Draco pakte Hermeliens schouders en duwde haar tegen het raamkozijn. ‘Je hebt gelijk, Griffel, ik ben niet van plan om naar jou te luisteren.’ Zijn greep was krachtig, maar zijn handen trilden niet. Ze haatte het dat hij zo kalm bleef, ze wilde dat hij net zo in de war was als zij.

En toen kuste ze hem.

Wie zijn klassiekers kent, weet dat het bovenstaande nooit heeft plaatsgevonden. Niet in de ‘canon’ van de tenminste. Het is fanfictie, geschreven door een zekere

Littledollface (die lang niet zo onschuldig is als die schermnaam) is een van de honderdduizenden schrijvende Potterfans die de personages van J.K. Rowling lenen om hun wildste fantasieën mee uit te leven in korte verhalen die ze posten op fora. Hermelien die het met aartsvijand Draco Malfidus doet, Harry die met zijn beste vriend Ron experimenteert, Hermelien die terug in de tijd reist voor een romance met de angstaanjagende Bellatrix van Detta-Zwarts (die Hermelien!).

Dat er in de miljoen fanverhalen op internet veel erotische spanning zindert, ligt voor de hand. Rowling heeft haar publiek, dat voor een belangrijk deel uit pubers bestaat, een opmerkelijk seksloos universum voorgeschoteld.

Maar binnen dat veilige universum is ruimte zat voor fantasie. Wat de overvloed aan fanfictie volgens mij vooral aanduidt, is iets wat ook miljoenen gematigder fans herkennen: in de tovenaarswereld wil je blijven hangen, liefst zo lang en intens mogelijk.

Harry Potter en de midlifecrisis

Bijna twintig jaar heeft Rowling het verhaal van Harry Potter weten te rekken. Maar na het achtste boek (dat eigenlijk een script is), Het vervloekte kind (2016), waarin we de held jaren later terugzien met een midlifecrisis (een grote schok voor vele fans), heeft de schrijver aangegeven dat het klaar is met Harry. Haar geliefde universum zal zich blijven uitbreiden, maar dan met nieuwe personages en in Amerika, waar de nieuwe filmserie Fantastic Beasts zich afspeelt.

YouTube

De trailer van de eerste ‘Fantastic Beasts’

De nieuwe verhaallijn zal ongetwijfeld vol zitten met verwijzingen naar de boeken waarmee het allemaal begon – de wilde intertekstualiteit is altijd een van de grote aantrekkingskrachten geweest van Rowlings werk. Maar wat gaat er gebeuren met die boeken zelf, die nu op onze planken staan te vergelen? Leest de generatie die opgroeide met Harry Potter ze straks nog aan hun kinderen voor? En wat hebben ze voor ons, fans, betekend?

Altijd maar weer terug naar Zweinstein

Ik zat in de brugklas toen mijn lerares Nederlands De steen der wijzen voorlas. (Ik herinner me nog hoe ze de naam Hagrid uitsprak: Noord-Hollands, met een langgerekte a en een harde g) Ik was net te oud om te hopen dat er een brief van Zweinstein voor me zou komen, maar jong genoeg om er compleet door te worden opgeslokt.

Zolang er werd voorgelezen verdwenen de grauwe muren van het lokaal en verschenen de betoverde ruimtes van Rowlings parallelle wereld, en de Grote hal van de tovenaarsschool Zweinstein.

In de jaren die volgden verdwenen er hele zomers.

Mijn fanschap is mild maar constant, en het heeft zich altijd gericht op de primaire teksten: de boeken en de films. Tot op de dag van vandaag vervullen de eerste noten van John Williams’ waarmee alle films beginnen, me met een welwillendheid om weggevoerd te worden. De diepste gesprekken die ik met mijn dertienjarige zusje voer, gaan over Harry Potter. Toen iemand van mijn leeftijd me laatst toevertrouwde dat ze zich tot de films wendt als het allemaal niet lekker loopt in haar leven, kon ik haar geruststellen: ik ken het.

Een magische deur in Utrecht

Tot het schrijven van fanfictie, of het bezoeken van een conferentie is het nooit gekomen, maar als ik eind mei naar Utrecht reis voor (die tot 2 september te bezoeken is) ben ik kinderlijk opgewonden.

In een kolossale zwarte doos van een gebouw, ingericht op drommen fans – het doolhof uit De vuurbeker is niets bij de eindeloos spiralende hekjes die de wachtrij moeten markeren – bevinden zich duizenden originele attributen, kostuums en decorstukken uit de films, theatraal tentoongesteld met licht, geluid en rookeffecten.

Voordat ik met een klein groepje de magische deur door mag, worden we op de foto gezet in Zweinstein-uniforms en krijgen we de kans om ons bij een afdeling te laten sorteren door de Een verlegen vrouw van een jaar of zestig, door haar partner naar voren geduwd, krijgt de hoed op en wordt door een stem op een bandje bij Huffelpuf ingedeeld. Ze weet haar nauwelijks te verhullen.

Het onbevredigende gevoel dat deze nepperij me bezorgt, ken ik van lang geleden in Disneyland. Waar je hoopt een magisch koninkrijk te betreden dat recht doet aan de betovering van de films, tref je toch vooral veel plastic rommel aan, een wanhopig doen alsof.

Maar de tentoonstelling zelf is onpretentieus en de moeite waard. Van dichtbij zie en voel je de overvloed aan liefdevolle details van elk object. Terwijl ik ontroerd voor de vrijetijdskleding uit een van de vroege films sta – de regenboogriem van Hermelien, haar roze t-shirtje, het slobbervest van Harry, zijn nerdy schoenen, de trui die Rons moeder voor hem breide, alles zo klein, zo afgedragen... – daagt het me waarom die mevrouw toch even op dat sorteerkrukje ging zitten. Hier is zo’n overtuigende fictieve wereld gecreëerd dat je elke kans wil aangrijpen om je er deel van te voelen.

Een andere wereld binnen handbereik

Worldbuilding heet dat, in een benaming die toepasbaar is op veel science fiction en fantasy waarin een verzonnen wereld een complete eigen geschiedenis en terminologie heeft (scenaristen noemen het ook wel ‘mythology’). Dat Rowling daar goed in is, en dat er zoveel plezier spreekt uit de manier waarop ze dat doet, is een van de redenen dat we op zulke grote schaal willen blijven terugkeren naar Zweinstein.

Hoe aanzienlijk dat verlangen is, blijkt in de cadeauwinkel bij de tentoonstelling, waar ik volwassen voor exorbitante prijzen ‘handgesneden’ toverstokken, en Zweinstein-sweaters zie kopen. Fan zijn van Harry Potter betekent niet alleen dat je het wilt lezen of ernaar wilt kijken, maar ook dat je de mogelijkheid van tovenaarschap binnen handbereik fantaseert.

Potterfan zijn betekent dat je de mogelijkheid van tovenaarschap binnen handbereik fantaseert.

En juist dat is er zo aantrekkelijk aan, zegt Nicolle Lamerichs, Potterfan en gepromoveerd in fan studies, met wie ik na de tentoonstelling een bevlogen gesprek heb over het fenomeen. ‘Rowling heeft een wereld gecreëerd die fantastisch is, maar waar je je tóch mee kunt identificeren. Dat heeft te maken met die schoolsetting, die iedereen herkent, maar ook met de manier waarop ze haar parallelle universum met de realistische wereld verweeft.’

Meer dan bij Star Wars, Star Trek of andere fictieve werelden die traditioneel ook veel geëngageerde fans trekken, kun je je bij Harry Potter voorstellen dat je bij wijze van spreken zo in je spijkerbroek van perron 9 ¾ naar Zweinstein vertrekt om er student te worden, denkt Lamerichs.

Die toegankelijkheid kenmerkt volgens haar ook het uitgangspunt van de boeken: iedereen kan een held zijn, mits je moedig, loyaal en eerlijk bent, én hulp krijgt van je vrienden. Zoals dichter en schrijver Willem Jan Otten schrijft in ‘Het is soms moeilijk om niet te gaan neuriën bij de gedachte dat er meer dan 300 miljoen mensen in aanraking zijn gekomen met een fictie waarin zoveel waars over vriendschap wordt gezegd en dus over de moed om elkaar te vertrouwen, en te vertrouwen op elkaars moed.’

Het zullen er inmiddels meer zijn dan 300 miljoen (dat cijfer stamt uit 2005). En hoewel Rowling zich in haar teksten bewust ver heeft gehouden van geijkte religieuze thematiek (sommige Christenen beweren zelfs dat de boeken satanische subtekst bevatten), vertoont haar gevolg een religieuze toewijding aan haar verhaal.

Verlangen naar gemeenschap

Daar vraagt dat verhaal ook om. Harry Potter is een prototypische kinderheld, een wees á la Oliver Twist, die zijn vroege jeugd geïsoleerd heeft doorgebracht in een trapkast. Zijn vooruitzicht is op zijn best mistig. Redding komt in de vorm van iets waar menig kind van geseculariseerde, individualistische ouders (dat veel tijd achter een computer doorbrengt) tegenwoordig naar verlangt: gemeenschap. Ergens bijhoren, ergens voor strijden.

Die gemeenschap biedt Zweinstein, in de vorm van vier ‘zuilen’,de schoolafdelingen, en vriendschappen, die voor het leven blijken te zijn en een belangrijkere rol spelen in de boeken dan welke romantische liefde dan ook.

Genoeg volwassen fans gebruiken de tekst dankbaar om hun idealen aan te scherpen en te spiegelen - en ook vaak genoeg om de huidige wereldorde te bekritiseren. In de succesvolle podcast gaan twee theologen de ‘bestverkochte boekenserie ooit’ te lijf zoals je dat met een heilige tekst zou doen: grondig, ritueel, thematisch en met de intentie er iets uit te leren wat je kunt toepassen in je leven.

‘Religiewetenschappers’, zo lichten de makers hun methodologie toe, ‘gaan ervan uit dat wat een tekst heilig maakt, niet de tekst zelf is, maar de gemeenschap van lezers die de tekst heilig verklaren. Hetzelfde geldt voor ons. We begonnen Harry Potter gezamenlijk te lezen in Cambridge (...) en we zien ernaar uit om onze gemeenschap uit te breiden via deze podcast.’

Potterfans aller landen, verenigt u

Voor een lezer die zich toch al herkent in de thematiek van het boek, biedt het Harry Potter-fanschap zo allerlei mogelijkheden om zelf tot een gemeenschap te behoren. Online fancommunity’s verenigen jongeren van over de hele wereld op een ongekende schaal (zwerkbal, dé sport van het Potter-universum, waarbij je op een vliegende bezem achter een bal aan zit, wordt ook in de echte wereld door maar liefst 500 teams gespeeld in 26 landen, compleet met ‘vliegende’ bezems).

Rowlings werk kwam precies op het goede moment om de vruchten te plukken van een zich razendsnel ontwikkelend internet. In 1997, toen De steen der wijzen verscheen, vervijfvoudigde het aantal internetgebruikers van 19 naar 100 miljoen , tenminste).

De bloeiende fancultuur die daardoor werd gefaciliteerd – en waaraan Rowling bijdroeg door fanfictie toe te juichen – is een van de belangrijkste culturele nalatenschappen van de Pottergekte. Waar hardcore fanschap eerder iets was voor en andere nerds, iets waar je je voor zou kunnen schamen, werd het met de alomtegenwoordigheid van Harry Potter geaccepteerd om je kennis van en toewijding aan een popcultureel fenomeen tentoon te spreiden.

We hebben het hier over een cultureel icoon met bloempotkapsel, een uilenbril en oude kleren

Het woord ‘nerd’ en de bijbehorende deugden hebben in de jaren waarin we Harry groot zagen worden bovendien een positievere lading gekregen. Onder invloed het Steve Jobs-imperium, uiteraard, dat de slimme buitenstaandermentaliteit groot maakte. Maar ook Harry en zijn entourage zelf hebben er aan bijgedragen. We hebben het hier immers over een cultureel icoon met bloempotkapsel, een uilenbril, oude kleren en een beste vriendin die dingen zegt als ‘ik ga naar bed, voordat we vermoord worden. Of erger: geschorst!’

YouTube

Goed, niet iedereen kan uit zijn hoofd hoeveel procent van Voldemorts ziel er in ieder Gruzielement zit, maar praten over Harry Potter, wordt net als praten over Lord of the Rings, Game of Thrones of, vooruit, Battlestar Galactica niet meer met opgetrokken wenkbrauwen bekeken.

Dat is een bredere trend, denkt Nicolle Lamerichs, waarvan Harry Potter aan de wieg staat: een steeds groter publiek dat raakt met zijn entertainment – erover leest, erover discussiëert, er over maakt. ‘Met de opkomst van social media, streamen en bingewatchen zijn we allemaal langduriger en intensiever bezig geraakt met de media die we consumeren. Van veel nieuwe series zie je ook dat ze erop gemaakt zijn om fanschap te dienen en te cultiveren.’

Harry Potter en de toekomst van het lezen

Jongeren spelen hier een hoofdrol in. Veel levendige fanschappen centreren zich tegenwoordig rond entertainment voor een jonge markt. Dat kunnen tv-series zijn, maar vaak ook boeken. Want ook het Young Adult-literatuurgenre (YA), waarin dikke boekenreeksen de dominante vorm zijn geworden, heeft een gigantische vlucht genomen na Harry Potter. YA behoort sinds een paar jaar tot de van het uitgeven; fangemeenschappen dragen daaraan bij.

Potter-fanschap, Slate-criticus Laura Miller, heeft een hele generatie lezers geleerd hoe ze evangelisten kunnen zijn voor de boeken die ze bewonderen. Je zou kunnen zeggen dat Rowlings werk daarmee een hele generatie aan het lezen heeft gekregen en gehouden. Het is in ieder geval niet overdreven om te stellen dat Harry Potter de uitgeverswereld een impuls heeft gegeven waar deze na twintig jaar nog steeds van profiteert.

Of we evangelist genoeg zijn om onze kinderen over een jaar of tien nog in de vervoering mee te trekken, moet nog blijken. ‘Het is een slimme zet van Rowling dat ze haar universum met Fantastic Beasts mee laat groeien met de fans,’ zegt Lamerichs. ‘De personages in de nieuwe films zijn ouder, de thematiek minder gericht op adolescenten. Maar of de oorspronkelijke boeken zo tijdloos zijn als bijvoorbeeld die van Roald Dahl…’

Tijdloos of niet, de Potterboeken hebben de wereld van ons nageslacht in ieder geval gemaakt tot een wereld waarin jongeren erbij horen als ze lezen (dat dreigde echt anders te lopen) en waar ze elkaar kunnen vinden in een gedeeld verlangen naar gemeenschap.

Illustraties: Alex Schubert

Illustraties: Alex Schubert

Meer lezen over het moderne leven?

OMG. M’n moeder gebruikt emoji 😂 (Of: waarom 💩 taalverrijking is) Welke ervaringen scheppen het moderne leven? 😂 , bijvoorbeeld. De emoji is voor velen niet meer weg te denken uit het dagelijks taalgebruik. Hoe is dat zo gekomen? En moeten we dat zien als taalverloedering? Lees het verhaal van Nina hier terug Nog ééntje dan... Waarom we series bingewatchen Welke ervaringen scheppen het moderne leven? Eindeloos series kijken, bijvoorbeeld. Bingewatching is hét tijdverdrijf voor een generatie die tegelijkertijd hypersociaal en geïsoleerd is. Lees het verhaal van Nina hier terug Hoe Airbnb ons helpt om nooit meer toerist te zijn Welke ervaringen scheppen het moderne leven? Airbnb, bijvoorbeeld. De miljardenstart-up die reizen voorgoed veranderd heeft door te appelleren aan het diepste verlangen van de toerist: geen toerist zijn. Lees het verhaal van Nina hier terug