Beste,

Het gaat goed met mijn onderzoek naar extreemrechts. De afgelopen weken heb ik enkele politicologen en datanerds gesproken. Langzaam kom ik tot een aantal hypothesen en begint de methodologie vorm te krijgen. Het wordt mooi, maar voordat ik er te veel over zeg, moet ik eerst het onderzoek afkaderen. Dit plaatje, dat ik van de week op Twitter tegenkwam, vat mooi samen waarom (want dit overkomt me bij ieder groot onderzoek).

De levenscyclus van een project. Zo waar, zo waar...
De levenscyclus van een project. Zo waar, zo waar...

Ondertussen heb ik veel bijgelezen. Ik beperk me niet tot de meest extreme flank van uiterst rechts, maar wil ook wat meer inzicht krijgen in andere smaken van dit gedachtegoed. Ik ben nu bezig in Populism: a Very Short Introduction van Cas Mudde en Cristóbal Rovira Kaltwasser. gaat over een breder veld dan extreemrechts. Tot nu toe kan ik het van harte aanbevelen.

Daarnaast verdiep ik mij in de alt-right. Deze beweging is, zeker sinds de Amerikaanse verkiezingen, met een enorme opmars bezig. De alt-right zet zich af tegen progressief, maar óók conservatief Amerika. Dat laatste zou niet zuiver genoeg zijn in de leer, of reeds gecorrumpeerd zijn. De alt-right daarentegen is onvervalst rechts: nationalistisch, uitgaande van blanke en mannelijke superioriteit.

In mijn vorige nieuwsbrief tipte ik al van New York Magazine, waarin de alt-right uitvoerig wordt geduid. Een aantal lezers wees me op het Media Manipulation and Disinformation Online van Data & Society.

Een goede tip. In enkele tientallen pagina’s word je niet alleen meegenomen in de maffe wereld van de alt-right, maar ook in de mediastrategie van de groepen, bewegingen en personen die zichzelf als alt-right identificeren. Die mediastrategie is waanzinnig belangrijk, want die is wat al die verschillende groepen met elkaar verbindt.

De vele subgroepjes van de alt-right, in één plaatje

Met bijzonder veel interesse heb ik daarom ook het essay The Aesthetics of the Alt-Right gelezen, van M. Ambedkar, een schrijver over wie ik vrij weinig kan vinden. Ambedkar volgde lange tijd de online rechtse groepen die zichzelf identificeren als alt-right en bekeek hoe ze zich uitten, in woord, maar vooral in beeld. In die woorden en beelden vindt hij of zij veel overeenkomsten tussen groepen die we normaliter niet zo snel met elkaar in verband brengen, zoals:

  • het Front National
  • extreemrechtse Trumpaanhangers op Reddit
  • fascisten als Julius Evola
  • transhumanisten
  • neomonarchisten
  • neoreactionairen
  • en nog veel meer

In dit plaatje zie je wat Ambedkar bij elkaar veegt.

Bron: M. Ambedkar
Bron: M. Ambedkar

Wat deze zeer uiteenlopende groepen aan elkaar verbindt is fascisme zoals Umberto Eco dat in 1995 Ur-Fascism. Volgens Eco is er geen kant-en-klaar profiel waaraan je een fascist kunt herkennen, maar moet je goed kijken naar een aantal terugkerende onderwerpen en de wijze waarop daarover gesproken wordt.

Bij de verschillende groepen die zich onder de alt-right scharen, ziet Ambedkar zes van die thema’s telkens terugkeren:

  1. De cultus van traditie, waarin een ver verleden wordt verheerlijkt (denk aan Make America Great Again, of Mussolini’s oproep een Nieuw Rome te bouwen).
  2. De angst voor seksuele, religieuze of raciale verschillen.
  3. De cultus van mannelijkheid, die zich uit in een obsessie met seksuele politiek.
  4. Een vijandigheid ten opzichte van parlementaire politiek en rede.
  5. Een geloof in permanente strijd en actie om de actie.
  6. De verheerlijking van technologie, niet op de manier zoals we de rede van de Verlichting verheerlijken, maar technologie voor verovering en bevestiging van ongelijkheid.

Ik weet nog niet wat ik van dit essay moet vinden. Ik denk dat menig politicoloog hiervan zal gruwen, want Ambedkar laat zich weinig gelegen liggen aan wetenschappelijke definities en literatuur. Maar het essay laat me niet los. Ik ben benieuwd wat jullie hiervan vinden.

Iemand die overigens overduidelijk Ambedkar heeft geïnspireerd, is Florian Cramer, lector aan de Hogeschool Rotterdam. Ook hij onderzocht de esthetische cultuur van de alt-right, in het bijzonder de memes. Ik vond deze lezing ook erg interessant.

YouTube

Meme Wars: Internet culture and the alt-right.

Deze beweging heeft soms religieuze trekjes

In een essay genaamd Apocalypse Whatever betoogt theologe Tara Isabella Burton dat de alt-right ook kan worden gezien als een religieuze beweging. begint met een beschrijving van Kek, een fictief figuur dat als grapje werd geboren in de chatruimte van het spel World of Warcraft, maar toevallig ook de Egyptische god van de chaos bleek en nu te pas en te onpas wordt aangeroepen als er online iets te lachen of vieren valt. Wordt Hillary Clinton ziek, nadat rechtse gekkies al maanden daarover speculeren? Praise Kek!

Natuurlijk weten alt-righters dat Kek geen god is, zegt Burton. Maar de wijze waarop de alt-right met memes omgaat, heeft een haast religieuze lading, of ze het nu ironisch, grappig of kwaadaardig bedoelen of niet. Ze vliegt af en toe uit de bocht (soms geeft ze het handelen van een stel trollen wel erg veel filosofisch gewicht) maar haar betoog is zeker de moeite waard.

Tot slot een totaal ongerelateerd, maar waanzinnig fascinerend verhaal van BuzzFeed waarin alles zit wat maar spannend kan zijn: moord, intrige, spionage, fraude, vastgoed, Russische maffia, Engelse maffia, geopolitiek. BuzzFeed onderzocht twee jaar in totaal veertien moorden die in Engeland hebben plaatsgevonden. De rode draad: de vermoorde mannen hadden allemaal ruzie met het Kremlin. De Engelse politie deed de moorden vaak af als ongeluk of zelfmoord, maar de inlichtingendiensten waren bezorgd. Is hier sprake van een politieke doofpot?

Oftewel: Veel leesplezier.

Op de hoogte blijven van mijn verhalen? Elke dinsdag vertel ik waar ik mee bezig ben, wat ik gelezen, gehoord en gezien heb én vraag ik jullie om hulp bij mijn producties. Schrijf je hier in voor mijn wekelijkse mail