijn land, maar hij is te klein en te zwak. Vanwege zijn rechtschapenheid wordt hij geselecteerd voor een experiment waarbij hij wordt omgetoverd tot kleerkast met paardenkracht.

De romantiek is vervangen door politieke paranoia; de Indiana Jones-muziek door stuwende bassen; de knullige laserpistolen door peperduur geanimeerde drones

Als supersoldaat neemt Cap het op tegen de überslechteriken. Nazi’s, uiteraard, verenigd in de geheime divisie HYDRA. Hun doel (vrij geïnterpreteerd): alles kaputt machen! Good old Cap redt de wereld, maar verdwijnt daarbij zelf onder een ijskap. Zeventig jaar later wordt hij uitgebeiteld en vindt hij zich verward op een helverlicht Times Square in New York. En daar, tussen de led-schermen, eindigt deel één.

The First Avenger speelde in de jaren veertig en had op een charmante manier iets van een Steven Spielbergklassieker. The Winter Soldier, daarentegen, speelt in het heden en heeft alle bombast van de doorsnee superheldenblockbuster. De retro romantiek is vervangen door politieke paranoia; de Indiana Jones-muziek door stuwende bassen; de ietwat knullige laserpistolen door monstrueuze, peperduur geanimeerde drones.

Gevaar uit eigen land

Om die drones draait het. Cap werkt voor de inlichtingendienst S.H.I.E.L.D., waar gewerkt wordt aan vliegende vliegdekschepen die precisie-aanvallen kunnen uitvoeren op burgers van wie middels een algoritme is vastgesteld dat ze kwaad in de zin hebben. Cap, met zijn robuuste morele kompas, vindt het maar niks. Waar hij vandaan komt, moet je eerst schuldig zijn voordat je gestraft kunt worden.

Zijn voorgevoel blijkt gegrond. ‘Het Kwaad’ – dat zich zo coherent bewijst als die generalisatie impliceert – zit erachter. Samen met ex-KGB-spionne Natasha Romanoff ( en collega soldaat Sam Wilson moet Cap de mensheid behoeden voor een hedendaagse holocaust.

De actualiteit van deze verhaalwereld met alomtegenwoordige overheidssurveillance, drone-oorlogsvoering en gedachtenpolitie, valt niet te missen. Het is wel opmerkelijk dat juist Captain America – die voor een superheld opvallend weinig te verbergen heeft – ten strijde trekt tegen deze NSA-achtige repressie.

Het is opmerkelijk dat juist Captain America ten strijde trekt tegen deze NSA-achtige repressie

Maar goed, het fascistische plan van S.H.I.E.L.D. vormt een bedreiging voor de vrijheid. En daar is het Captain A. uiteindelijk altijd om te doen. Wat interessant is aan deze nieuwe strijd is dat de bad guys in dit geval uit eigen land (en eigen dienst) komen. Werd het Cap voorheen eenvoudig gemaakt de assen te bepalen – de moffen, de Russen, de anti-patriotten –, nu lijkt het kwaad aanvankelijk onoverzichtelijker. Cap ziet zich geconfronteerd met de in Amerika zo acute frictie tussen vrijheid en veiligheid.

Rekruteringspropaganda

Dat hij zich kritische toont ten opzichte van het vaderland helpt er wellicht bij dat Cap-films nu ook buiten de VS aan populariteit winnen. Superhelden zijn bovendien een beetje als vastgoedprijzen: erg afhankelijk van de markt. Het personage Captain America verloor na de oorlog zijn appeal en werd door ons, moderne kijkers, vaak weggezet als een ouderwets gezapig, eendimensionaal figuur. We omarmden liever de getraumatiseerde Batman, de alcoholverslaafde Iron Man, de schizofrene Hulk.

Die rommelige, getroebleerde manfiguur die zich met masker en cape aan de realiteit van zijn complexen onttrekt, is misschien langzaamaan tot cliché verworden. De makers van Captain America slagen erin om de fatsoenlijke captain, in al zijn heldere eenvoud, met een zekere allure af te laten steken tegen zijn grungy collega’s. Wie had dat gedacht?

Filosoof Maxim Februari De Groene Amsterdammer: ‘Als we dan toch denken in een volstrekt nieuw tijdperk te zijn aangekomen, moeten we vooral die dingen die van oudsher goed werken niet voortijdig het raam uit gooien.’ Cap – door Johanssons personage schertsend ‘een fossiel’ genoemd – zou het grondig met hem eens zijn.

Hoe hij zich echter ook aanpast aan de tijd, Captain America blijft in essentie rekruteringspropaganda, zoals hij in stripvorm oorspronkelijk bedoeld is. Het is geen toeval dat de voorstelling die ik zag in Pathé vooraf werd gegaan van een reclame voor Defensie. Maar dan wel met een ondertoon van terug naar de basis. De ideale soldaat, zo lijkt Captain America te zeggen tegen jong volk dat het leger in wil, is een ideale schoonzoon. Een schoonzoon zoals je opa hem zou uitzoeken.

YouTube
Bekijk hier de trailer van de film.