Foto: Wessel Baarda (voor De Correspondent)

Door drugsgebruik problematisch te noemen, wordt het dat. Zoals we in het verleden heksen op de brandstapel hebben gezet, zo denken we nu dat drugsgebruikers een probleem hebben doordat ze gebruiken. Dat zegt socioloog Peter Cohen.

Die wordt vaak geïntroduceerd als ‘drugsprofessor’ als hij zijn onconventionele mening ergens verkondigt. Cohen is een socioloog en kijkt door die bril naar Cohen was oprichter en hoofd van het Centrum voor Drugsonderzoek aan de Universiteit van Amsterdam. Hij was adviseur bij het Europees waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EMCDDA), een agentschap van de Europese Unie. Cohen is sinds 2004 met pensioen. Hij woont in Frankrijk, maar heeft nog een pied-à-terre in Amsterdam-West, waar ik ‘m sprak in een lunchroom.

Cohen is een verfrissende stem in mijn zoektocht om het drugsbeleid beter te begrijpen nu de discussie erover op slot lijkt te zitten. Hij spreekt met de cadans van een echte professor, maar als hij ondeugend gniffelt lijkt hij op Robin Williams.

Een interview in vier radicale stellingen.

Stelling 1. Verslaving bestaat niet

Wat is een verslaving?
‘Het is het aangaan van een diepe emotionele binding met een object. Een heel normaal proces, maar sommige objecten worden door onze cultuur niet geschikt geacht voor zulke bindingen.’

‘Sommige sterke bindingen vinden we volkomen normaal. Zo kende ik een vrouw die al sinds haar zesde wist dat ze balletdanseres wilde worden. Ze heeft geleden, haar vrienden opgegeven, alles omdat ze er zo’n sterke band mee had.’

‘Toch was er niemand die haar op een krukje zette en vertelde dat ze haar leven om moest gooien. Haar binding wordt door onze samenleving niet veroordeeld, want ballet is een vorm van kunst. Maar sommige andere sterke bindingen worden wel veroordeeld.’

‘In de praktijk kunnen mensen hun bindingen blijkbaar heel goed structureren’

Kan een binding dan nooit een probleem worden?
‘Alle bindingen hebben het in zich om een probleem te worden. Denk aan een vriendin waar je gek op bent, maar waar je ook gek van wordt. Wat moet je dan? Mét haar ben je niet gelukkig maar zónder haar ook niet. Is die binding goed of slecht voor je?’

‘Er was een man die aan het begin van mijn carrière belangrijk is geweest voor mijn theorievorming. Die man zei: ‘Ik ga zes weken naar Spanje, waar ik niks gebruik. Drie dagen voor ik vertrek neem ik steeds minder methadon’.’

Even voor de duidelijkheid: hij was verslaafd aan heroïne en gebruikte methadon?
‘Hé. Zolang je met mij praat, moet je het woord ‘verslaafd’ niet gebruiken.’

Sorry. Ik bedoel: ‘Hij had een sterke binding met eh..’
‘Een sterke binding met opiaten, ja. Hij was er helemaal verliefd op.’

‘Dus die man zegt: ‘Drie dagen voordat ik vertrek, ga ik minder methadon gebruiken.’ En dan komt-ie aan in Spanje en vergeet hij het helemaal. Maar, zei hij: ‘Zodra ik terugga naar Nederland, bel ik de GGD dat ze vast methadon voor me klaarleggen, lekker voor als ik thuiskom’.’

‘Kortom: in de praktijk kunnen mensen die bindingen blijkbaar heel goed structureren.’

Stelling 2. De binding kan gewoon verbroken worden

Maar wat als mensen de hele tijd de verkeerde keuze maken en niet afkomen van een binding die slecht voor ze is?
‘Mensen hebben weleens hulp nodig van hun vrienden en familie. Als je relatie uitgaat, moet je ook afscheid nemen van die binding. Je kan er dagen van in bed liggen en fysiek misselijk worden. Het verbreken van een hechting is altijd zwaar, dus soms heb je hulp nodig.’

En mag die hulp dan misschien ook van een onbekende komen? Iemand die vaker mensen spreekt die van een binding af willen?
‘Ja, je mag van mij best van een binding af willen en daar professionele hulp bij krijgen. Een sterke binding geef je niet zomaar op.’

‘Het verslavingsmodel past mooi in ons huidige beeld van hoe de samenleving eruit hoort te zien’

Het klinkt logisch, maar ik krijg toch ergens een ongemakkelijk gevoel bij je mening. Het is toch overduidelijk dat er mensen zijn die problemen hebben met middelengebruik?
‘Kijk: het verslavingsmodel is een bril die je opzet. Zet de verslavingsbril af en je begrijpt opeens wat de relatie tussen middelen en de mens is. Dat die binding niet zoveel bijzonderder is dan andere sterke bindingen. Dat die soms niet verbroken kunnen worden zonder er offers voor te brengen.’

‘Maar die bril afzetten is heel moeilijk. Het verslavingsmodel past mooi in ons huidige beeld van hoe de samenleving eruit hoort te zien.’

Hoe bedoel je?
‘De heersende norm is op dit moment dat elk individu mee moet doen, productief moet zijn in de samenleving en tegelijkertijd zijn eigen baas is en verantwoordelijk voor zijn eigen keuzes.

‘Als je je dus de hele dag bezighoudt met dingen die de samenleving als onproductief ziet, dan wordt het afgekeurd door de heersende moraal.’

‘En ons ideologisch systeem stelt als basisthese dat wij autonome wezens zijn, als kapiteins op ons eigen levensschip. Wij bepalen onze eigen koers.’

‘Maar ik zeg: wij zijn geen autonome robots met een interne computer die je de juiste kant kan opsturen, dat is een onbereikbare utopie. Wij zijn verbonden wezens wier levens gebaseerd zijn op afhankelijkheden waar we vaak niet eens bij stilstaan. Iedereen heeft sommige zeer sterke afhankelijkheden die niet of zeer moeilijk op te heffen zijn. Dat kenmerkt alle sterke banden en niet alleen die van drugs.’

Hier ontaardt ons gesprek in een discussie waarbij ik de stelling inneem dat bindingen met een stof anders zijn dan andere bindingen, omdat ze aan de knoppen zitten van het neurologische systeem dat bepaalt waar we bindingen mee willen aangaan en waar niet mee.

Stelling 3. De binding is niet afhankelijk van het middel

Wat als er nou middelen zijn die onze bindingen op chemische wijze beïnvloeden? Hoe onafhankelijk zijn we er dan nog van?
‘Ik geloof er helemaal geen ene flikker van.’

Methamfetamine verhoogt het dopamineniveau tot wel AMC-neuroloog Anneke Goudriaan sprak over deze chemische verschillen in mijn vorige stuk. 1.200 keer.
‘Ik luister al jaren niet meer naar dat soort onzin. En al was het wel zo, dan blijkt in de praktijk zo dat het maar een kleine groep mensen is die daar last van heeft. Het idee dat er chemische haakjes zouden zitten in middelen die die stoffen onweerstaanbaar maken, is gewoon flauwekul. Het verklaart namelijk niet waarom het overgrote deel nergens last van heeft. Een stof bestaat niet in een neurologisch vacuüm. Een persoon is veel meer dan zijn hersenen of zijn beloningssysteem.’

‘Veroordelen we het of niet? Stoppen we zo iemand in een Siberisch isolement en zeggen we dat er iets mis is met die persoon? Daar gaat het om’

Ook als je een actieve hersenregio laat zien?
‘Dat praatje is al een jaar of dertig oud. Stel, ik ben gek op zeilboten en ik zie op tv een race om de wereld met zeilboten. Dan is het toch niet raar als mijn gedeelte van zeilboten opgloeit?’

Sommige mensen zijn er gevoeliger voor dan anderen.
‘Ja, inderdaad. Veel mensen houden van wandelen. De meeste mensen houden van een flauwe alpenweide en er is een kleine groep mensen die het nodig vindt om de Mount Everest te beklimmen tot hun benen eraf vriezen.’

‘Alleen: als we ‘wandelen’ door ‘drugs’ vervangen, noemen we het opeens een ziekte en een probleem.’

Maar de Mount Everest beklimmen is een stuk moeilijker dan naar de buurman lopen, coke kopen en het in je neus stoppen.
‘Ja, maar beide gedragingen zijn neutraal tot wij er een moreel oordeel over vellen. En afhankelijk van hoe we als samenleving met dat gedrag omgaan. Veroordelen we het of niet? Stoppen we zo iemand in een Siberisch isolement en zeggen we dat er iets mis is met die persoon? Daar gaat het om.’

Stelling 4. Bepaalde bindingen zijn slecht

Drugs zijn slecht omdat ze ongezond zijn, zou je ook kunnen zeggen.
‘Ah, het gezondheidsfascisme. Zullen we eens onder de loep gaan leggen wat er allemaal ongezond is en waarom we er vooral bij drugs een probleem van maken?’

‘Ik heb ooit een man gekend die zei: ‘Als ik de juiste combinatie alcohol en amfetamine opheb - dán ben ik precies de man die ik wil zijn. En de gezondheidsschade die me dat oplevert, neem ik voor lief.’ Daar had die man zich bij neergelegd.’

‘Als je een verkeerde keuze maakt: voel de effecten maar. Ga maar op je bek dan’

En jongeren? Uit cijfers blijkt dat jongeren die op vroege leeftijd wiet roken later een grotere kans op verslaving hebben.
‘Hou nou eens op met dat woord verslaving! Maar: doet er niet toe, allemaal kletskoek. Seks werd ooit duivels genoemd. Toen kon men aantonen: wie op jonge leeftijd veel seks heeft, zou er op latere leeftijd niks meer aan vinden. Dat werd gebruikt om jongeren van seks te weerhouden. Pseudowetenschap als onderbouwing van morele voorschriften zijn zo oud als de wereld.’

Dus: blowen is oké zolang je je huiswerk maar doet?
‘Het proces van volwassen worden is voor een gedeelte ook weten wie je bent en wat je belangrijk vindt. Het maken van keuzes en dus ook het maken van de verkeerde keuzes. En als je een verkeerde keuze maakt: voel de effecten maar. Ga maar op je bek dan. Maar mensen informeren over keuzes en de risico’s vind ik heel belangrijk.’

De conclusies

In hoeverre krijg je bijval? Of ben je een roepende in de woestijn?
‘Niemand denkt er zo over als ik. Niemand wil het helemaal normaliseren en ont-pathologiseren. Zelfs mijn meest naaste collega’s, die zich voornamelijk in Amerika bevonden, die voelen zich niet helemaal senang bij een volkomen afscheid van die oude leer.’

‘Je moet je voorstellen dat culturen enorme veranderingen kunnen ondergaan. Als je vroeger werd gediagnosticeerd als heks, dan kon je eigenlijk je leven wel opgeven. De hele maatschappij kon niet omgaan met mensen die als heks bestempeld waren.’

‘Mensen hebben het recht op die bindingen, net als dat ze het recht hebben om er weer mee op te houden als die bindingen hun functies verliezen’

Kijk, ik kan je echt een heel eind volgen. Als ik een werkloze jonge Amerikaanse griet in een krotterige buurt met een eikel van een vriend zie vertellen dat het prima met haar zou zijn gegaan als de heroïne er maar niet was geweest, dan denk ik ook: die heroïne is op dit moment een van je minste problemen. Maar om dan te zeggen dat er geen enkel biologisch of chemisch aspect zit aan verslaving, schiet je dan niet uit de bocht?

‘Ik zou zeggen tegen zo iemand: blijf nou maar rustig heroïne gebruiken tot je een baan hebt. Ga dan kijken hoe je kunt voorkomen dat die twee met elkaar interfereren. En ga dan op zoek naar een beter huis. De verslavingsideologie wordt haar op alle mogelijke manieren bijgebracht, dus ze zal zelf geloven dat de heroïne de bron is van al haar problemen.’

‘Dus je moet mensen emanciperen. De emancipatie zal ook nooit van de bisschoppen en de kardinalen van de verslavingszorg komen. Want zij hebben hun banen door het in stand houden van die kletspraat.’

Wanneer moet je mensen helpen?
‘Mensen die in problemen terechtkomen. Dan kan je zeggen: als je coke ophebt op je werk, en je reageert daardoor op een stomme manier naar je chef, dan maak je de boel niet beter maar juist slechter. Dus als jij jezelf verdooft voor problemen en ze niet aanpakt, dan is dat niet handig voor de rest van je bestaan.’

‘Ze zouden je moeten helpen met betere keuzes te maken. Als je vroeger homo was, kreeg je twee therapieën aangeboden: eentje om weer hetero te worden, en eentje die je hielp om te navigeren door het stigma dat de samenleving erop legt. Ik pleit voor de laatste therapie.’

Denk je dat het inderdaad die kant opgaat? Dat de rechten van drugsgebruikers hetzelfde zijn als de burgerrechtenbeweging voor zwarten of voor homo’s? Een duidelijk verschil is dat je als mens een keuze maakt om een middel in je lichaam te stoppen, want ik word niet geboren als iemand die alcohol of MDMA gebruikt.
‘Je wordt geboren als iemand die bindingen aangaat. Met verschillende objecten. Soms ga je een binding aan met Piet. Soms ga je een binding aan met lsd. Soms ga je een binding aan met gamen. Soms ga je een binding aan met ballet. We worden allemaal verliefd op dingen. Welke dat zijn, ligt aan de tijd waarin je geboren wordt.’

‘Mijn punt: mensen hebben het recht op die bindingen, net als dat ze het recht hebben om er weer mee op te houden als die bindingen hun functies verliezen.’

Toch lijkt het me vervelend als je jezelf als roepende in de woestijn ziet.
‘Dat kan me helemaal niks schelen.’

Meer verhalen over drugs?

Ons beeld van verslaving klopt niet. En het bepaalt ons drugsverbod Aan het fel bestrijden van drugs kleven nogal wat nadelen. Ik onderzoek daarom of er een nieuw drugsbeleid mogelijk is. Deze maand: verslaving, en hoe we daarmee omgaan. Is het risico dat sommige mensen verslaafd raken reden om drugs helemaal te verbieden? Lees het verhaal hier terug Wat als alle drugs legaal zouden zijn? Een nieuw voorstel van de Nederlandse gemeenten luidt: wietteelt uit de illegaliteit te halen. Dat burgemeesters kritisch zijn over ons wietbeleid is mooi, maar de overheid zou veel verder kunnen gaan. Want waarom doen we nog zo krampachtig over drugs? Vanaf vandaag ga ik met jullie op zoek naar een nieuw drugsbeleid. Lees het verhaal hier terug Red Nederland, legaliseer drugs Politie en justitie besteden zeker de helft van hun capaciteit aan drugscriminaliteit. Aan wietplantages, fietsendiefstallen, autokraken, straathandel en liquidaties wordt zodoende 4,5 miljard euro per jaar besteed. Wat zou er gebeuren als we drugs zouden legaliseren? Lees het verhaal van Bart de Koning hier terug

Facebook
Twitter
LinkedIn
Whatsapp
E-mail