Egbert Jan van Bel is een ondernemer met een sjaaltje, die twaalf jaar geleden een vakantiepark kocht: Reewold. 173 kavels in totaal, met 173 chaletjes, vlak aan het Veluwse bos – een van de 62 vakantieparken in Putten.

Het heeft wat moeite gekost hem te spreken – hij is bang dat ik weer zo’n negatief stuk over vakantieparken zal schrijven, terwijl hij zich juist op de toekomst wil richten.

We zitten in een container bij de ingang van het park. Als hij weer winst gaat maken, wil Van Bel er weer een mooie receptie neerzetten. Staat voor dit jaar op de planning. Als de gemeente een beetje meehelpt.

Een mooi verdienmodel

Destijds was het een zakenrelatie van hem die emigreerde vanwege een ziekte, en hem aanschoot. ‘Ik heb twee parkjes voor je te koop. Is dat niet wat voor jou? Dat is hartstikke leuk.’

Van Bel had toentertijd, met een vriend, een bedrijf in marketing- en businessopleidingen en een digitale uitgeverij. Ervaring met recreatievastgoed hadden ze niet. ‘We dachten: dit is een keer wat anders. Zoals Pippi Langkous zegt: “Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.”’

Hij zag er dus wel wat in. Van Bel: ‘Ik vind vastgoed gewoon leuk. Toen ik in Amsterdam woonde, heb ik ook dingetjes ontwikkeld en verzameld. Dit vond ik ook wel weer leuk om te hebben. Het is een mooi bezit.’

Dat wil zeggen: de infrastructuur was zijn bezit. De wegen, de waterleidingen, want de grond en de huizen waren in bezit van de parkbewoners. Het merendeel van hen woonde er permanent.

In de jaren negentig veranderden veel vakantieparken in Nederland in clandestiene woonwijkjes

‘Het was een soort woonwijk waar mensen lekker rustig konden wonen en van de natuur konden genieten, in plaats van in Rotterdam driehoog achter in Crooswijk te moeten wonen.’ En eerlijk is eerlijk, ook het verdienmodel trok hem. ‘Je hebt een permanente inkomstenstroom. Je moet zorgen dat het park er netjes bij blijft staan en je goed contact hebben met de bewoners. En daar stuur je een factuur voor.’

In de jaren negentig veranderden veel vakantieparken in Nederland in clandestiene woonwijkjes. Voor investeerders was het een interessant beleggingsobject. Voor bewoners was het een oplossing voor acute woningnood of de vervulling van de droom vrij en in de natuur te leven. Gemeenten stuurden er mensen naartoe die in de stad of het dorp niet te handhaven waren.

Omdat wonen er eigenlijk niet mocht, lagen de prijzen wat lager dan die van reguliere huizen. En wie in een vakantiehuis wilde wonen, kon er vaak de volgende dag nog terecht.

Daar ligt de oorzaak voor de problemen waar vakantieparken in Nederland tot op de dag van vandaag mee kampen. Een derde van de vakantieparken in Nederland heeft geen toekomstperspectief of weinig recreatieve waarde. Op de Veluwe liggen bijna vijfhonderd vakantieparken. Zo’n 20 tot 25 procent is excellent, 60 tot 70 procent heeft een duwtje in de rug nodig en 0 tot 15 procent heeft geen perspectief als vakantiepark.

De huisjes zijn weinig meer waard

In Putten besloot de gemeente in 2014 in te grijpen. Er kwamen steeds meer signalen binnen dat er op de parken criminelen woonden, dat er wiet werd gekweekt en vrouwen tippelden. De gemeente wilde de parken hun recreatieve functie weer teruggeven. Permanente bewoning moest tegengegaan worden.

Het ingrijpen van de gemeente was succesvol: veel bewoners vertrokken.

Maar die lieten wel een nieuw probleem achter: mensen vertrokken wel, maar lieten hun chalet achter zonder het te verkopen. De huisjes waren namelijk een stuk minder waard geworden, dus wie verkocht zat met een flinke restschuld.

Van Bel: ‘Het zijn allemaal individuele gevallen, en ik moet ze allemaal oplossen.’

Van sommige oud-bewoners heeft Van Bel een mogelijk adres. Voor zijn werk rijdt hij door het land, en als hij in de buurt is, belt hij aan.

‘Dan kom je bij zwaar demente mensen, en moet je met de hulpverleners praten.’

‘Dan zeggen de kinderen: “We willen een ton hebben voor dat ding.”’

‘Dan zeg ik: “Hebben jullie dat ding gezien?!”’

Of hij gaat naar de bank. Want sommige huisjes zijn nog maar vijfduizend euro waard, terwijl er een hypotheek van dik veertigduizend euro op zit. Dan zegt de bank: ‘Als we de eigenaar vinden, moet-ie betalen.’ Maar eigenlijk stoppen ze er geen tijd meer in, het zijn kansloze gevallen.

Dus zit Van Bel met heel wat kavels en huisjes die steeds meer vervallen raken, van eigenaren die niet op te sporen zijn. Onlangs kon Van Bel wel dertien van de in totaal 173 kavels opkopen. Hij wil graag hulp van de gemeente, en krijgt die ook: voor duizend euro heeft Putten een coach beschikbaar gesteld die hij voor 40 uur kan inschakelen om hem te helpen het park weer op te bouwen.


En nu verder?

De coach die Van Bel heeft is een van de acties die voortvloeien uit het project Vitale Vakantieparken, waarin elf gemeenten op de Veluwe samenwerken om de vakantieparken hun recreatieve functie weer terug te geven. Van Bel is er erg blij mee.

In het Dromenlab Putten komen betrokkenen bij de toeristische en recreatiesector van Putten bijeen om de gemeente aantrekkelijker te maken voor toeristen en recreanten. Putten verschilt ten opzichte van andere dorpen in de omgeving door z’n dorpse karakter, rust en goede sauna.

De eigenaren van de vakantiehuizen op Reewold vulden op de nieuwjaarsreceptie een enquête in over de toekomst van het park. Ze willen er een groen en rustig park van maken, zonder hangplekken of kinderspeelplaats.

Onlangs kocht een jong stel een huisje op Reewold en knapte dat helemaal op. Een teken dat de recreanten langzaamaan weer terugkomen. In een hoek van het park heeft iemand twee kavels naast elkaar gekocht: een voor het huisje, en een als tuin. Meer ruimte, dat is de toekomst van het vakantiepark. En een paar permanente bewoners om een oogje in het zeil te houden op het park, daar zou hij geen moeite mee hebben.

Zo proberen gemeente en ondernemers er na decennia halfslachtig overheidsbeleid weer wat van te maken in Putten. Opdat de Veluwe in de toekomst weer aantrekkelijk wordt voor recreanten. Van Bel hoopt dat Reewold die toekomst mag meemaken. Maar eerst maar eens een nieuwe receptie.

Meer lezen?

De beelden bij dit stuk komen uit ''t Beloofde Land', een project over vakantieparken in Nederland van fotograaf Suzanne Valkenburg, kunstenaar Sara Kolster en schrijfster Eefje Blankenvoort. De foto's (zoals bovenstaande foto van 't Beukenhof) zijn gemaakt door Suzanne Valkenburg  en de ansichtkaarten zijn verzameld door Sara Kolster en Eefje Blankenvoort. De beelden bij dit stuk komen uit ''t Beloofde Land', een project over vakantieparken in Nederland van fotograaf Suzanne Valkenburg, kunstenaar Sara Kolster en schrijfster Eefje Blankenvoort. De foto's (zoals bovenstaande foto van 't Beukenhof) zijn gemaakt door Suzanne Valkenburg  en de ansichtkaarten zijn verzameld door Sara Kolster en Eefje Blankenvoort. Hoe het vakantiepark een verlaten woonwijk werd Rein en Wil woonden jarenlang met veel plezier op een Veluws vakantiepark, dat in bijna alles leek op een reguliere woonwijk. En zij waren lang niet de enigen die zo de drukke Randstad konden ontvluchten. Tot ze ineens op straat stonden. Lees het verhaal hier