Beste,

Afgelopen vrijdag was het weer zover: het Algemeen Dagblad publiceerde zijn jaarlijkse Ziekenhuis Top 100.

Of, ahum, de top-70, want meer kon ik er niet vinden op (Er waren nog elf ziekenhuizen die geen score kregen, maar 70+11 is nog steeds geen 100.)

Die 70 is wel mijn minste bedenking bij de lijst. Want laat ik er maar duidelijk over zijn: na de oliebollen en de haring mag van mij ook de ziekenhuisranglijst afgeschaft worden.

Een eerste bezwaar: de plek in de ranglijst zegt weinig over het volgende jaar. Bedrijfskundige Herm Joosten dat een ziekenhuis gemiddeld 20 plaatsen daalt of zakt bij elke nieuwe ranglijst. (De cijfers van 2018 zijn nog niet in deze berekening meegenomen.)

Soms was dat wel erg extreem. ‘Nij Smellinghe gaat van plaats 32 in 2014 naar plaats 3 in 2015’, schrijft Joosten, ‘en vervolgens naar plaats 71 in 2016 om in 2017 te eindigen op plaats 4.’ In de nieuwste ranglijst staat het ziekenhuis op 20.

Dat kan deels verklaard worden doordat de lijst van criteria telkens verandert. Maar wat zegt het nog over daadwerkelijke kwaliteit als een ziekenhuis zo kan zwalken?

Nog een probleem: de verschillen tussen de ziekenhuizen zijn erg klein. Voor 46 ziekenhuizen in de nieuwe lijst geldt dat het verschil met de voorganger kleiner is dan 1 procentpunt. (Dit berekende ik zelf, vind je mijn cijfers.)

Dat is klein – te klein – als je bedenkt dat er altijd ruis in dit soort data zit, bijvoorbeeld door fouten in metingen. Bovendien worden er keuzes gemaakt in de methodologie. Als een onderdeel net wat zwaarder was gewogen, dan zou het ene ziekenhuis zomaar – floep – een paar plaatsen hoger of lager uit kunnen komen.

Maar mijn grootste bezwaar is het idee om überhaupt ziekenhuizen in een ranglijst te zetten. Ik vind het belangrijker dat we goede zorg hebben dan dat het ene ziekenhuis beter is dan het andere.

Daarom nog een cijfertje: 2018. Wat mij betreft het laatste jaar van de AD-Ziekenhuis Top 100.

#ontcijferen

De Ziekenhuis Top 100 was een van de vele voorbeelden die langskwam naar aanleiding van Daarin vroeg ik naar voorbeelden van verkeerd gebruik van cijfers. Ik kreeg veel reacties in de bijdragesectie en via Twitter, dank daarvoor!

Een greep. Een wiskundige schreef over een verslaggever die mensen naar hun mening vroeg over het openbaar vervoer. Niet bepaald een representatieve peiling dus.

Een wetenschapsjournalist vertelde dat de NOS laatst dit ‘WNF: populaties wilde dieren wereldwijd met 60 procent afgenomen’. Maar, vertelde hij, dat is (WNF legt het zelf uit in bij het rapport.)

Een onderzoeker naar duurzame energiesystemen dat bedrijven reclame maken dat ze een bepaald percentage ‘duurzame energie’ gebruiken, maar vaak hebben ze het dan alleen over elektriciteit. Terwijl elektriciteit maar een deel is van ons energiegebruik.

‘En de keren dat het dan wél echt over energie gaat en die organisaties heel goed bezig zijn, realiseert men zich niet hoe fantastisch dat dan is.’

Blijf je voorbeelden delen! Dat kan in of via sociale media met #ontcijferen.

Tot slot...

...was ik afgelopen weekend te gast bij op de Vlaamse Radio. Een erg tof programma (en niet alleen omdat aan het begin van de uitzending een fles bubbels open werd geknald).

Deze nieuwsbrief liever in je inbox? Als correspondent Ontcijferen onderzoek ik de getallenwereld. In mijn nieuwsbrief houd ik je op de hoogte van wat ik schrijf, zie, hoor en lees. Een vast onderdeel: #NerdAlert, voor de getallenliefhebbers. Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief