Als je een blikje over de weg voor je uit blijft schoppen, gebeurt uiteindelijk een van deze twee dingen: het blikje valt uit elkaar, of je komt bij het eind van de weg. De brexit koerst rap op dat punt af, althans, dat gevoel heb ik. Zoals het nu gaat, kan het niet veel langer.

In sommige opzichten is er veel gebeurd sinds december vorig jaar. De scheidingsregeling is immers rond. In de woorden van premier Theresa May en Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, is er daarom van de onderhandelingen. Met de scheidingspapieren getekend ligt de weg open voor het volgende onderdeel: de toekomstige relatie.

In andere opzichten heeft zich helemaal niets speciaals voorgedaan.

Het post-brexit-beeld blijft onduidelijk

Vergaderingen zijn gehouden, in Brussel en in Westminster. Toespraken zijn geschreven, rapporten uitgebracht. Debatten zijn gevoerd, meestal tandenknarsend. Ontelbaar veel voorpagina’s gemaakt en opiniestukken geschreven.

Het heeft allemaal niet voor duidelijkheid gezorgd. Twee jaar nadat Groot-Brittannië voor het verlaten van de EU stemde, zijn we nog niet eens in de buurt van een helder beeld van hoe de brexit er nou eigenlijk uit gaat zien. Intussen baart dat een toenemend aantal mensen, ernstige zorgen.

Op papier lijkt de brexit lekker te lopen. Volgens het conceptakkoord voor vertrek uit de EU betaalt het Verenigd Koninkrijk 40 miljard pond, beschermt het de rechten van EU-burgers binnen Groot-Brittannië - tot innige tevredenheid van EU27 - en vindt het een oplossing voor problemen met de Ierse grens (maar daarover straks meer). Gesprekken over het allerlaatste deel van dat vertrekakkoord, een ruwe schets van de toekomstige relatie, zijn in de maak.

Als (let wel, áls) tijdens de EU-top het akkoord van concept naar definitief gaat, keert het Verenigd Koninkrijk uiterlijk op 29 maart officieel de EU de rug toe. Hoewel, eerst komt er een overgangsfase van twintig maanden, waarin eigenlijk alles blijft zoals het was. Daarna, we tellen dan januari 2021, begint de brexit pas echt. In theorie.

Geen vertrek, geen overgang en geen deal

Tot dusver alles prima. Tot je wat dieper graaft. dat er overeenkomst is over 75 procent van de vertrekakkoordtekst. De moeilijkste punten staan, uiteraard, in die resterende 25 procent. Daarbij: er is geen sprake van een overeenkomst tot men het over alles eens is. Volgens die logica betekent geen vertrekakkoord ook geen overgangsperiode. En dat houdt weer in dat Groot-Brittannië straks in maart met een knal de EU verlaat, zonder deal.

Blijft Groot-Brittannië zo dicht mogelijk tegen de EU schuren om de economische klap te verzachten, of stevent het af op een hard, schoon, ideologisch vertrek?

Alles bij elkaar opgeteld kan er nog akelig veel misgaan.

‘Een brexit zonder nadelen, alleen maar voordelen’

Deze crash-in-wording rust op een redelijk simpele observatie: het soort brexit dat het Britse volk is toegezegd, een waarbij het Verenigd Koninkrijk (ik citeer hier brexit-minister David Davis), een brexit is onhaalbaar.

Het is nooit haalbaar geweest. Zeker niet zolang de regering de brexit definieert als Groot-Brittannië grofweg wegrukken uit de Europese interne markt, de douane-unie én het Europese Hof van Justitie. In de woorden van brexit-aanhangers heet dat ‘de controle terugnemen over onze grenzen, onze wetten en ons geld’.

Het probleem is dat niemand in de regering dat wil toegeven.

Hé blikje, hallo weg.

‘De EU-kant moet alles veranderen’

Groot-Brittannië weigert nog altijd ‘(...) Mijn indruk is dat Groot-Brittannië vindt dat alles aan de EU-kant moet veranderen, zodat alles aan onze kant hetzelfde kan blijven.’

De EU is echter een uiterst complex juridisch construct, dat in de loop van een halve eeuw pijnlijk nauwkeurig in elkaar geknutseld is tot maximaal wederzijds voordeel van de lidstaten. Dus, ‘Wat Brussel nu wil van Groot-Brittannië is een realistisch voorstel dat de structuur en integriteit van de EU respecteert. Het Verenigd Koninkrijk vertrekt uit de EU, niet andersom. Als het de deur achter zich dichttrekt, kan het niet van ons vragen te veranderen wie we zijn en hoe we te werk gaan.’

Brutale borrelpraat van brexiteers

In plaats van realistische voorstellen krijgt Brussel tot nu toe alleen maar brutale borrelpraat te horen van brexiteers, wier woeste fantasieën in geen enkele verhouding staan tot de werkelijkheid. Dat zegt althans Sir Ivan Rogers, die onlangs plotseling opstapte als EU-ambassadeur, nadat hij jarenlang aan een regering die duidelijk niet wilde luisteren probeerde uit te leggen hoe de EU werkt en welk type brexit in dat licht bezien wel haalbaar was.

‘Hoe eerder we ons realiseren dat perfecte keuzes niet bestaan, dat er een grote, grijze ruimte zit tussen soevereiniteit en markttoegang, dat er een verschil is tussen de notie van controleverlies en de daadwerkelijke materiële gevolgen van controleverlies, hoe beter het is voor het Verenigd Koninkrijk.’

Nergens is het verschil tussen fantasie en realiteit zo groot, de weg zo kort en het blikje zo gedeukt als op de grens met Ierland. De Ierse grens is het grootste obstakel op weg naar een succesvolle afronding van het vertrekakkoord en het waarschijnlijkste bommetje onder de brexit.

Het is duivels complex, natuurlijk, maar heb een paar alinea’s geduld met me, want het laat perfect zien waarom het brexit-proces, twee jaar na het referendum en negen maanden voor Groot-Brittannië zou opstappen, tergend op weg is naar nergens.

Samenvattend: vanwege een kan er post-brexit geen harde grens met douane en slagbomen komen tussen Noord-Ierland en de Republiek.

Het Verenigd Koninkrijk beeldt zich nog steeds in dat een nooit eerder vertoond vrijhandelsakkoord tot de mogelijkheden behoort, ondanks ferme tegenspraak door de EU, dat zulks onmogelijk acht vanwege Mays gehamer op het verlaten van de interne markt, de douane-unie en het Europese Hof van Justitie.

Noord-Ierland kan de harde grens vermijden, belooft May

Om Brussel en de Republiek een beetje gunstig te stemmen, beloofde May dat Noord-Ierland op een of andere manier op één lijn blijft met de Europese interne markt en de douane-unie, en dat die harde grens er niet komt.

Om brexiteers en de gunstig te stemmen, en die heeft ze nodig om een parlementaire meerderheid in Westminster te garanderen, heeft May beloofd de grens tussen Noord-Ierland en Groot-Brittannië niet naar de Ierse zee op te schuiven als het gaat om douaneregels: dat tast de grondwettelijke eenheid van het Verenigd Koninkrijk aan.

Er is nu een noodplan voor het noodplan, dat vanzelfsprekend ook niet zal werken

Je hoeft geen genie te zijn om te zien dat deze beloften elkaar bijten. Of dat er geen voor de hand liggende oplossing ligt te wachten. In haar toenemende wanhoop kwam de regering tot dusver met twee tijdelijke oplossingen op de proppen, die Brussel direct van de hand wees als ‘magisch denken’. Daarom is er nu een noodplan voor het noodplan, dat vanzelfsprekend ook niet zal werken.

Met die tikkende klok op de achtergrond gieren de zenuwen ondertussen de pan uit. Zo waarschuwt de belangrijkste zakenlobby van Groot-Brittannië dat delen van de dragen May op te kiezen, en snel een beetje.

dat de brexit ieder Brits huishouden nu al 900 pond heeft gekost. denkt dat een verkeerde grensregeling het land 20 miljard pond per jaar kan kosten.

Volgens met drie mogelijke brexit-scenario’s valt in de op één na slechtste optie de haven van Dover om, waarop in enkele dagen tijd een

Brexit-dividend? Welk brexit-dividend?

En toch, toch overheerst het blinde optimisme. Theresa May beloofde afgelopen weekend 20 miljard pond naar de nationale gezondheidszorg toe te harken. Dat broodnodige geld komt deels van het zogenaamde ‘brexit-dividend’. Maar dat bestaat niet, zeggen overheidsfunctionarissen en vrijwel iedere gerespecteerde onafhankelijke economische denktank, omdat elke vorm van brexit de economie zo’n klap uitdeelt dat het zeker 15 miljard pond per jaar aan publieke middelen - belastinginkomsten dus - opsnoept.

En dan is er nog de politiek. Ah, de politiek. overleefde de premier ternauwernood een serie essentiële stemrondes in het Lagerhuis over cruciale brexit-onderwerpen. Met name die over de douane-unie en welke rol het parlement toevalt als de volksvertegenwoordigers de definitieve brexit-deal van de regering verwerpen.

die ze niet kan nakomen zonder de steun van de puristen te verliezen.

Intussen laten de opiniepeilingen al maanden een lichte beweging wég van de brexit zien. Tegenstanders hebben nu met 52 procent een kleine meerderheid. Hoewel 62 procent van de Britten vindt dat de regering de brexit slecht aanpakt, zijn de meeste niet van gedachten veranderd. Degenen die nu voor ‘blijven’ zouden stemmen zijn vooral mensen die in juni 2016 niet stemden.

Het einde van de weg in zicht

Met verbazingwekkend succes schopt Theresa May al twee jaar het brexit-blikje de weg af. Met elke trap loopt de beloofde brexit een nieuwe deuk op. Het ziet er verdomd verfomfaaid uit, ondertussen, zelfs in de ogen van de gelovigen. Met een standvastige EU27, die het Verenigd Koninkrijk aan zijn eigen deadline gaat houden, een reeks belangrijke brexit-stemmingen en een overtuigende meerderheid in het parlement voor de zachtst mogelijke brexit, komt het einde van de weg heel rap in zicht.

Met blikjes schoppen redden we het niet. Het is tijd voor echte beslissingen, waarvan de gevolgen niet te overzien zijn.

Jon Henley is Europacorrespondent van The Guardian. Dit stuk schreef hij in het Engels voor De Correspondent. Vertaald naar het Nederlands door Laura Weeda.

Meer lezen?