Het recept was de havo lang hetzelfde. Op vrijdagmiddag uit school langs de Zeeman voor een five-pack budgettangaslips. Labels eraf trekken aan de voet van de Sint Jan, een van de strings die verloren gaat door een onvoorzichtige sigaret.

Naar binnen glippen langs de portier, die was af te leiden met een wijzende vinger in de verkeerde richting. ‘Wow maat, vechten daar!’

Dan in een rechte lijn naar de ronddraaiende bar van de après-skihut. Naar de barman, op zijn arm een getatoeëerde Bacardi-vleermuis die zwanger lijkt door een opbollende spierbal.

Dan kwam het bukken, het moeilijk kijken, het doen alsof we een slipje uit onze broek trokken – even daarvoor netjes in de achterzak van onze Replay-broeken gepropt. Wie haar string inleverde, kreeg een gratis shotje.

En bij het uitdelen van dat shotje, Malibu-Fristi op een slechte dag, pure Safari op een goede, startte de dj steevast hetzelfde nummer in. De soundtrack van Den Bosch in 2004, officieus volkslied van morsigheid, puberangst en chemisch ingegeven overmoed: van DJ Kicken.

De tekst, gezongen in hartverwarmend steenkools:

I get drunk and I stumble to my phone,
to call just up my girl
(ja echt)
to bone when I’m alone.
Oh no, she’s drunk too,
I only got to kiss
Only when I`m drunk I sing a song like this

‘Cause there ain’t ain’t ain’t ain’t ain’t
‘Cause there ain’t no party, like an alcoholic party

(Herhaal 3x)

Na een keer of vijf dit ritueel, per direct verliefd worden en tongen met kauwgom tegen je verhemelte, een huilbui van de een of de ander, was het etenstijd. Op de fiets naar huis, naar pa en ma. Aan tafel schuiven, het linkeroog in de rechterbroekzak, op je flikker krijgen.

Dan, in pyjama, een laatste heldhaftige ‘vanavond weer hè’-sms naar alle anderen die er vanmiddag waren, tevens gesneuveld rond het achtuurjournaal.

En dan op maandagochtend tijdens Frans allemaal hetzelfde verhaal ophangen: ‘Ik was er gewoon hoor vrijdagavond, waar was jij? Volgende week wel ’s avonds komen, jonge.’

De lucht is heet van opwinding

Het is weer vrijdagavond, eentje in 2019 nu. DJ Kicken produceerde nooit een liedje over xtc, maar had hij het gemaakt, dan hadden ze het nu mogen draaien in het voormalig patronaatsgebouw waar we dansen. In plaats daarvan klinkt techno, melodisch en orkestraal aan het begin van de avond, indringend pulserend dieper in de nacht.

De gewelfde lampen aan het plafond bewegen mee met dat sentiment, van geruststellend golvend pastel tot steeds heftiger flikkerend rood. Boven is een ruimte met hoogpolig tapijt en zachte wandbanken, beneden de dansvloer, de lucht vochtig en heet van opwinding. Naast wat glas in lood het helle licht van de toiletten. Ik ga in de rij staan, zal straks vast een keer moeten.

Voor me haalt een vrouw haar hand door een geurige bos gouden krullen. Ze neuriet. De rij raadt. Dikkertje Dap wordt geopperd. Het Koningslied. Dat deuntje dat Omar uit The Wire fluit De gouden lacht en schudt haar hoofd. ‘Raad nog eens.’

Ik spits mijn oren en glip plots langs de portier van de skihut, in mijn achterzak de opgepropte string. Vreemd, maar niet erg. Op zo’n nacht is immers niet alles meer wat het lijkt – die gehurkte man met capuchon blijkt bij nadere inspectie een stoel, en dat vuurwerk uit de plafondlampen bestaat vermoedelijk ook niet.

Alcoholic party!’ Het meisje voor in de rij raadt het, krijgt een enorme knuffel van de vreemde naast haar, die zo blij is dat ze het weet. Dan zet de gouden het eerste refrein in, niemand kent de tekst, iedereen zingt mee. Even later zingt zowel de mannen- als vrouwenrij mee, af en toe valt iemand in – ‘Jezus dat is lang geleden!’, ‘Haha, wow’ of ‘to bone when I’m alone’.

Ze zeggen dat muziek een van de laatste dingen is die uit het brein vertrekt

Ze zeggen dat muziek een van de laatste dingen is die uit het brein vertrekt. Dat zelfs mensen met ernstige vormen van dementie nog opleven wanneer ze de muziek van hun jeugd horen. DJ Kicken is ook nog niet vertrokken uit de hoofden van de mensen om me heen, nu dansend tussen glas in lood, toen tongend met kauwgom tegen hun verhemelte.

Voor even is het hier de skihut, inclusief gebroederlijk gebral, weliswaar vriendelijker dan toen, beleefder, gekleurd door een ander soort chemisch ingegeven emotie.

Het zijn andere mensen, vreemden, op andere muziek, vijftien jaar na dato. En toch voelt het alsof een ooit gemaakte belofte eindelijk is ingelost. We zijn eindelijk allemaal teruggekomen op vrijdagavond.

Meer lezen?

Iemand die ik niet ken: Kind Elke maand schrijf ik over een ontmoeting met iemand die ik niet ken. Een moment dat de betovering verbrak of het ongrijpbare verklaarde. Deze ontmoeting speelt zich af tegen een decor dat door Google wordt vertaald als ‘schijnvertoning’. Dat blijkt niet zo heel ver bezijden de waarheid. Lees het verhaal van Vera hier terug
Iemand die ik niet had willen kennen Heel vet: mijn verhaal is genomineerd voor de European Press Prize in de categorie opinie! Het gaat over de man die elke vrouw lijkt te kennen, maar liever nooit had ontmoet. De aanrander, de nafluiter, de hashtag. Lees het verhaal van Vera hier terug