Wij zijn toch niet ons brein Hét Nederlandse populair-wetenschappelijke boek van de afgelopen jaren, 'Wij zijn ons brein' van hersenwetenschapper Dick Swaab, is in het Engels vertaald. In een scherp stuk houdt Zoe Williams, journaliste van The Guardian, Swaabs claims tegen het licht. Overtuigend laat ze zien hoe wankel het wetenschappelijke bewijs is voor zijn verregaande beweringen over sekseverschillen, het homobrein en het achterblijven van het IQ van adoptiekinderen. En amusant beschrijft ze hoe Swaab haar precieze kritiek wegwuift, 'alsof ik een vervelend geluid maakte.' (Tomas Vanheste) What can Dick Swaab tell us about sex and the brain (2.025 woorden)

Niet alleen in het onderwijs heerst de meten-is-wetencultuur Eerder schreef ik over de kwalijke gevolgen die een meten-is-wetencultuur kan hebben in het onderwijs, zeker wanneer ICT de mogelijkheid biedt eindeloos veel data op te slaan en te analyseren. In het intrigerende stuk 'Perverse prikkels' dat deze week verscheen in Vrij Nederland, trekken auteurs Tatiana Scheltema en Bart de Koning de problematiek breder. Niet alleen door leraren, maar ook door wetenschappers, studenten, politieagenten, artsen, verpleegkundigen en rechters wordt ‘geklaagd’ over perverse prikkels die de kwaliteit van hun werk niet ten goede komen. Een stuk dat schreeuwt om een tegenbeweging. (Johannes Visser) Perverse prikkels (2.600 woorden)

    Is het leven van armen zinvoller dan dat van rijken? The New Yorker bericht over een fascinerend onderzoek van twee psychologen. Wat blijkt: arme mensen ervaren hun leven vaker als zinvoller dan rijke mensen. Lange tijd focusten wetenschappers die geïnteresseerd zijn in welzijn vooral op geluk. Dan blijkt bijvoorbeeld dat rijke mensen gelukkiger zijn dan arme mensen en dat kinderen je (iets) ongelukkiger maken. Maar als je mensen vraagt naar zingeving, dan blijkt er nog iets anders aan de hand. Kinderen maken je misschien ongelukkiger, maar geven je ook het gevoel dat je ertoe doet – dat je leven zinvol is. Of neem armoede: 95 tot 100 procent van de inwoners van Sierra Leone en Ethiopië ziet hun leven als zinvol. In rijke landen als Japan en Spanje is dat slechts twee derde. (Rutger Bregman) Do the Poor Have More Meaningful Lives? (1.000 woorden)

Jammen met de buurman De Rotterdamse punkgitarist en auteur Jerry Hormone schreef voor het literaire tijdschrift Das Magazin een verhaal over Koos – zo’n man die aan een ‘halfje wit, een stuk leverworst en tien halve liters’ genoeg heeft op een dag. Zijn keurige buurman van accountantskantoor Schmidt, Huizert & Van Drunen nodigt Koos uit voor een jam-sessie op de zaterdagmorgen, met een biertje erbij. ‘Koos kijkt op zijn horloge. Drie voor half elf. Normaal drinkt hij niet voor twaalven. Maar ja, zo vaak komt het niet voor, dat-ie ergens voor wordt uitgenodigd.’ (Ernst-Jan Pfauth) Wat doe je als je buurman je uitnodigt om hem gitaar te horen spelen? (1.600 woorden)

Slavenarbeid in de onlinewinkel Het lijkt haast een wonder: je bestelt iets online en de volgende dag ligt het pakketje voor de deur. In de Verenigde Staten gaat thuisbezorging nog sneller. Maar daar zit een prijs aan vast. In deze podcast van Radiolab gaat de presentator op zoek naar de verborgen wereld achter de onlinebestelling. En die wereld ziet er niet heel fraai uit. Mensen worden als robots behandeld. Vaderschap leidt tot ontslag. Nieuwe werknemers vallen kilo’s af. En dat allemaal om dat ene pakketje zo snel mogelijk bij iemand thuis te krijgen. Een ontnuchterende podcast. (Dimitri Tokmetzis) Brown Box (20 minuten)

  Geert Mak versus Thierry Baudet De beste interviews zijn die gesprekken waarvan je al hoopte dat het er eens van zou komen. Wie vorig jaar Thierry Baudets bundel Oikofobie las en even later de tekst van Geert Maks Abel Herzberglezing ? een pleidooi voor 'thuis' ? onder ogen kreeg, wist dat het ooit van een gesprek tussen die twee moest komen. En nu is het al zover, nadat de twee elkaar vonden in de gedeelde wens enkele denkers aan het woord te laten in een bundel over de vraag: 'wat biedt ons een thuis?' Dagblad Trouw bracht de twee bij elkaar, toepasselijk genoeg op het panoramaterras van Schiphol. Wat volgt is een intelligent gesprek, waarin nu eens geen extreme stellingen worden betrokken, maar naar verbinding wordt gezocht. De één, Mak, twijfelt. De ander, Baudet, nauwelijks. Maar de tegenwerpingen van de jonge denker brengen de oude tot uitspraken waarin zijn wijsheid des te beter uit de verf komt. Alleen daarom al ben je blij dit te lezen. (Karel Smouter) Wachten tot de roeiboot kapseist (2.200 woorden)